Bemoeien, regisseren of vrijlaten

Als gemeenten en provincies mogen bouwen wat zij willen, dan moet het rijk garanderen dat ze het niet te bont maken, vindt de Tweede Kamer.

Er zijn twee soorten kritiek mogelijk op het ruimtelijk beleid van dit kabinet, zo bleek gisteren tijdens het zogenoemde hoofdlijnendebat over de Nota Ruimte met minister Sybilla Dekker (VROM).

De eerste vorm van kritiek komt van de oppositie. Die beschouwt de voorgestelde decentralisatie als een vergissing. Het kabinet wil de inrichting van Nederland meer overlaten aan provincies, gemeenten en projectontwikkelaars omdat die vaak beter op de hoogte zijn van en meer betrokkenheid hebben bij de gebieden die mogelijk op de schop gaan.

Het rijk wil zich alleen nog bemoeien met de ruimtelijke hoofdstructuur die van nationaal belang is, zoals de Randstad, de mainports Schiphol en Rotterdamse haven, zes stedelijke netwerken met daarin economische kernzones, de grote transportroutes, twintig nationale landschappen en het netwerk van beschermde natuurgebieden.

De oppositiepartijen vinden die ambitie te mager. Kamerlid Duivesteijn (PvdA) signaleert in de samenleving een ,,weerzin'' tegen bemoeienis van het rijk, maar die mag volgens hem niet leiden tot een ,,gebrek aan ideeën'' bij het rijk over hoe Nederland er uit moet zien, want anders wordt de publieke ruimte ,,te koop gezet'' voor de projectontwikkelaars.

De weinige accenten die het rijk wel zelf legt, zijn bovendien verkeerd gekozen, zeggen vooral GroenLinks en SP. Er is te veel aandacht voor de `oude' economie van ,,sjouwen en tillen'' en men laat de oren hangen naar industrie die behoefte zegt te hebben aan nog meer ruimte slurpende bedrijventerreinen terwijl de kenniseconomie zo veel ruimte helemaal niet nodig heeft. De ,,verloedering van de grote steden en van het Hollandse landschap'' gaat intussen gewoon door, stelt Kamerlid Duyvendak (GroenLinks).

De tweede vorm van kritiek komt van de regeringspartijen. Zij zijn ,,overtuigd van de goede intenties'' van minister Dekker, zoals Kamerlid Giskes (D66) het uitdrukte, en ook is met name het CDA het van harte eens met de decentralisatie. De samenleving kan nu immers óók op ruimtelijk gebied haar eigen verantwoordelijkheid nemen. Maar wel vinden de regeringspartijen dat het kabinet weinig doet om de indruk weg te nemen dat de ruimtelijke ordening als het ware ,,over de schutting wordt gegooid''.

De VVD hamert bij haar eigen minister Dekker op een ,,balans tussen vrijlaten en hier en daar wat sturen''. Want wat, vraagt VVD'er Geluk, als de ,,cultuuromslag'' bij provincies en gemeenten uitblijft en deze lagere overheden niet hun rol als regisseur van de ruimte oppakken? Welke sancties heeft het rijk als gemeenten onvoldoende woningen bouwen? En kan de minister ingrijpen als de steden hun woningen niet bouwen in de stad zelf maar daarbuiten? Wat doet de minister als de gemeenten niet voldoende groen in hun steden overlaten?

Minister Dekker houdt vooralsnog voet bij stuk. Ze belooft nadere ,,uitwerking'' te geven aan de ,,basiskwaliteit'' waaraan óók de vrije lagere overheden zich moeten houden. Maar het decentraliseren gaat door. Minister Dekker: ,,In 2030 zal Nederland nog steeds een dynamisch en welvarend land zijn, mede omdat wij het land van het slot hebben gedaan. Ik geloof niet in de maakbaarheid van een land, ik geloof in het voeren van regie.''

Over de accenten die het rijk in de Nota Ruimte legt, hebben ook de regeringspartijen overigens nog wel het een en ander te klagen. Zo waarschuwt D66 voor een ,,tweedeling'' in de ruimte doordat het kabinet een onderscheid maakt tussen zes stedelijke netwerken van nationaal belang en steden die daar niet toe behoren.

Wat te doen bijvoorbeeld met een stad als Zwolle? Die wordt weliswaar een ,,scharnierfunctie'' toegekend door het kabinet, maar heeft ook ,,onvoldoende zwaarte'' om als stedelijk netwerk te gelden. Veel betekenis lijkt de status van stedelijk netwerk vooralsnog niet te hebben.

En krijgt het noorden van het land wel voldoende aandacht? Er wordt dan wel gestreefd naar de aanleg van een Zuiderzeelijn, maar moet er niet nog meer geld komen, of in elk geval meer mogelijkheden tot industrialisatie?

Eigenlijk zet het kabinet iets te veel in op de Randstad als economische motor, stelt Kamerlid Van Bochove (CDA). Het CDA wil pas akkoord gaan met de nota als duidelijk is dat er voldoende wegen worden aangelegd naar alle nieuwe wijken van de toekomst, zoals Valkenburg bij Leiden, en als er afspraken zijn gemaakt over de uitvoering.

Van Bochove wil ook dat Almere nog veel groter wordt dan het kabinet voorziet, zodat de randen van het Groene Hart niet bebouwd hoeven worden, zoals de Bloemendalerpolder bij Weesp en polder Rijnenburg bij Utrecht. Minister Dekker gaf daarop nog geen antwoord.