Levenslang voor Russen in Qatar om moord

Een rechtbank in de Golfstaat Qatar heeft twee agenten van de Russische geheime dienst FSB tot levenslang veroordeeld wegens de moord op de vroegere Tsjetsjeense president Zelimchan Jandarbijev. Volgens de rechter is de moord gepleegd in opdracht van de Russische leiding.

De als uiterst radicaal geldende Jandarbijev werd op 13 februari in de Qatarese hoofdstad Doha, waar hij al vier jaar woonde, vermoord met een bom, die tot ontploffing werd gebracht toen hij met zijn auto passeerde. Zijn zoon werd ernstig gewond. Kort na de moord werden in Doha drie Russen opgepakt, van wie er één diplomatieke onschendbaarheid bleek te hebben; hij kwam vrij. De twee anderen, Anatoli Belasjkov en Vasili Bogatsjov, bleken agenten van de Russische geheime dienst te zijn.

Na de arrestatie bracht Rusland hun aanwezigheid in Qatar in verband met ,,de internationale strijd tegen het terrorisme''. De twee zouden met de moord op Jandarbijev niets te maken hebben gehad; ze zouden slechts informatie hebben vergaard. De Russen trachtten hen vrij te krijgen door in Moskou enkele Qatarese sportlieden op te pakken voor een mogelijke ruil. De regering van Qatar ging daar echter niet op in en de Russen lieten de sportlieden na enige tijd vrij. De relaties tussen Rusland en Qatar stonden onder druk, tot beide regeringen besloten de zaak aan de rechter over te laten.

Rechter Ibrahim al-Nisf zei dat de twee geheime agenten de moord op Jandarbijev pleegden in opdracht van hun superieuren. ,,De Russische leiding gaf een bevel uit om de Tsjetsjeense leider Jandarbijev te vermoorden'', aldus de rechter. In Qatar komt levenslang gewoonlijk neer op 25 jaar cel. De verdedigershebben gezegd dat hun cliënten zijn gefolterd.

Jandarbijev was president in 1996 en 1997. Hij stond op een opsporingslijst van Interpol. Rusland, en ook de VS, beschouwden hem als een terrorist; volgens Moskou had hij banden met Al-Qaeda.