Vrijheid tekenaar en columnist niet onbeperkt

In de rubriek `De lezer schrijft... de krant antwoordt' heeft hoofdredacteur Folkert Jensma het nu vier keer opgenomen voor een columnist of tekenaar die in de ogen van sommige lezers over de schreef ging. Begrijpelijk, want een hoofdredacteur behoort de vrijheid van zijn columnisten en tekenaars te verdedigen. Toch is die vrijheid niet onbeperkt.

Het meest recente voorbeeld is de boze column die Youp van 'tHek op 29 mei schreef over het Brabants Dagblad. Daarin werd de hoofdredacteur van die krant afgeschilderd als een hoerenlopende vreemdganger en een verslaggeefster als een lelijke Eucalypta.

Aanleiding was dat de krant Van 't Hek tijdens een vierdaagse tournee in Den Bosch had geschaduwd en daarover een – ook volgens hoofdredacteur Tony van der Meulen – ongepast stukje had gepubliceerd.

Van 't Hek schrijft al sinds 1987 columns voor NRC Handelsblad, eerst voor de sportpagina, sinds 1993 op de Achterpagina. Het schijnt dat sommige lezers de krant op zaterdag beginnen met Van 't Hek. Dat zijn de liefhebbers. Er zijn ook lezers die zijn column verafschuwen, maar hem toch lezen. Misschien omdat ook ergernis bevrediging schenkt. In ieder geval weten vaste lezers dat zij in dit hoekje van de krant met pure satire van doen hebben.

Toch was er wel een probleem met die column onder de titel `Braboos'. Zoals wel vaker gebeurt, had de redactie daarom even met de schrijver gebeld. Meestal gaat het dan over kleinigheden, bijvoorbeeld iets dat niet duidelijk is. Maar nu was de vraag van redacteur Arjen Ribbens of de column niet te veel uit persoonlijke gekrenktheid was geschreven. Ging hij op sommige punten niet iets te ver? In goed overleg heeft Van 't Hek toen enkele dingen veranderd.

Over de gepubliceerde versie kan men van mening verschillen. De eindredacteur en – achteraf – de hoofdredacteur vonden de column publicabel, al hoeft dat niet te betekenen dat ze alles even leuk vonden.

De voor schut gezette Van der Meulen verweet zijn belager in een ingezonden brief dat hij zijn column had misbruikt voor een persoonlijke wraakoefening en bovendien dat hij fictie had aangelengd met feiten. Zo was satire verworden tot reputatiemoord.

Wie Van 't Hek kent en aan het slot van de omstreden column leest dat hij ook zelf een bordeel induikt, zal denken dat het allemaal satire is. Maar Van der Meulen had gelijk dat persoonlijke wraak gevaarlijke brandstof is voor een column. Dat heeft Van 't Hek inmiddels zelf erkend in een – hoogst ongebruikelijke – nabeschouwing op de opiniepagina. ,,Mijn les is: schrijf nooit een column als je boos bent.''

Daarmee is het incident gesloten. Maar de lezer kan zich afvragen hoe het nu staat met de vrijheid van de columnist. In dit geval vond de columnist zelf dat hij te ver was gegaan, nadat de hoofdredacteur hem reeds in bescherming had genomen. Maar wat gebeurt er als een hoofdredacteur vindt dat een columnist of tekenaar over de schreef gaat?

Er is geen twijfel over dat een hoofdredacteur in het uiterste geval een column of cartoon kan weigeren. Hij is immers verantwoordelijk en, als er een proces komt, juridisch aansprakelijk. Lang geleden, toen het Algemeen Handelsblad nog zelfstandig was, heeft de hoofdredactie tweemaal een column geweigerd, één keer van de journalist Nico Scheepmaker (die de kroonprinses beledigde) en één keer van de schrijver Gerben Hellinga (die minister Luns een lul noemde). Met als gevolg dat de columnisten vertrokken.

In 1990 bekritiseerde Ben Knapen, hoofdredacteur van NRC Handelsblad, een reeds gepubliceerde column van J.A.A. van Doorn wegens diens kritiek op de Israëlische propaganda. De columnist hield de eer aan zichzelf en stapte op. Dat Knapen later spijt had van zijn stap, kon daar niets meer aan veranderen.

De hoofdredacteur van Trouw heeft destijds spijt betuigd over een column waarin Pim Fortuyn met Hitler en Himmler werd geassocieerd. Interessant, omdat ook in dit geval een krant achteraf iets ontoelaatbaar achtte wat eerder kon passeren. Bij de Volkskrant heeft toenmalig hoofdredacteur Harry Lockefeer eens een stuk van Hugo Brandt Corstius (één van de 2.000 columns van Stoker) geweigerd. In dat stukje werd een `ministeresse' met een hoer vergeleken.

Lezers zien alleen de gepubliceerde versie van een column of tekening. Zij weten meestal niet wat daaraan vooraf is gegaan. Heeft de hoofdredactie om aanpassing gevraagd? Of heeft de cartoonist of columnist tandenknarsend een tekening of tekstje ingeslikt? Want ook dat gebeurt.

Hoofdredacteur Folkert Jensma verklaart desgevraagd dat de hoofdredactie één keer een tekening van Fokke & Sukke heeft geweigerd. De makers waren boos, maar hebben zich erbij neergelegd.

Kamagurka stuurt dagelijks enkele alternatieven voor de voorpagina, waarna in onderling overleg de beste cartoon wordt gekozen. Als de hoofdredactie geen der varianten kan waarderen, maakt Kamagurka een nieuwe tekening.

Volgens chef opinie Marc Leijendekker wordt de columnisten op de opiniepagina veel vrijheid gegund. Er wordt wel eens gebeld over een onduidelijkheid, een feitelijke onjuistheid of de toonzetting van een bepaalde zin, maar dat heeft nooit tot problemen geleid. Dat een bepaalde mening in de ogen van de redactie niet door de beugel kan, is de laatste jaren niet voorgekomen. Zo lang columnisten binnen de grenzen van de wet blijven, zijn problemen ook niet te verwachten. De opiniepagina is er immers voor meningsverschil. De redactie hoeft opinies niet te delen om ze toch ruimte te gunnen.

Bij een column als van Youp van 't Hek op de Achterpagina ligt het in zoverre anders dat hier cabaret in de vorm van gedrukte tekst wordt geboden. Niet voor een publiek dat daarvoor kiest en speciaal betaalt, maar voor iedereen die deze krant leest. Niet alleen voor liefhebbers van satire, maar ook voor lezers die alles serieus nemen.

Dat stelt eisen aan de schrijver en aan de redactie die zijn stukjes doorgeeft. Laat niet persoonlijke wraak zegevieren over de toch al bijtende humor. Maar dat schreef Youp van 't Hek zelf ook al in zijn speciale aflevering van `De hoofdredacteur schrijft... de cabaretier antwoordt'.

Piet Hagen, oud-hoofdredacteur van `De Journalist', blikt eens in de veertien dagen kritisch terug op de berichtgeving in NRC Handelsblad . Alle eerdere bijdragen op: www.nrc.nl/krantachteraf