Omstreden wet tegen Franse homohaat

,,Het is een beetje de wet-Nouchet'', heeft Dominique Perben, de Franse minister van Justitie gezegd. Hoewel de minister zelf de schepper is geweest van het gisteren door de ministerraad goedgekeurde wetsontwerp tegen homohaat, gunt hij de eer ervan aan de inspirator: Sébastien Nouchet.

Deze homoseksueel werd in januari van dit jaar in zijn tuin in het Noord-Franse plaatsje Noeux-les-Mines door onbekenden met benzine overgoten en in brand gestoken. Nouchet heeft de aanslag overleefd en groeide uit tot het symbool van agressie tegen homoseksuelen – en de vorig jaar geregisteerde toename daarvan.

President Jacques Chirac droeg aan die symboolvorming het zijne bij. Hij schreef de levenspartner van Nouchet een brief waarin hij zijn medeleven betuigde en de agressie ten scherpste veroordeelde. Met de brief – het bleef niet onopgemerkt – erkende hij, als eerste president van de Republiek, het bestaan van zoiets als het homoseksuele paar.

Het geval-Nouchet is niet de enige aanleiding voor de voorgenomen wet, die homofobie op één lijn stelt met antisemitisme. De regering van premier Jean-Pierre Raffarin lost er ook een belofte mee in, twee jaar na aantreden. Het moment is geen kwestie van toeval. Deze zaterdag wordt de `Marche des Fiertés' gehouden, de gay-pride-parade. Die heeft een appeltje te schillen met de regering. Begin deze maand verbond Noël Mamère, burgemeester van het Zuid-Franse Bègles, twee mannen in de echt. Tot groot ongenoegen van de regering en president Chirac. Justitie heeft opdracht gekregen te onderzoeken of het huwelijk ontbonden kan worden en Mamère is gedurende een maand ontheven uit zijn functie.

Het geschamper is niet van de lucht: de regering die discriminatie van homoseksuelen strafbaar wil stellen, discrimineert zelf. Het wetsontwerp is een bliksemafleider en een doekje voor het bloeden.

Ook uit andere hoek klinkt kritiek. De strafbaarheidsstelling wordt onderdeel van een uit 1881 stammende wet op de pers. Die vreest een toename van processen wegens smaad.

Feministes hebben geklaagd omdat scheldwoorden als `hoer' en `slet' niet in de wet worden genoemd. Volgens anderen draagt de wet juist bij aan ongewenste `justitiëring' van de samenleving en aan sectarisme. Waarom niet ook een wet ten gunste van roodharigen, dwergen en mankepoten, zo vragen zij zich af.