Vaarwel op de zakdoekjeskade

Dit is de zakdoekjeskade. Aan de Wilhelminakade in Rotterdam hebben honderdduizenden, misschien wel miljoenen mensen afscheid genomen van Europa en hun families.

En dus kwamen de zakdoeken tevoorschijn om de tranen weg te vegen en om mee te zwaaien.

Vooral joden uit Oost-Europa ontvluchtten eind negentiende, begin twintigste eeuw armoe en vervolging om aan de andere kant van de oceaan in Amerika hun geluk te zoeken. De overtocht ging per schip van de in 1873 opgerichte Holland Amerika Lijn (HAL). Op de kade had de HAL een landverhuizershotel laten bouwen, waar de toegestroomde emigranten konden wachten op het vertrek van de stoomschepen. De rederij had dat uit eigen belang gedaan. De pensions in de stad waren zo smerig en ongezond dat het gevaar groot was dat de emigranten daar ziek werden. En wie ziek was, kwam Amerika niet in en werd teruggestuurd – op kosten van de HAL.

Bij het Duitse bombardement op Rotterdam in 1940 is de vertrekhal verwoest. Na de oorlog verrees een nieuw, modern gebouw met zes betonnen bogen en grote ramen. Toen waren het vooral Nederlanders die hier geen toekomst meer zagen en naar Amerika emigreerden. Ze gingen met een man of duizend tegelijk aan boord van grote schepen, ware zeekastelen, met namen die eindigden op -dam, zoals de Rotterdam en de Statendam.

Eind jaren zestig maakte de opkomst van de luchtvaart een einde aan de overtochten per schip. De HAL verhuisde naar Amerika en ging zich richten op luxe cruises. De Wilhelminakade raakte in verval. Een enkel pakhuis met afgebladderde verf en kapotte ramen herinnert nog aan de neergang, maar voor de rest leeft het gebied als nooit tevoren. In één boog van de vroegere vertrekhal zit nu een hip café-restaurant met uitzicht op de Erasmusbrug en langsvarende schepen. De grote stukken appeltaart zijn een begrip. De rest van het gebouw is in gebruik als zalencentrum voor feesten en beurzen. Maar ook als terminal, want sinds kort leggen weer schepen aan ook van de HAL. En wat voor schepen! Geen zeekastelen, maar drijvende dorpen, groot en luxe met soms meer dan tweeduizend passagiers. Met mannen en vrouwen die wie weet nazaten zijn van de arme emigranten die hier vijftig tot honderd jaar geleden zijn vertrokken. Zij hebben het gemaakt in Amerika. Voor hen worden de rode loper uitgerold en vergulde paaltjes neergezet. Tranen zijn er daarom niet meer bij, maar zwaaien met zakdoekjes kan altijd nog.

Dit is de laatste aflevering van de serie `Waar gebeurd'