Oud-rechter: rechten van verdachten in geding

Angst voor terrorisme zet de rechtsbescherming van verdachten in Nederland steeds meer onder druk. Dat zegt de voormalig vice-president van de Amsterdamse rechtbank, R. Blekxtoon, vandaag in deze krant. Blekxtoon was bijna dertig jaar werkzaaam als rechter.

Als voorbeeld noemt Blekxtoon de zaak tegen twee mannen uit een terroristische organisatie waarin het Haagse gerechtshof vorige week uitspraak deed. Het hof oordeelde dat AIVD-informatie de grondslag mag vormen voor de start van een strafrechtelijk onderzoek. Ten onrechte, vindt Blekxtoon. Volgens hem wordt de AIVD gezien als een ,,heilige verdragspartner''. ,,Er is nu sprake van een soort omgekeerde bewijslast. De informatie is betrouwbaar tenzij aangetoond wordt dat hij onbetrouwbaar is.'' Dat terwijl volgens hem, onder andere bij de oorlog in Irak, gebleken is dat de informatie van inlichtingendiensten vaak niet klopt.

Nog erger wordt het in de ogen van Blekxtoon als minister Donner (Justitie) zijn zin krijgt en informatie van de inlichtingendienst in de rechtszaal als bewijsmateriaal mag worden gebruikt, terwijl de verdediging die stukken niet mag toetsen en AIVD-ambtenaren anoniem mogen blijven. Minister Donner heeft hiertoe vorige maand een wetsvoorstel voor advies naar de Raad van State heeft gestuurd. ,,Zo worden de rechten van een verdachte beperkt in het belang van de staatsveiligheid.''

vraaggesprek: pagina 39