Tweede Kamer positief over EU-grondwet

Een ruime meerderheid in de Tweede Kamer zal de kiezers bij een raadplegend referendum aanbevelen in te stemmen met de Europese grondwet, waarover de EU-leiders het vrijdag eens zijn geworden.

Dit bleek gisteren tijdens een debat in de Tweede Kamer over de uitkomsten van de Europese top in Brussel. De woordvoerders van CDA, PvdA, VVD en D66 gaven tijdens het debat met het kabinet aan dat ze een positief stemadvies zullen afgeven. Dat geldt niet voor de partijen aan de uiterste linker- en rechterzijde van het politieke spectrum. De LPF, de SP, de SGP en naar verwachting ook de ChristenUnie zullen een stem tegen het grondwettelijk verdrag adviseren. GroenLinks beraadt zich nog op zijn oordeel.

Het is nog niet duidelijk wanneer het referendum zal worden gehouden. Minister Bot (Buitenlandse Zaken) verklaarde gisteren tijdens het debat dat juristen en vertalers nog zo'n vier maanden nodig zullen hebben om de verdragsteksten in de verschillende talen van de EU exact op elkaar af te stemmen. Pas dan kan het verdrag officieel worden getekend.

Intussen ligt een aangepast initiatief-wetsontwerp van onder meer het Kamerlid Karimi (GroenLinks) voor zo'n raadplegend referendum bij de Raad van State. Vervolgens moet zowel de Tweede als de Eerste Kamer hieraan nog haar goedkeuring verlenen. Het wetsontwerp voorziet vervolgens in het aanstellen van een onafhankelijke referendum-commissie, die zich moet buigen over de vraagstelling en de precieze datum voor de volksraadpleging. Een referendum zou pas op zijn vroegst 87 dagen na het instellen van zo'n commissie mogen worden gehouden. De indieners van het wetsontwerp hebben als maximale termijn voor het houden van het referendum vier maanden gesteld.

LPF-fractievoorzitter Herben pleitte er gisteren voor dat het grondwettelijk verdrag zou moeten worden gesteund door een tweederde meerderheid van de Eerste en de Tweede Kamer. Herben: ,,Een grondwettelijk verdrag mag er niet zomaar met een eenvoudige gekwalificeerde meerderheid door worden gejast, terwijl een grondwetswijziging twee maal door het parlement wordt behandeld, met een tweederde meerderheid in tweede lezing.''

Herben, die hierover ook een motie indiende, zei ook het advies van het kabinet te willen over deze kwestie. Maar andere Kamerleden voorop fractievoorzitter Rouvoet (ChristenUnie) verklaarden dat het hier meer een zaak van het parlement zelf betrof. Kamervoorzitter Weisglas deelde die mening.

De overige Kamerfracties spraken nog geen oordeel uit over de vraag of de grondwet door tweederde meerderheid van het parlement moet worden goedgekeurd.