De Grave nog achter bom op studio Kosovo

Oud-minister van Defensie De Grave heeft vanmorgen voor de Haagse rechtbank een omstreden NAVO-bombardement in april 1999 op een televisiestudio in Belgrado verdedigd. Daarbij vielen negentien doden en talrijke gewonden.

De Grave moest voor de rechtbank verschijnen om te getuigen in verband met een schadeclaim tegen de Nederlandse staat die negentien slachtoffers of nabestaanden van slachtoffers van bombardementen tijdens de Kosovo-oorlog willen indienen. Zij stellen dat Nederland als NAVO-lid medeverantwoordelijk was voor de schade. In januari dit jaar getuigden oud-premier Kok en oud-minister van Buitenlandse Zaken Van Aartsen al in deze zaak. De rechtbank verhoort de politici om vast te stellen of het tot een rechtszaak dient te komen. Een soortgelijke poging in Duitsland om de schade op de staat te verhalen werd door de Duitse rechter onlangs afgewezen.

In het voetspoor van Kok en Van Aartsen wees ook De Grave er vanmorgen op dat hij vooraf niet op de hoogte was geweest van het bombardement op de studio van de Servische staatsomroep RTS. ,,De precieze afweging is door de NAVO gemaakt. Ik ben daar niet bij betrokken geweest'', aldus de oud-minister. Hij legde uit dat hij het bombardement naderhand wel had verdedigd in de Tweede Kamer, omdat de studio gold als een belangrijk communicatiecentrum van het bewind van de toenmalige Servische president Miloševic waarmee veel propaganda werd verspreid. De Grave: ,,U moet weten dat in de moderne oorlogsvoering aan communicatie-media een bijzonder belang wordt gehecht.''

De voormalige bewindsman wilde wel toegeven dat er discussie mogelijk was of het concrete militaire doel van het bombardement – uitschakeling van een belangrijk communicatie-middel van het bewind van Miloševic – bereikt was. Al snel na het bombardement was de zender weer in de lucht.

Ook het NAVO-bombardement op de Servische stad Nis van 7 mei 1999 kwam vanmorgen ter sprake. De clusterbommen die toen werden afgeworpen, vielen door een technisch mankement niet op een vliegveld maar op burgerdoelen in de buurt. De Grave sprak van een ,,afschuwelijke tragedie''. Naar aanleiding hiervan had hij tien dagen later besloten dat Nederlandse F-16 gevechtsvliegtuigen, die overigens niet bij het bombardement op Nis waren betrokken, tot nader order geen clusterwapens zouden inzetten.

Vanmiddag zou ook nog de toenmalige voorzitter van de Tweede Kamer, Van Nieuwenhoven, worden gehoord.