Lagerhuis wil af van lintjesregen

Wat heeft Bond-acteur Sean Connery gemeen met Richard Dearlove, de vertrekkende chef van de geheime dienst MI6, behalve dat ze allebei hun brood met fictie verdienen? Zowel Connery als Dearlove mogen Sir voor hun naam zetten.

De 73-jarige Schot ontving de ridderslag vier jaar geleden van de Britse majesteit, ,,wegens verdiensten voor de film en de toneelkunst''. De ridderslag die Dearlove (59) een jaar later kreeg was niks bijzonders: veel hoge ambtenaren worden na een aantal dienstjaren Knight Commander in de orde van St.Michael en St.George (KCMG) en kunnen dan gekscherend zeggen: ,,Kindly Call Me God''.

Maar als het aan een groep Britse parlementariërs ligt, verdwijnen binnen vijf jaar de Sirs en Dames, hun vrouwelijke evenknieën, en nog vijftien andere traditionele onderscheidingen. Want een vaste Lagerhuiscommissie vindt dat de bestaande honours ,,ondoorzichtig'' zijn, een ,,ouderwetse preoccupatie met rangen en klassen in stand houden'', blanke mannelijke ambtenaren voortrekken en worden gebruikt ,,als politiek glijmiddel''.

Volgens de commissie zijn zelfs de populairste lintjes, Officer respectievelijk Member in de Orde van het British Empire, MBE en OBE, ,,onacceptabel'', omdat het Empire niet meer bestaat en omdat veel mensen zouden vinden dat de onderscheiding ,,waarden belichaamt die niet door veel mensen worden gedeeld''. `OBE' mag wel blijven, maar moet komen te staan voor Order of British Excellence, aldus de groep. Die zou net zo vaak worden toegekend aan wijkverpleegsters als aan diplomaten, zei Tony Wright, de Labour-parlementariër die de groep voorzit.

De Britse onderscheidingen zijn al langer controversieel, vooral als een paar keer per jaar blijkt wie wel en niet in de prijzen is gevallen, en waarom. Begin dit jaar lekte uit dat de lintjescommissie, die in het geheim vergadert, had overwogen tennisser Tim Henman met nieuwjaar een onderscheiding te geven om de lijst wat meer `pit' te geven. Colin Blakemore, een topmedicus, was daarentegen afgevallen omdat hij vóór dierproeven is en controverse zou oproepen.

De hervormingen beloven, als ze doorgaan, net zo controversieel te worden. Volgens sommigen, zoals de schrijver J.G.Ballard, is het hoog tijd dat ,,deze kerstboomversiering'' verdwijnt. Anderen, onder wie Conservatieve politici, noemen het ,,absurd'' dat een systeem waarvan de waarde ,,algemeen wordt begrepen'' zou worden vervangen door iets wat ,,grijs en saai'' is.

Of de Orde van de Kouseband (1348), de Orde van de Distel (1687), de Orde van het Bad (1725) en de Most Exalted Order of the Star of India (1861) en nog een handvol medailles, halslinten en sjerpen echt verdwijnen, moet blijken. Afgaande op andere vooralsnog halfgelukte moderniseringen, zoals het afschaffen van de vossenjacht, de laatste erfelijke Lords en bepruikte rechters, lijkt het voorbarig om te spreken van een definitief afscheid.