Mitrailleurs bij een zaak van niks

Hij zou een aanslag hebben willen plegen op officier van justitie Plooy. Gisteren stond `Joca' voor heroïnehandel terecht in een zwaarbeveiligde rechtbank.

De beveiliging is die van een terrorismeproces, maar het is ,,een zaak van niks'', zegt de communicatieadviseur van de rechtbank van Den Bosch, I.Westenenk, over de rechtzaak tegen de Joegoslavische Sreten `Joca' J. De 42-jarige Serviër stond gisteren terecht wegens betrokkenheid bij de import van twintig kilo heroïne uit Turkije in Nederland in 1998. Daarbij wordt de zaak alleen pro forma behandeld. Ze begrijpt dan ook niet waarom er zoveel media-aandacht is.

Maar Joca wordt officieus van veel meer beticht. Zo zou hij een belangrijke spil zijn in het netwerk van internationaal actieve criminele netwerken. Hij heet verantwoordelijk te zijn voor de liquidaties van onder meer de Nederlandse criminelen Jan Femer en Sam Klepper. Ook wordt zijn naam genoemd als het brein achter een mogelijke aanslag op de bestrijder van de zware georganiseerde criminaliteit, officier van justitie Koos Plooy.

Justitie ziet Joca als zeer vluchtgevaarlijk en zijn criminele vrienden uit het voormalige Joegoslavië worden afgeschilderd als nietsontziend. Daarom zit Sreten J. in voorlopige hechtenis in de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught en houdt de rechtbank van Den Bosch zitting in het extra-beveiligde gerechtsgebouw in Amsterdam-Osdorp, de zogeheten Bunker.

De Zuidermolenweg, waar de rechtbank staat, is geheel afgezet met dranghekken. Politieagenten leiden het verkeer om. Aan de zijkant, bij een kantoorgebouw, is met hekken een toegangspoort gevormd. Parketwachters controleren de perskaarten van de verslaggevers, die één voor één mogen doorlopen. Een jonge man in burger, het kogelvrije vest zichtbaar onder een T-shirt, loopt voorbijterwijl hij met een hand zijn oordopje afschermt. Twee agentes staan nog buiten.

Daarna volgt een glazen sluis waarachter een gemaskerde man met een Heckler & Koch-pistoolmitrailleur de wacht houdt. Bezoekers moeten hun tassen door een röntgenapparaat laten gaan en riem en schoenen af- en uitdoen. Onder het wakend oog van weer een gemaskerde man met pistoolmitrailleur worden de tassen binnenste buiten gekeerd.

J. werd in 2002 op verzoek van de Nederlandse autoriteiten in Bulgarije gearresteerd en vervolgens uitgeleverd. Hij moet hier nog een oude straf uitzitten wegens het schieten in 1991 op een politieman die hem 's nachts, met andere agenten, wegens een dodelijk misdrijf wilde arresteren. Het delict werd niet bewezen en J. ging ervandoor, nadat hij voorlopige hechtenis was vrijgelaten.

Tijdens zijn gevangenschap in Nederland is hem de drugszaak ten laste gelegd. Volgens zijn advocaat, J.Boone, wordt zijn cliënt ten onrechte afgeschilderd ,,als staatsvijand nummer één, de Bin Laden van de Lage Landen, maar er is daarvoor tot nu toe geen spat bewijs geleverd''.

In de rechtzaal zijn acht mensen met vuurwapens aanwezig, vier van hen zijn in het zwart gekleed en gemaskerd. Zij behoren tot het Justitieel Bijzondere Ondersteunings Team.

Dan komt een jonge man binnen. Hij heeft krullend haar dat over de boord van zijn pak met krijtstreep golft, en een blauw overhemd zonder das. Hij draagt een bril. Misschien dat de Bin Laden van de Lage Landen daardoor eerder kwetsbaar dan angstwekkend oogt. Hij lacht breed naar de twee niet onaantrekkelijk uitziende vrouwen op de publieke tribune.

Boone wilde gisteren het openbaar ministerie niet ontvankelijk laten verklaren, onder meer vanwege de zijns inziens belachelijke veiligheidsmaatregelen. Zijn cliënt wordt door die maatregelen gedemoniseerd, vindt hij, en het kan niet anders of die beveiligingsmaatregelen beïnvloeden de rechtbank. De rechtbank wees het verzoek af omdat zij voldoende professioneel is om ,,afstand te nemen van randverschijnselen''.

Wel krijgt Boone, tot ontstemming van het openbaar ministerie, kopieën van opnamen van afgeluisterde telefoongesprekken. Deze gesprekken moeten het bewijs vormen dat J., samen met de tot levenslang veroordeelde Turks-Koerdische zakenman Hüseyin Baybasin, 20 kilo heroïne heeft geprobeerd Nederland binnen te smokkelen.

Op 14 september wordt de zaak vervolgd.