VS hijsen Iraaks regime in het harnas

De Iraakse interim-regering heeft vandaag officieel de macht overgenomen. Maar zij is door de Amerikanen aan handen en voeten gebonden.

Iraakse chauffeurs moeten een rijbewijs bezitten. Ze moeten met beide handen het stuur vasthouden. Ze moeten langzamer gaan rijden en mogen niet claxonneren in de nabijheid van dieren. Dat bepaalt de gedetailleerde verkeerswet die het vandaag opgeheven civiele bestuur (CPA) van de Amerikaanse hoogste bestuurder Paul Bremer per decreet heeft nagelaten aan de Iraakse interim-regering die nu de macht over Irak heeft.

Het is maar één voorbeeld van het strakke wettelijk harnas dat de Amerikanen de laatste maanden rond het nieuwe Iraakse regime hebben gebouwd. De Iraakse interim-regering kan, hoewel officieel soeverein, maar heel weinig kanten op. Want Bremers decreten blijven van kracht tot zij eventueel door het nieuwe regime worden vernietigd. Maar daarvoor is volgens de interim-grondwet (TAL) van 8 maart wel de instemming van een meerderheid van de ministerrraad, plus de interim-president en de twee interim-vice-presidenten vereist.

De bevoegdheden van de interim-regering, die in functie is tot er na de verkiezingen van uiterlijk januari 2005 een overgangsregering is samengesteld, werden hoe dan ook in de voorlopige grondwet al zwaar ingeperkt. Dat was onder andere het resultaat van druk van de shi'itische geestelijk leider groot-ayatollah Ali Sistani. Deze wilde zo voorkomen dat dit niet-gekozen bewind besluiten zou nemen die de toekomstige gekozen (en waarschijnlijk door de shi'itische meerderheid gedomineerde) regering zouden binden. ,,Als interim-regering zal de regering zich onthouden van acties die Iraks bestemming na de beperkte interim-periode beïnvloeden'', aldus de tekst van een van de annexen bij de interim-grondwet. ,,Dergelijke acties moeten gereserveerd blijven voor toekomstige regeringen die democratisch zijn gekozen door het Iraakse volk.''

Maar daarnaast hebben de in totaal 24 juristen van de CPA in de maanden voor de machtsoverdracht haast dag en nacht gewerkt om de interim-regering zodanig aan wettelijke banden te leggen dat de door president Bush gedecreteerde koers naar democratie niet meteen in gevaar komt. ,,Wat we hier doen is werkelijk ongekend'', zei de leider van dit team, Pentagon-jurist Scott Castle, drie weken geleden in een vraaggesprek met het Amerikaanse vakblad Legal Times. ,,We verrichten onze taak niet als een traditionele bezetter maar als een bezetter die tevens nation-builder is.''

Hun werk is dus de 38 secties plus een annex van 31 artikelen tellende verkeerswet, die ook bepaalt dat voetgangers bij slecht weer reflecterende kleding moeten dragen en dat voertuigen die van rechts komen voorrang hebben. De Irakezen, die er heel andere verkeersgewoonten op nahouden, zullen zich er niet aan storen en veel politie is er nog niet om overtreders op de bon te slingeren. Maar van een heel andere orde zijn bij voorbeeld de verkiezingswet (CPA-order nummer 96 van 7 juni) en de wet die de status van de buitenlandse troepen en andere vertegenwoordigingen in Irak regelt. [Vervolg IRAK: pagina 5]

IRAK

Bremer laat her en der mensen achter

[Vervolg van pagina 1] In de verkiezingswet hebben de Amerikanen de komende verkiezingen alvast in detail geregeld. De wet voorziet onder andere in de vorming van een zeven leden tellende onafhankelijke verkiezingscommissie die politieke partijen en de kandidaten die zij in het veld brengen van deelneming kan uitsluiten – zoals de Iraanse Raad van Hoeders van de Grondwet dat in Iran eerder dit jaar zo doeltreffend heeft gedaan, zeggen critici. Partijen die voor uitsluiting in aanmerking komen zijn organisaties die in het algemeen de wet overtreden en meer in het bijzonder op enigerlei wijze zijn geassocieerd met milities.

Dit is een maatregel die duidelijk is gericht tegen de radicale shi'itische geestelijke Muqtada Sadr en zijn Leger van de Mahdi maar ook tegen de gevestigde Iraakse partijen – zoals Koerden en shi'ieten – die er eigen strijdgroepen op nahouden. Bremer heeft zich het afgelopen jaar vergeefs ingespannen deze milities uit te bannen en probeert zo over zijn graf heen alsnog te voorkomen dat Irak in een Libanees moeras van elkaar bevechtende strijdgroepen verzinkt. Een ander voor de Iraakse werkelijkheid opmerkelijke vereiste is dat ,,niet minder dan een van de eerste drie kandidaten op de lijst [van elke partij] een vrouw moet zijn; niet minder dan twee van de eerste zes kandidaten [..] enzovoorts tot het eind van de lijst.''

Order 17 regelt een zeer omstreden kwestie: de onschendbaarheid voor vervolging door Iraakse rechtbanken van alle nu 160.000 buitenlandse militairen – vanaf vandaag niet langer coalitietroepen maar Multinationale Macht die in een `veiligheidspartnerschap' met de interim-regering opereert – en diplomaten in Irak evenals buitenlandse burgers die er bijvoorbeeld als beveiligers werken. Zij vallen onder de jurisdictie van de staat die hen heeft afgevaardigd. De CPA heeft verzekerd dat dit niet betekent dat zij aan vervolging ontsnappen – alleen dat zij volgens de regels van hun eigen land worden berecht. Maar veel Irakezen zijn ervan overtuigd dat zij wel degelijk bij misdrijven vrijuit zullen gaan. Een belangrijke factor die bijdroeg tot de val van de sjah van Iran in 1979 was dat hij zijn Amerikaanse militaire adviseurs immuniteit voor vervolging had toegekend.

Behalve zijn ongeveer 100 wetten en regels heeft Bremer ook nog her en der zijn mensen achtergelaten met een ambtsperiode van vijf jaar. Zo zijn er inspecteurs-generaal bij ministeries benoemd om machtsmisbruik en corruptie te voorkomen. Interim-premier Allawi's veiligheidsadviseur en de hoogste inlichtingenchef zijn voor vijf jaar benoemd. Dat wil zeggen dat ook de toekomstige gekozen regering nog met Bremers erfenis te maken krijgt.