Amerikaanse decreten

NRC Handelsblad van 24 juni meldde in het artikel `Amerikaanse koerswijziging zonder pijn', dat de zogeheten Order 17 van de Amerikaanse civiele bestuurder in Irak, ambassadeur Paul Bremer, ,,met de overdracht van de macht zou komen te vervallen'', en dat Bremer zich daarom zou opmaken om die Order te verlengen. Deze bewering zou de suggestie kunnen wekken dat Bremers Orders allemaal komen te vervallen na de machtsoverdracht van vandaag. Die suggestie is onjuist.

Order 17 bevat een bepaling die stelt dat de immuniteit waarin de Order voorziet alléén geldt voor gedragingen of nalatigheden begaan tijdens de periode van autoriteit van de Coalition Provisional Authority, geleid door Bremer. Die autoriteit is vandaag verdwenen

De Voorlopige Administratieve Wet (VAW) van 8 maart j.l. die het bestuur van Irak regelt na de machtsoverdracht, bepaalt uitdrukkelijk dat de Orders en andere instrumenten die Bremer in de afgelopen maanden heeft afgekondigd, van kracht zullen blijven tot het moment dat ze worden ingetrokken of gewijzigd door middel van wetgeving. Uit de VAW blijkt dat de interim-regering geen wetgevende macht zal bezitten, zodat Bremers decreten in Irak van toepassing zullen blijven, totdat een nieuw Iraaks parlement en een overgangsregering zijn geïnstalleerd, begin volgend jaar.

Overigens is het uit volkenrechtelijk oogpunt maar de vraag of Bremers decreten, in het bijzonder Order 17, de toets van het internationale humanitaire- of oorlogsrecht kunnen weerstaan, niet alleen qua inhoud maar ook wat betreft hun gelding na vandaag.