Weg met de regelneven, laat de kunstwereld bloeien!

Het moet afgelopen zijn met het `voor-een-dubbeltje-op-de-eerste-rang'-kunstbeleid dat al decennia bestaat. De overheid moet de kunstwereld toestaan om winst te gaan maken, meent Ruud Lammers.

De kunstwereld – een containerbegrip – wordt reeds enkele decennia financieel in belangrijke mate in stand gehouden door de overheid. De realiteit gebiedt ons te erkennen dat staand beleid behelst dat de best gerunde en meeste professionele culturele instellingen aan het infuus van overheidssubsidie liggen. Dat infuus wordt elke vier jaar opnieuw ingebracht of eruit getrokken met behulp van de zogenaamde Cultuurnota. Om de vier jaar wordt de balans opgemaakt en wordt subsidie verhoogd, verminderd, ingetrokken of voortgezet. Er is een beeld ontstaan van de kunstwereld als patiënt, die aan een overheidssubsidie-infuus ligt.

Het werkelijke, fundamentele probleem is dat decennia lang de financiering van de kunstwereld niet op adequate leest is geschoeid. Het is bijvoorbeeld staand beleid dat zogenaamde adhoc-aanvragers (nieuwe initiatieven die bij de culturele fondsen aankloppen) minder subsidie krijgen dan nodig is om een goedgekeurd project uit te voeren. Het is ook al lang zo dat structureel gesubsidieerde culturele instellingen ondergefinancierd zijn. Er gaat in de kunstwereld veel te weinig geld om, waardoor er een ernstige stagnatie is opgetreden. Bovendien is jarenlang te weinig geïnvesteerd. De schuld hiervoor ligt niet bij de kunstwereld die volgens Wim Pijbes (NRC Handelsblad, 29 mei) ,,moet ophouden met een naar binnen gericht, autistisch geheel te zijn''.

De schuld ligt bij de politiek. Zolang ik me kan heugen, wordt er vanuit de kunstwereld bij de politiek aangedrongen op beleid dat culturele instellingen in staat stelt de markt op te gaan. Culturele instellingen willen graag kunst produceren, daarvoor een publiek vinden, geld verdienen en dat weer investeren in hun kunstproduct. Maar omdat ze aan het verlammende overheidssubsidie-infuus liggen en van de overheid niet mogen ondernemen, komen de meeste culturele instellingen in ons land niet verder dan klappen incasseren in de vorm van repetitieve bezuinigingen wegens falend overheidsbeleid en concentreren zij zich in de praktijk voornamelijk op een `de-boel-bij-elkaar-houden-strategie' – het meest laffe uitgangspunt als je iets wilt bereiken.

Dat er tal van particuliere initiatieven worden genomen, is daarom een zegen. Ieder weldenkend mens is juist blij met al deze initiatieven, nieuwe culturele fondsen, die iets willen bijdragen aan de ontwikkeling van kunst en cultuur. Er bestaat dus geen tegenstelling tussen de kunstwereld en de VandenEnde foundation of het Prins de Lignac fonds, om eens twee fondsen te noemen. Stuk voor stuk hartverwarmende initiatieven, als je het mij vraagt. De kunstwereld zou er bij gebaat zijn als de overheid, verantwoordelijk voor een belangrijk deel van de kunstsubsidies, bij monde van staatssecretaris Medy van der Laan nu eens echte keuzes zou gaan maken. De `boel-bij-elkaar-houden-strategie' is de dood in de pot gebleken: enerzijds alles zo goed mogelijk laten draaien, anderzijds een orkest wegbezuinigen in het mediabeleid (bezuiniging in totaal 80 miljoen euro) en op de kunstbegroting (20 miljoen euro). Honderd miljoen euro bezuinigen, maar tegelijkertijd willen dat alles hetzelfde blijft. Gaat u maar lekker slapen! Door deze opvatting zonder visie komt de kunstwereld natuurlijk in de knel. Om de kunstwereld dan naar binnengerichtheid en zelfs autisme te verwijten, gaat dus veel te ver.

