House is groot geworden in de Roxy

Modern hedonisme en housemuziek, daarvan leek de Amsterdamse club Roxy de kraamkamer in de jaren tachtig. Yaël Vinckx volgde het spoor terug naar de Roxy en kwam uit bij Now&Wow in Rotterdam.

Ze draagt een zwart jasje en hoge hakken die haar zwart-wit gestreepte benen eindeloos doen lijken. Thuis stond het leuk, nu trekt ze het jasje dicht om haar rillende lijf. ,,Het waait altijd in godvergeten Rotterdam'', scheldt ze met Amsterdamse tongval. Als de deur opengaat en flarden housemuziek naar buiten waaien, strekt ze haar lange nek om de aandacht van de portiers te trekken. Maar de portiers van club Now&Wow, waar de bezoekster met de zwart-witte kousen in de rij staat, geven geen krimp.

Niet in Rotterdam maar in Amsterdam, met name in discotheek Roxy, is housemuziek groot geworden. Al ging dat niet van harte. Discjockey Joost van Bellen herinnert zich dat de directie van Roxy de nieuwe muziek niet zag zitten. Er kwamen eenvoudig niet genoeg bezoekers op de avonden af. Het is, zegt hij, vooral te danken aan de vastberadenheid van discjockey Eddy de Clercq dat house doorbrak.

Begin jaren tachtig zaten ze in de new-wave scene. Ze kwamen elkaar wel eens tegen in de Amsterdamse club Mazzo, dj Joost van Bellen en fotografe Cleo Campert. Hij luisterde naar Einstürzende Neubauten. Zij droeg een kort rokje, een gestreept truitje en had haar haar getoupeerd. En op de dansvloer keek iedereen bedrukt naar beneden, naar de eigen tenen.

UITGELATEN

Aan het eind van het decennium raakten ze in de ban van house. Hij was onder de indruk van het vernieuwende element in de muziek en van het recalcitrante karakter; de gevestigde muziekorde vond house vooral leeghoofdig en egoïstisch. Zij werd geraakt door de uitgelaten sfeer en de dansende menigte. Niet langer waren de mensen in zichzelf gekeerd, zoals indertijd in Mazzo. In het nieuwe danstijdperk was de blik omhoog gericht en leek iedereen gelukkig.

House werd voor velen een manier van leven: vrij en open. Daar droegen de drugs ook aan bij, zegt Joost van Bellen, al is het een fabeltje dat iedereen high was in die dagen. Voor Cleo Campert was het groepsgevoel belangrijk. ,,Al die handen in de lucht. Daar ben ik wel vatbaar voor.''

XTC

Campert was huisfotograaf van Roxy, Van Bellen draaide er muziek. Op een gegeven moment vertrok hij naar Argentinië, een liefde achterna. Toen hij een half jaar later terugkeerde, schrok hij zich rot. De housescene was veranderd. ,,De muziek was harder geworden, de mensen gebruikten veel drugs.'' Het bekendste voorbeeld is de gabberhouse, oorverdovende dreunende muziek. Het trok vooral kaalgeschoren jongens aan, wier kaken nooit stil leken te staan.

In Roxy sloeg gabber niet aan, daarvoor was de voormalige bioscoop te elitair. Wel nam het drugsgebruik toe. Aanvankelijk was xtc nog geen verboden drug, maar in het begin van de jaren negentig veranderde dat. Wilde Roxy niet het risico lopen te worden gesloten, dan moest ze dealers en gebruikers aanpakken. Maar daardoor bleef een aantal opvallende bezoekers weg. Daarnaast trok discotheek IT, op een steenworp afstand, ook kleurrijke figuren naar zich toe.

We kunnen niet meer terug naar Roxy; in 1999 ging de zaak in vlammen op. Volgens de overlevering kwamen vonken van vuurwerk in de afzuigers terecht. Ten tijde van de brand was Roxy ,,al een gewone club, weliswaar met een legendarische reputatie, maar toch een van de honderden houseclubs'', aldus Campert.

Het is in de loop van de jaren negentig gebeurd: house werd mainstream. Sindsdien dreunt de beat en flikkert de stroboscoop in alle uithoeken van het land. Campert wijst naar een foto in haar boek Uit, over tien jaar uitgaan in Nederland. Een meisje, in een zwart topje, steekt uitdagend haar tong uit. ,,Deze foto heb ik genomen in Bobs Party Saloon in Uitgeest.''

House heeft gezorgd voor een enorme schaalvergroting binnen het uitgaan. Megalomane evenementen als Innercity, Dance Valley en Sensation trekken inmiddels jaarlijks tienduizenden bezoekers. Uit een vorig jaar verschenen onderzoek van accountantsbureau KPMG bleek dat in 2002 achthonderdduizend mensen een dance-feest bezochten – tien jaar eerder waren dat er veertigduizend. Buitenlandse reisbureaus organiseren zelfs dansvakanties naar Nederlandse feesten. House is dan ook big business geworden; er gaat jaarlijks bijna 500 miljoen euro in om, berekenden de onderzoekers van KPMG.

De groeiende populariteit en de bijbehorende commercialisering hebben veel houseliefhebbers van het eerste uur doen afhaken. De speciale sfeer is verdwenen, vinden ze. Als reactie op te massale en onpersoonlijke megafestijnen komen dansorganisatoren deze zomer met een aantal `kleinere' festivals – waarbij ze nog altijd rekenen op zo'n vijfduizend bezoekers per evenement. Anders zijn de feesten nauwelijks meer te financieren: sinds God een dj is, is zijn gage omhooggeschoten.

Joost van Bellen en Cleo Campert maken zich niet druk om de schaalvergroting. Zonder house en zonder Roxy was dit niet mogelijk geweest, meent Van Bellen. De stroming heeft niet alleen nieuwe muziek en een nieuwe drug in Nederland geïntroduceerd, ze heeft ook gezorgd voor de prachtige aankleding van feesten en discotheken. Tegen de muur plakken in Mazzo of een troosteloze jeugdsoos waar het bier in plastic bekertjes komt? Het kan niet meer. House heeft van een avondje lalleballen een totaalconcept gemaakt.

De discjockey draait nog altijd, onder andere in het nieuwe onderkomen van de Rotterdamse Now&Wow. En de fotografe zegt: ,,House is groot geworden. Het kent vele stromingen met vele aanhangers. Daar is niets mis mee.'' Bovendien, een feestje is een feestje. ,,Een mooie locatie, goede muziek, een dansvloer en een bar. Dan is het al gauw een goed feestje.''

NOW&WOW

Dat hebben ze in Rotterdam begrepen. Struikelend over de losse stenen in de slecht verlichte Maashaven heeft het meisje met de zwart-witte kousen zich aangesloten in de rij voor de voormalige graanfabriek waar Now&Wow sinds een maand een nieuw onderkomen heeft gevonden. Nu moet ze zich nog langs de zogenoemde doorbitches wurmen. Die houden het gedrag van de bezoekers in de gaten. In Now&Wow moeten de bezoekers ,,open minded en multisexualetnisch'' zijn. Al hanteren de deurheksen vaak de kleding van bezoekers als excuus om iemand te weigeren. Schakelkettingen, bandplooibroeken en truien mogen niet naar binnen. Nieuw is dat niet; in het oude pand klaagde het management al over te veel streepjesoverhemden – jargon voor nette en dus saaie mensen. Het kousenmeisje mag wel naar binnen, waar drie prachtig uitgelichte dansvloeren en een goed gevulde bar op haar wachten.