Fantasten aller landen

Het oude Europa met zijn oude denkers zoekt wanhopig naar de vijand, niet in de duistere wereld, maar hier in de vrije wereld. De vijand moet op ons lijken. Hij huist in ons innerlijk. Er moet dus iets zijn dat ons met de vijand verbindt en ons van hem scheidt.

De oude Europese stem zegt of tracht te zeggen: ,,Oh, mensen, er is iets verschrikkelijk misgegaan met onze politieke beschaving.'' Voorts berichten de herrezen Karl Marx en Friedrich Engels ons: de Amerikaanse regering heeft de eigen traditie, die wortelt in de Verlichting, de rug toegekeerd, werpt de geopolitieke orde omver en schept haarden van mondiale haat en geweld. De schrijvers van deze boodschap namelijk, Jan Sampiemon en Karel van Wolferen (Opinie & debat, 12 juni), benadrukken vervolgens dat de oorlog tegen het terrorisme – iets wat niet bestaat en, zonder de mogelijkheid van een vijand die zich overgeeft, niet kan bestaan – een einde heeft gemaakt aan de geleidelijke consolidering van een relatief stabiele en vreedzame samenleving van staten. Het is allemaal, volgens deze auteurs, een gevaarlijke fantasie van Republikeins Rechts die erop uit is om de Verenigde Naties te vernietigen.

Wat is die fantasie en wie leeft en leefde in de fantasie? Behoren de terroristen en schurkenstaten tot het domein van de fantasie? Vóór 11 september 2001 leefden zowel de Europeanen als de Amerikanen in een fantasiewereld, in een relatief stabiele en vreedzame Efteling van 1001-nacht met heel veel lieve Mickey Mouses.

De meerderheid van de mensen op aarde leeft daarentegen onder het regime van de duisternis: mensenrechtenschendingen, armoede en ziekten. Die meerderheid voelde en voelt zich nog steeds niet thuis in die nihilistische geopolitieke orde van de relatief stabiele en vreedzame samenleving van staten. De burgeroorlog in Algerije, het Talibaan/Al-Qaeda-schrikbewind in Afghanistan, het totalitaire regime in Iran en Saddams genocidale orde zijn onderdelen van deze duistere wereld die de fantasieën van die lieve Europeanen te boven gaan. En de VN-orde miste grosso modo, ná de val van de Muur, de reële grondslagen, doctrines en de macht om de politieke, economische terreur en de feitelijke tirannie te kunnen bestrijden. Het was Kofi Anan die openlijk, na de omverwerping van Saddams regime, had toegegeven dat de VN moeten zoeken naar criteria voor toekomstige, eventuele preventieve oorlogen. Deze belangwekkende internationale organisatie moet in de nabije toekomst geschikt gemaakt worden voor deze wereld waarin het statelijke en quasi-statelijke terrorisme een regelrechte bedreiging vormt voor de internationale vrede en veiligheid.

De vijand bestaat en het is de politieke islam. Het probleem is echter dat juist deze vijand leeft in een onverstoorbare fantasiewereld. In Civilization and Its Enemies. The Next Stage of History gebruikt Lee Harris de term fantasy ideology als scharnier voor zijn uiteenzetting over het terrorisme. De fantasy ideology is het domicilie van de revolutionairen, waarin volgens Harris de fantast reeds de rol die we in zijn fantasie innemen, op ons heeft geprojecteerd.

Nu is de vraag welke betekenis nog aan het woord oorlog toekomt. De Duitse geleerde Carl Schmitt, die bepaald niet in alle opzichten instemming verdient, toonde toch overtuigend in zijn Theorie des Partisanen, aan dat door de partizanenoorlog, sinds de negentiende eeuw, een geheel nieuwe politiek-militaire dimensie moet worden toegekend aan het woord oorlog. Het wereldwijde terrorisme, met soms quasi-statelijke machten, maakt de toepassing van het klassieke concept van de oorlog nog moelijker. Het huidige terrorisme van de islamisten vertoont zowel de aspecten van de oorlog (het oorlogsrecht) als die van de georganiseerde criminaliteit (dus ook het strafrecht).

Deze complexiteit moeten we niet ontlopen door de Amerikanen tot vijand te verklaren. Aan deze zijde van de oceaan moet die vroeg of laat respectabele denkers als Van Wolferen en Sampiemon tot nadere studie bewegen. De regimewisseling, niet noodzakelijkerwijs door middel van een militaire interventie, is de manier waarop de vijand zich kan overgeven. Ja, de 21ste eeuw moet de eeuw van regimewisselingen worden, de eeuw van de mondiale overgang naar de democratie- en mensenrechtencultuur.

Voor het eerst staan we echt, door de combinatie van het massavernietigingswapen en het terrorisme, aan de rand van mogelijke rampen en chaos, aldus Mohamed Al Baradei, chef van het IAEA (International Atomic Energy Agency). Maar de oude Europeaan, de fantast, heeft een andere analyse van de vijand: Republikeins Rechts is de vijand.

Het is goedkoper, veiliger, risicolozer om je beschaafde broeder aan de andere zijde van de oceaan als vijand te hebben dan de baardmannen met mogelijke atoomtanden in Iran of in Madrid. Afgezien van het feit dat Amerika de Europese rechts-links verhouding niet kent, herinner ik me nog dat we ooit in Iran en andere landen de westerse onverschilligheid en samenwerking met die relatief stabiele en vreedzame samenleving van staten uiterst reactionair vonden. Hier en niet elders lag en ligt de bron van anti-westerse haatgevoelens.

En de mythe dat de Democraten ten aanzien van Irak een andere beslissing zouden nemen, is inmiddels door Bill Clinton zelf ontzenuwd. Hij zou VNinspecteur Hans Blix niet meer dan een paar weken extra de tijd hebben gegeven, en als dan was gebleken dat Saddam niet wilde meewerken noch wilde aangeven waar die aphrotoxine, VX, ricine, a handful of horrible stuff was, dan zou ook hij de Irak-oorlog gevoerd hebben. Omdat ook Clinton ná 9/11 vreesde dat Saddam massavernietigingswapens aan de terroristen ter beschikking zou stellen.

Natuurlijk moeten we in deze situatie absoluut kritisch zijn over de Amerikanen, maar ook over onszelf. Daarbij moeten we ons echter niet laten verblinden door onze primitieve afkeer jegens de Amerikaanse president die niet de onze is. Gelukkig kiezen de Amerikanen straks weer een president.

Helaas kunnen we de problemen niet kiezen, ze blijven zoals ze er nu eenmaal zijn. Het lijkt er nu op dat het anti-Amerikanisme de fantasten aller landen weet te verenigen.