`Geluidsnormen voor groot gebied'

De wettelijke geluidsnormen voor Schiphol moeten gelden ,,voor alle gebieden die overlast ondervinden van de luchthaven''. Het betreft een ,,ruim gebied dat grofweg wordt begrensd door de plaatsen Leiden, Alkmaar, Almere en Utrecht''.

Dat vindt de Commissie Regionaal Overleg Schiphol (CROS), het overlegplatform van de regio en luchtvaartsector.

Het CROS reageert met dit standpunt op voorstellen van de Commissie Deskundigen Vliegtuiggeluid (CDV), die het kabinet moet adviseren over geluidregels in de toekomst. Nu nog wordt een beperkt deel van de omgeving van Schiphol wettelijk beschermd door zogenoemde handhavingspunten. Op deze punten mag de jaarlijkse geluidbelasting niet hoger uitkomen dan vooraf vastgestelde grenswaarden.

Het CROS stuurt deze commissie, onder voorzitterschap van oud-politicus Huib Eversdijk, een brief waarin dit standpunt wordt verwoord. De brief gaat ook naar staatssecretaris Schultz-van Haegen (Verkeer en Waterstaat).

Het CROS vindt dat het huidige stelsel van normen voor geluid, externe veiligheid, luchtverontreiniging, geur en baan- en routegebruik niet ,,simpel en transparant'' is, zoals de Commissie Deskundigen Vliegtuiggeluid stelt, maar juist complex. ,,Het stelsel sluit niet aan bij de hinderbeleving en het biedt nauwelijks ruimte voor overleg of afspraken tussen sector en omgeving.'' De Commissie Deskundigen Vliegtuiggeluid is omstreden nadat deze commissie, aanvankelijk onder voorzitterschap van de hoogleraar akoestiek Guus Berkhout, haar opdracht teruggaf wegens ,,tegenwerking'' van het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Daarop werd een andere commissie ingesteld.

Het CROS gaat werken aan een advies over de verdeling van het vliegverkeer over de omgeving en de oplossing van lokale ,,knelpunten'' in onder meer Spaarndam, Zwanenburg, Sassenheim, Uithoorn en Aalsmeer. Dat advies moet een van de bouwstenen worden van de grote rijksevaluatie van het Schipholbeleid, die over twee jaar klaar moet zijn.