Tekortkoming wint het tóch van argwaan

Na een corruptieschandaal leek het lot van de Canadese Liberalen bezegeld. Maar de volledige ondergang bleef uit. De politieke alternatieven zijn te rechts.

Eigenlijk waren de Canadese kiezers de regerende Liberale Partij zat. Een corruptieschandaal schoot eerder dit jaar een ernstige bres in de reputatie van de Liberalen, die sinds 1993 aan de macht zijn. Premier Paul Martin, eind vorig jaar gekozen tot opvolger van Jean Chrétien met bijna onmenselijke verwachtingen, lag de afgelopen weken op koers om roemloos ten onder te gaan.

Toen het er gisteren echter op aankwam, werden de Liberalen slechts bestraft met een tik op de vingers. Ze verloren weliswaar voor het eerst sinds elf jaar hun absolute meerderheid in het Lagerhuis in Ottawa, maar blijven met een ruime marge de grootste partij. Tot enkele maanden geleden zou een schamel totaal van 135 zetels een diepe teleurstelling zijn geweest voor Martin, de glansrijke alleskunner; gisteravond was het een onverwacht prachtresultaat. ,,Ik voel me geweldig,'' riep hij uit.

Reden voor de gratie die de Liberalen ten deel viel is dat argwaan over hun belangrijkste uitdagers, de Conservatieven, uiteindelijk opwoog tegen onvrede over hun eigen tekortkomingen. Canadese kiezers toonden in opiniepeilingen belangstelling voor de integriteit die de Conservatieve leider Stephen Harper hun beloofde, maar deinsden op het laatste moment terug voor een ongewisse ruk naar rechts die zijn verkiezing zou hebben betekend. Met name het sociaal conservatisme van Harpers partij schrok het electoraat af.

Harper leek tijdens de campagne succes te boeken met zijn beschuldigingen van ,,verspilling, wanbestuur en corruptie'' aan het adres van de Liberalen. Hij speelde optimaal in op het zogenoemde sponsorschapschandaal, een fraudeaffaire rond een omstreden programma om Canada als merk aan te prijzen bij de bevolking van Franstalig Québec. Onder dit initiatief, afgekondigd door Chrétien nadat de separatisten in Franstalig Québec in 1995 bijna een referendum over afscheiding van Canada wonnen, sponsorde de Canadese overheid evenementen in Québec, als beurzen en festivals. Borden en affiches met het logo van de Canadese overheid moesten de separatisten helpen overtuigen dat Canada nuttig voor hen was.

Het programma was controversieel en bleek bovendien belabberd te zijn beheerd. Een vernietigend rapport van de rijksaccountant bracht in februari aan het licht dat zo'n honderd miljoen dollar was verdwenen in de zakken van Liberale vrienden, onder het mom van, naar nu was gebleken, frauduleuze advertentiecontracten. De ex-minister verantwoordelijk voor het sponsorschapprogramma, door Chrétien weggepromoveerd tot ambassadeur in Denemarken, werd ijlings door Martin teruggehaald en ontslagen. Een hoge ambtenaar is aangeklaagd wegens fraude, en een politieonderzoek loopt.

De Canadese bevolking reageerde woedend op het fiasco. Hoewel de Liberalen het land over het algemeen tot tevredenheid van velen hebben bestuurd – onder Chrétien ging het Canada economisch goed, leek te zijn afgerekend met het separatisme in Québec en deed Canada niet mee aan de oorlog in Irak – ontstond er een plotselinge behoefte om hen af te straffen. Martin kreeg in de peilingen de volle laag, en zijn reputatie als architect van de ommekeer van de Canadese overheidsfinanciën in de jaren negentig was besmeurd. Hoewel hij zegt niet van de vermeende misstanden op de hoogte te zijn geweest, kon hij een indruk van slordigheid met belastinggeld niet van zich afschudden.

Harper beloofde Canadezen eerlijkheid en integriteit. ,,Wij zullen de Liberalen verantwoordelijk houden voor hun schandelijke misbruik van ons belastinggeld, en Canadezen een regering geven die ze kunnen vertrouwen,'' verklaarde hij. Probleem voor Harper was echter dat zijn onbekende partij, het product van een recente fusie tussen de traditionele Progressief-Conservatieven en de populistische Canadian Alliance, evenmin wordt vertrouwd.

De nieuwe partij lijkt niet te zijn ontdaan van het sociaal conservatisme van Harpers Alliance, een ploeg tegen het homohuwelijk en abortus en voor de doodstraf. Dit westelijke prairieconservatisme is nooit aangeslagen in de meer libertijnse, centraal-Canadese deelstaten Ontario en Québec, waar de meeste kiezers wonen. Hoewel de intelligente Harper, een gedisciplineerde neoconservatief, erin slaagde zichzelf te presenteren als de redelijkheid zelve, werd zijn campagne geplaagd door controversiële uitspraken van zijn kandidaten, onder wie homohaters en antiabortusactivisten.

Martin en de Liberalen deden er alles aan om het intolerante imago van hun tegenstanders aan te wakkeren, en verweten Harper een ,,verborgen agenda''. In de tegenaanval waarschuwden ze de kiezers dat de Conservatieven de ,,sociale vrede'' zouden verstoren door de rechten van vrouwen en minderheden te beperken en het gekoesterde stelsel van sociale zekerheid af te breken. Die tactiek, door Harper verworpen als ,,angstzaaierij,'' lijkt te hebben gewerkt.