We moeten niet alleen kritiek leveren, maar ook oplossingen aandragen. We kunnen uit de knel komen, als de overheid de kunstwereld zou toestaan winst te gaan maken. Al dat geblaat over cultural governance (Winnie Sorgdrager) slaat ook nergens op, als niet ook de consequenties ervan worden genomen. Dus niet de subsidie afromen als er meer eigen inkomsten zijn. Bestuurders en leden van de Raad van Toezicht moeten behoorlijk gehonoreerd worden, net als in het bedrijfsleven. Waarom worden de culturele instellingen belemmerd in hun streven meer maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen? Waarom worden zij nog langer kort gehouden?

De overheid zou de kunstwereld kunnen steunen door particulieren en bedrijven in staat te stellen serieuze belastingontheffing te krijgen als zij investeren in kunst en cultuur. De kunstwereld is erbij gebaat als de overheid afstapt van het `voor-een-dubbeltje-op-de-eerste-rang-kunstbeleid'. In de kunst gaat het primair om kwaliteit, en kwaliteit gedijt bij serieuze investeringen. De politiek dient volgens mij nu eens helder te kiezen.

Wil men meetellen in de internationale kunstwereld? Investeer dan en maak wetgeving die culturele instellingen niet langer in de hoek drukt en kort houdt.

Een ander probleem is dat het cultuurbeleid zodanig is verambtelijkt dat er geen doorkomen meer aan is. Help, de kunstenaar verzuipt! Subsidieverzoeken in tienvoud indienen voor relatief geringe startsubsidies is staand beleid. Penny wise, pound foolish: dit helpt de zaak niet veel verder. Nog een probleem is dat er geen doorstroming binnen de kunstwereld zelf mogelijk is. Doordat de bezuinigingen van bovenaf druk geven op de culturele instellingen die gesubsidieerd zijn, zoeken zij hun heil lager in de subsidiepiramide.

Elke kunstenaar of culturele instelling die lager in de subsidiepiramide zit – niet omdat kwaliteit zou ontbreken maar vaak omdat jongere kunstenaars minder tijd hebben gehad om carrière te maken – wordt op die manier uit de markt gedrukt. En kan vervolgens nergens heen, want er bestaat geen systeem dat kunstenaars en culturele instellingen op de markt kan ondersteunen. Een schilderij verkoop je nog wel eens aan een kunstliefhebber, maar bij een nieuwe operaproductie lopen de kosten in de tonnen euro's.

In plaats van goedbedoelde, amateuristische en dus averechts uitpakkende (Berenschot-)rapporten, bezuinigingen en niet te vergeten destructieanalyses à la Wim Pijbes, is het veel verstandiger als er nu eindelijk eens besloten zou worden eerst een goede analyse te maken over de werkelijke keuze die gemaakt zou moeten worden.

Willen wij dat onze kunst op internationaal niveau bekendstaat als vitaal en initiatiefrijk en een concurrerende positie in de wereld heeft? Dan moeten we de regelzucht drastisch indammen, bezuinigingen opgeven en culturele instellingen in staat stellen hun werk te doen. Dan moeten we prestaties belonen in plaats van wat we nu doen: geen positie innemen, zogenaamd genuanceerde afwegingen maken en de kunstwereld straffen.

Zet een dikke streep onder het verdoemde `voor-een-dubbeltjeop-de-eerste-rang-kunstbeleid', ontwikkel wetgeving die groei mogelijk maakt, haal contradicties in wetgeving eruit, stimuleer initiatieven, hou ermee op cultureel ondernemers te straffen, prijs culturele instellingen als ze op internationaal niveau samenwerken, haal een streep door het sterk verambtelijkte kunstbeleid, geef particulieren ruim baan te investeren in kunst en cultuur, regel dat fiscaal, schaam je voor het filmbeleid en hou op met het halfhartige, wankelende, valse enerzijds-anderzijds-beleid, waarbij succes wordt bestraft met korting op de subsidie. Modder niet voort, maar maak échte keuzes. Weg met de regelneven, laat de kunstwereld bloeien, geef nou eindelijk eens ruim baan. Of met de woorden van Freek de Jonge: ,,Sla op de trommel, strijk tegen de haren in en blaas de boel op!''

Ruud Lammers is directeur van CodArts en producent van twee internationale innovatieve operaproducties.