Israël koestert grimmige rust

Er zijn veel minder Palestijnse aanslagen. Maar de intifadah is niet voorbij, het Israëlische leger is effectiever.

Is de intifadah, de gewapende Palestijnse opstand tegen de Israëlische bezetting van de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook, voorbij? Wie in Jeruzalem op een terras zonder bewaking de faits divers in de ochtendkranten doorneemt, krijgt de indruk van wel.

Het ministerie van Arbeid vreest dat 20.000 van de 45.000 particuliere veiligheidsagenten, werkzaam in de horeca en de middenstand, hun baan zullen verliezen wegens de ,,aanhoudend kalme veiligheidssituatie''.

En het oudercomité van een middelbare school in Herzliya wil dat het schoolbestuur het ontslag terugdraait van de speciale bewaker bij de ingang. De bejaarde Russische baas wil wel eens wegdommelen en liet tot drie keer toe tijdens een geheime test een tas met een niet geladen vuurwapen passeren. Maar dat vinden de ouders opeens geen prioriteit meer, hij is zo aardig voor de kinderen en moet daarom aanblijven.

Het voorpaginanieuws onderstreept de kleine berichten en de speculatieve discussies op de talkradio-stations. De generaals Moshe Kaplinski en Eisenkot, de commandanten van de Judea en Samaria Brigade, melden dat in de eerste helft van 2004 het aantal Palestijnse zelfmoordaanslagen met 80 procent is gedaald ten opzichte van de eerste helft van 2003.

Tot nu zijn er dit jaar vier aanslagen gepleegd, in de vergelijkbare periode in 2003 stond de teller al op zeventien. De laatste grote Palestijnse operatie in Israël zelf was half maart in Ashdod, de andere drie hadden plaats in Jeruzalem (twee bussen) en de Jordaanvallei. Ruim drie maanden geleden draaiden de Israëlische radiostations voor het laatst de nieuwste kibboets-schlager weg voor stemmige muziek.

Voor minister Mofaz van Defensie, oud-generaal, reden voor de triomfantelijke uitspraak dat Israël de strijd tegen terreur aan het winnen is. Hij werd daarin bijgevallen door de conservatieve Amerikaanse columnist Charles Krauthammer van The Washington Post, die constateerde dat de ,,intifadah voorbij is, de Palestijnen de strategische strijd definitief hebben verloren'' en er dus ,,iets historisch is gebeurd in het Midden-Oosten''.

De werkelijkheid blijft grimmiger. In de eerste zes maanden werden 58 Palestijnen gearresteerd vlak voordat zij het ontstekingsmechanisme van een tas met explosieven of een bommenriem konden activeren.

Het uitgebreide netwerk aan verklikkers leverde 103 concrete waarschuwingen voor aanslagen op. In de vergelijkbare periode in 2003 waren dat er overigens 415.

De laatste poging dateert van woensdag, toen bij A-Ram, een Arabische voorstad van Jeruzalem, vier jongens uit het Balata-vluchtelingenkamp bij Nablus in een gele taxi werden aangehouden met een tas vol explosieven. Door uit te wijken en te stoppen voor een naderende jeep had de medeplichtige taxichauffeur de argwaan van de soldaten gewekt. Palestijnse taxichauffeurs stoppen namelijk niet zomaar.

,,Aan motivatie onder de Palestijnen geen gebrek, wel aan slagkracht. Wij weten het gras alleen sneller te maaien dan het groeit'', aldus de behoedzame generaals. Veiligheidsdiensten en het leger claimen effectiever en trefzekerder te zijn geworden in de onderlinge samenwerking en daardoor in het voorkomen van aanslagen. Twee elementen van de ijzeren vuist-politiek van premier Sharon en minister Mofaz lijken een voorname rol te spelen.

De massale arrestatie van leden van Hamas, Islamitische Jihad, Fatah en de Aqsabrigades en de gerichte moorden op hun leiders hebben deze organisaties onmiskenbaar en in hoge mate verzwakt. Hamas beschikt met name in de Gazastrook over duizenden jonge, gemotiveerde vrijwilligers, maar, zolang het duurt, niet over het organisatievermogen en de capaciteit om aanslagen in Israël zelf uit voeren. Vandaar dat de nabij gelegen nederzettingen dagelijks worden bestookt.

In totaal zijn het afgelopen jaar 2.000 militanten gearresteerd en zijn naast de Hamas-leiders Yassin en Rantisi tientallen lokale leiders en cel-commandanten geliquideerd; de laatste drie deze week nog. De nieuwe leider van Hamas, dr. Mahmoud Zahar, hergroepeert zijn organisatie vanuit een ondergrondse schuilplaats, omdat hij weet dat hij, zodra hij op straat verschijnt, voor een schijntje wordt verraden.

Een Israëlische kolonel op de militaire basis van Huwara bij Nablus zei het onlangs treffend als volgt: ,,We hebben iedereen die ook maar over een greintje organisatietalent beschikte opgepakt of vermoord. We hebben onze gevangenissen en de begraafplaatsen gevuld met potentiële en echte terroristen. Een kwestie van het probleem verplaatsen. We hebben nu te maken met het tweede en derde garnituur, jochies nog, die gehersenspoeld zijn, geen woord Hebreeuws spreken, het terrein niet kennen en die pakken we makkelijker op. Maar het is een kwestie van tijd en dan staat er weer iemand op die wél verstand heeft van planning en explosieven.''

Het `veiligheidshek' is in het noorden en bij Jeruzalem beslist een factor, omdat de toegang van de Palestijnse steden Jenin, Tulkarem, Qalqilya en Ramallah naar Israël wordt bemoeilijkt, hoewel niet onmogelijk is gemaakt, zoals vorig jaar in restaurant Maxim in Haifa bleek. In het midden en het zuiden van de Westelijke Jordaanoever speelt de afscheidingslinie nauwelijks een rol.

Belangrijker dan het veiligheidshek, dat ook tot doel heeft de zwaar bewaakte nederzettingen bij Israël te trekken, zijn de militaire omsingeling van de steden met wegversperringen, vaste en vliegende checkpoints en intensieve patrouilles. Alle mannen van 16 tot 35 en sommige gevallen 45 jaar zijn daardoor, net als in de Gazastrook, opgesloten in hun steden en dorpen. Dat is, net als de arrestaties en de liquidaties, overigens weer een dagelijkse bron van woede en frustraties en daardoor zuurstof voor de intifadah.

,,Het is gelukkig kalmer. Hoe kan het ook anders, de Palestijnen zijn totaal murw geslagen. Er zijn al eerder pauzes geweest in de intifadah'', zegt winkelier Abed Shans (63) in Al-Ram, waar pal voor zijn winkel aan de straat van Jeruzalem naar Ramallah een Israëlische muur van beton wordt opgetrokken door Palestijnse bouwvakkers. ,,We mogen onze eigen gevangenis bouwen. Hoe zullen onze kinderen daarop reageren? Ik vrees het ergste, hoewel ik hoop dat het allemaal ophoudt. Met Gods wil zal dat ook gebeuren. Alleen de naievelingen denken dat de intifadah voorbij is.''