Banen in ruil voor langer werken

Grote Duitse ondernemingen dringen steeds vaker aan op een langere werkweek en dreigen daarbij dan soms met vertrek naar het buitenland als de bonden hun eisen niet inwilligen.

Gisteren kwam elektronicaconcern Siemens met de bonden een werkweek van 40 uur overeen in twee fabrieken voor mobiele telefoons. In ruil daarvoor beloofde het bedrijf 30 miljoen euro te investeren in de modernisering van de Duitse fabrieken om zo hun voortbestaan op langere termijn te garanderen.

De werkweek in de fabrieken in Bocholt en Kamp-Lintfort wordt verlengd van 35 naar 40 uur. Tijdens de onderhandelingen dreigde Siemans 2.000 van de 4.500 arbeidsplaatsen naar Hongarije te verplaatsen, waar de lonen 30 procent lager liggen dan in Duitsland. Ook wordt een aantal gegarandeerde betalingen aan het personeel, zoals een eindejaarsuitkering, vervangen door bonussen die afhankelijk zijn van geleverde prestaties.

De bonden haalden de kortere werkweek voor West-Duitsland in 1995 binnen en zagen dat toen als een grote overwinning. Nu proberen Duitse ondernemingen de 35-urige werkweek weer uit te hollen. Steeds meer bedrijven proberen er onderuit te komen. Onder andere Philips, Continental, DaimlerChrysler en Deutsche Bahn streven ook naar langere werktijden.

Bestuursvoorzitter Heinrich von Pierer van Siemens noemde het gisteren bereikte akkoord een ,,overwinning van het verstand''. De bonden zagen er een overwinning in voor de werknemers. Het akkoord toont, aldus Berthold Huber van IG Metall, aan dat ,,er alternatieven bestaan voor het verplaatsen van arbeidsplaatsen naar het buitenland''.

Siemens telt wereldwijd 417.000 werknemers, van wie 170.000 in Duitsland.