Conservatief zonder glans

Portugal is unaniem tevreden dat het de eer heeft de nieuwe voorzitter van de Europese Commissie te leveren. Te midden van jaren van schandalen, forse bezuinigingen en een voortkwakkelende economie kan het nationale zelfvertrouwen wel een opsteker gebruiken. Maar dat het uitgerekend José Manuel Durão Barroso (48 jaar) is die deze eer te beurt valt, zorgt voor gemengde gevoelens.

Portugal neemt afscheid van de minst tot de verbeelding sprekende premier die het land in zijn jonge democratie heeft gekend. Barroso's regering bevindt zich op het dieptepunt van haar populariteit nu twee jaar van bezuinigingen niet hebben geleid tot merkbare economische vooruitgang.

Houterig en weinig inspirerend in zijn publieke optredens werd Durão Barroso in 1999 voorzitter van de Partido Social Demócrata (PSD), de partij die ondanks haar naam een liberaal-conservatieve signatuur heeft. Tussen 1985 en 1995 had hij al gediend als staatssecretaris en minister van Buitenlandse Zaken. Durão Barroso gold daarna als een uitgesproken zwakke oppositieleider. Hij belandde op de premierstoel dankzij de onverwachte politieke afgang van zijn sociaal-democratische voorganger António Guterres. De laatste wees vijf jaar geleden het aanbod van de hand om voorzitter van de Europese Commissie te worden en werd vervolgens thuis afgebrand – een les die Durão Barroso ongetwijfeld in het achterhoofd moet hebben gehad.

Niettemin is Durão Barroso wellicht beter op zijn plaats op Europees niveau. Als briljant student specialiseerde hij zich na zijn rechtenstudie in Europese studies in Genève, bleef daar als hoogleraar aan de universiteit en doceerde tevens in Georgetown en Lissabon. Na een korte jeugdzonde als studentenleider in een maoïstisch splintergroepje was Durão Barroso toen reeds lang bekeerd tot conservatief liberaal. Zijn hart ligt in de internationale politiek en hij bewees zijn diplomatieke gaven door in 1990 vrede te bewerkstelligen in de vroegere Portugese kolonie Angola.

Opmerkelijk was ook de bijeenkomst op de Azoren in het voorjaar van 2003 ter voorbereiding van de oorlog in Irak. Durão Barroso kreeg alle honneurs als organiserend gastheer, maar hield enige afstand van het trio Bush, Blair en Aznar door niet samen met hen op de foto te verschijnen.

,,Als mijn man een dier zou zijn, was het waarschijnlijk een wrakbaars'', zo heeft mevrouw Durão Barroso gezegd. Dat geeft te denken, want behalve als onmisbaar ingrediënt in bepaalde mediterrane soepen staat dit dier bekend als een vriendelijke, maar ietwat onbeweeglijke vis die bij voorkeur niet zijn grot verlaat.

Nu hij Lissabon voor Brussel ruilt gaat het dan ook onmiddellijk mis: Portugal is midden in een politieke crisis beland rond de vraag of er nieuwe verkiezingen gehouden moeten worden. In dat geval zou de partij van Durão Barroso wel eens een herhaling tegemoet kunnen zien van de gevoelige nederlaag bij de recente verkiezingen voor het Europees Parlement, toen de sociaal-democraten overtuigend wonnen.