Dit is een artikel uit het NRC-archief

‘Allez Poupou’ in Saint-Léonard

Vandaag vertrokken de renners in de woonplaats van Raymond Poulidor voor de negende etappe van de Tour. In Saint-Léonard kreeg gisteren een straat de naam van de Franse oud-wielrenner. ,,Hij is altijd gewoon gebleven.”

Raymond Poulidor in actie in 1964.
Raymond Poulidor in actie in 1964. Foto ANP

,,Bij ons moeten renners eerst dood zijn voordat er iets naar ze vernoemd wordt.” Het is maandagavond zes uur en Lucien van Impe, de laatste Belg die de Ronde van Frankrijk won (1976) is in afwachting van de onthulling van het straatnaambord `Avenue Raymond Poulidor’. Van Impe, die de Tour volgt als chauffeur van de tv-zender VTM, geniet van de sfeer waarin de Fransen hun sporthelden eren. Aan de vooravond van het vertrek van de negende Touretappe brengt het gemeentebestuur van Saint-Léonard-de-Noblat een eerbetoon aan de `poupoulaire’ oud-renner, die verderop in een mooi landhuis woont.

Behalve Van Impe staan er honderden mensen in dat deel van de afgezette straat, vooral afkomstig uit het stadje waar in 1778 de beroemde schei- en natuurkundige Gay-Lussac geboren werd. De 68-jarige wielerkampioen wordt toegesproken door de burgemeester en trekt even later samen met Tourdirecteur Jean-Marie Leblanc het blauwe papier weg dat het straatnaambordje bedekt. In zijn dankwoord, versterkt door een krakende en piepende geluidsinstallatie, bedankt Poulidor het publiek. ,,De wielersport, dat bent u!” Luid applaus.

Eerder op de middag slofte de vroegere kapper van Poulidor door de straten van het stadje waar de oude wielerkampioen al bijna een halve eeuw woont. Monsieur Boyer was zo vriendelijk mee te lopen naar de villa van Poulidor. De tachtigjarige inwoner van Saint-Léonard-de-Noblat moest toch in de buurt zijn – op het sportterrein dat de naam van de oud-wielrenner draagt. Daar zou later in de middag een recreatief fietstochtje eindigen met Poulidor en oud-ploeggenoten zoals Joop Zoetemelk (bij Gan Mercier).

Uit een plastic zak die hij meedroeg, haalde de kapper een stapeltje oude foto’s van Poulidor tevoorschijn. Eén zwartwitfoto is uit 1961, gemaakt in een plaatselijk etablissement ter ere van Poulidors zege in Milaan-Sanremo; een gesoigneerde Poulidor zoent de inmiddels overleden vrouw van de kapper. Op een tafel glazen vol Ricard.

In het voorbijgaan hoorden twee vrouwen van middelbare leeftijd dat de kapper de naam van Henri Poulidor noemde, een van de broers. Die kon ook goed fietsen, wisten ze. ,,Maar hij nam het niet zo serieus. Drank en vrouwen.” Kapper Boyer weet er alles van: ,,Als Henri een mooie vrouw langs de kant zag staan, dan stopte hij.”

In Saint-Léonard-de-Noblat geven veel middenstanders van het stadje blijk van hun sympathie voor Poulidor. Oude, authentieke wielertricots van de renner hebben prominente plaatsen gekregen in de etalages van de bakker, de slager, de sportzaak. Tegen het raam van een leegstaand pand in de Rue de la Revolution zwartwitfoto’s van Poulidor tijdens de Grand Prix des Gentlemen. Bij de boekhandel waar hij elke dag zijn krant koopt is een A4’tje met een gedicht tegen het raam is geplakt; een ode aan klimmer Poulidor, ,,notre sacré grimpeur, le fameux Poulidor”. Geschreven door een klant, zegt de winkelier.

`Allez Poupou’ is een levende legende. Hij stond aan het einde van de Tour vaker dan welke renner op het podium in Parijs: achtmaal. Maar de Tour won hij nooit. Hij droeg niet één dag de gele trui. In de Tour was hij `de eeuwige tweede’. Veertig jaar geleden was hij het dichtst bij succes. Op 12 juli 1964 ging hij samen met Jacques Anquetil de Puy de Dôme op. De foto waarop beide renners elkaar met de schouders raken is een klassieker. Anquetil moest `lossen’ in de beklimming en kwam 42 seconden na Poupou over de finish; ze werden die dag vijfde en derde, in het klassement was Poulidor de geletruidrager tot op veertien seconden genaderd. Uiteindelijk won Anquetil die Tour, 55 seconden voor Poulidor, die in de Tour van 1965 nog tweede zou worden achter Felice Gimondi en in 1974 achter Eddy Merckx.

Vandaag start de Tour in de woonplaats van Poulidor, uit respect voor de man die nog steeds deel uitmaakt van het wielerspektakel, de laatste jaren in dienst van sponsor Crédit Lyonnais. In een auto van de bank rijdt hij vooraan in de reclamekaravaan. Hij deelt duizenden handtekeningen uit, onophoudelijk scanderen de mensen `Poupou’. Hij is altijd gewoon gebleven, zegt de zestigjarige Gilbert Villeneuve, geboren en getogen in Saint-Léonard. ,,Il est sympa.” Villeneuve maakte Poulidor van dichtbij mee sinds de renner verkering kreeg met de dochter van een gendarme uit het stadje. Ze kregen twee dochters, van wie er één met de Nederlandse oud-renner Adri van der Poel is getrouwd. ,,Ik heb hem hier als amateur zien rijden”, zegt Villeneuve. Dat was in de Grand Prix de la Quasimodo, ooit een jaarlijkse wedstrijd in Saint-Léonard. Op 1 april 1953 behaalde Poulidor er zijn eerste zege, zeventien jaar oud.

,,In die wedstrijd kwamen ze hier naar boven”, wijst Villeneuve naar een smalle, steile helling naast het gemeentehuis, de Chemin du Pavé. Onder het asfalt liggen de kasseien waaraan de straat zijn naam dankt. De beklimming die Poulidor destijds met succes nam, is steil, en enkele honderden meters lang. Zichtbaar lijdend komt een recreant boven, terwijl Villeneuve vertelt dat hij vandaag met kleinzoon Remy naar de start van de etappe gaat kijken. Voor het eerst zal de kleine jongen renners uit de Tour voorbij zien komen. Het peloton rijdt ook ook door de Avenue Raymond Poulidor, die tot gisteravond nog Avenue du Stade heette.