Kritiek EU op economie van China

De Europese Unie wil China voorlopig niet de status `markteconomie' geven. Volgens de Europese Commissie is daarvoor sprake van teveel staatsbemoeienis en onvoldoende rechtszekerheid.

China vroeg een jaar geleden om de felbegeerde status. De Commissie, die uitvoerig onderzoek verrichtte naar de Chinese economie, zegt in haar onderzoek dat de EU zich ,,verplicht'' om China de status van markteconomie (MES) te geven zodra het land aan alle voorwaarden voldoet.

Deze status is voor Peking van groot economisch én politiek belang. Vorige maand was de Chinese premier Wen Jiabao in Brussel om het verzoek kracht bij te zetten. Op dit moment heeft China nog te kampen met anti-dumping maatregelen door de Europese Unie en de Verenigde Staten. Als erkende markteconomie zou Peking meer verweer hebben tegen de beperkende maatregelen op de Chinese export.

Politiek is de status van belang omdat het China – 's werelds snelst groeiende economie – op één hoogte zou plaatsen met de andere grote industrielanden van de wereld. Nieuw Zeeland, Singapore en Maleisië erkennen China al als markteconomie, de rest van de wereld nog niet.

Op dit moment voldoet het land echter aan slechts één van de vijf criteria die Brussel stelt. De Commissie stelt vast dat de Chinese overheid nog een te grote rol speelt om te kunnen spreken van gelijke mogelijkheden voor alle bedrijven, onder andere door een discrimenerend belastingregime. Verder vindt de Commissie dat het nog ontbreekt aan voldoende `corporate governance', goed ondernemingsbestuur, waardoor onvoldoende inzicht bestaat in de boekhoudprakrijken van de ondernemingen, wat weer van belang is om te kunnen vaststellen of er sprake is van `dumping'. De Commissie schrijft in haar rapport dat vandaag door de Financial Times openbaar is gemaakt dat China zich vaak niet houdt aan de internationale boekhoudregels. ,, In enkele gevallen moesten we vaststellen dat de basisregels niet werden gevolgd. In sommige gevallen bleek er zelfs helemaal geen boekhouding te bestaan.''

Ook over de eigendoms- en faillissementswetgeving heeft Brussel bedenkingen. Het laatste punt van kritiek geldt de financiële sector. Volgens de Commissie ontbreekt een eerlijke concurrentie voor privéondernemingen – vooral buitenlandse – door een gebrek aan heldere en consistente wetgeving, gebrekkige uitvoering van de wet, contractsonzekerheid, en een weinig krachtdadige rechterlijke macht.