Messier heeft overal antwoord op

Terwijl de Franse justitie onderzoekt of Jean-Marie Messier als topman van Vivendi malversaties heeft begaan, zoekt hij juist de publiciteit.

Hij mag van justitie geen contact hebben met andere betrokkenen, oud-medewerkers of leden van de instantie die toezicht houdt op beurstransacties, toch deed Jean-Marie Messier, oud-topman van Vivendi Universal en als zodanig verdachte in het onderzoek naar malversaties, gisteren doodgemoedereerd een persbericht uitgaan. Daarin gaat hij uitgebreid in op de beschuldigingen, om ze de een na de ander te weerleggen. Messier werd deze week 36 uur voor verhoor vastgehouden. Hij kwam woensdag na betaling van een ongekende borgsom van 1,35 miljoen euro vrij.

Volgens het persbureau AFP heeft `J2M' met zijn verdediging zelfs al `een klein overwinninkje' geboekt. Van verdachte zou hij `ondersteunend getuige' zijn geworden en de beschuldiging van voorkennis zou veranderd zijn in `vermoedelijke' voorkennis.

Vooralsnog luidt echter de officiële lezing dat er een justitieel onderzoek tegen Messier (47) is geopend wegens `manipulatie van de koerswaarde, verspreiding van valse of bedrieglijke informatie en misbruik van gemeenschapsgelden'. Het onderzoek maakt deel uit van een veel groter onderzoek, dat justitie op verzoek van de kleine aandeelhouders heeft ingesteld naar het reilen en zeilen van Vivendi Universal (VU) tussen 2000 en 2002, toen de op één na grootste mediagroep ter wereld. In het laatste jaar werd duidelijk dat de groep, die onder leiding van Messier een tomeloze groei had doorgemaakt, op de rand van het faillissement verkeerde. Slechts met een rigoureuze afslanking en een grootscheepse verkoop van belangen heeft de nieuwe topman Jean-René Fourtou het tij weten te keren.

Messier heeft zelf om een onderzoek naar zijn handelen verzocht, hetgeen niet wil zeggen dat zonder dat verzoek een onderzoek niet geopend zou zijn. De verdenkingen betreffen drie hoofdpunten. Messier zou in 2001 geprobeerd hebben de koers van het Vivendi-aandeel te beïnvloeden door tussen 17 september en 2 oktober, twee weken voor de bekendmaking van de kwartaalcijfers, voor 5 miljard euro aandelen te kopen. Dat is verboden. Messier brengt hiertegenin, dat hij voor de transactie toestemming had gekregen van de Amerikaanse en Franse beursautoriteiten, met het oog op de uitzonderlijke situatie na de aanslagen van 11 september 2001.

De tweede verdenking betreft het in de boekhouding opnemen van telefoniebedrijven als Cegetel en Maroc Telecom, hoewel VU slechts een minderheidsbelang in die bedrijven bezat. Daardoor ontstond een veel rooskleuriger beeld van de rijkdom van het bedrijf. Messier zegt dat achtereenvolgende directies dit gedaan hebben en dat de toezichthouders ervan op de hoogte waren en het goedkeurden. De laatste beschuldiging geldt de informatie over de schuldenlast van het bedrijf. Op 25 juni 2002 zei VU te beschikken over 3,3 miljard euro aan `ongebruikte' kredieten. De bank Goldman Sachs liet de raad van bestuur op dezelfde dag weten `een liquiditeitscrisis' te voorzien, een vrees die door diezelfde raad onderschreven werd.

Belangrijk in het onderzoek is ook de gouden handdruk van 20,5 miljoen euro waarop Messier bij zijn vertrek aanspraak maakte. Fourtou verzette zich daartegen, vergeefs, want de Amerikaanse rechter stelde Messier in het gelijk. Toch zag hij ervanaf, waarbij hem tegelijkertijd een boete van 1 miljoen dollar werd kwijtgescholden. Justitie begrijpt niet waarom Messier afzag van de vertrekbonus en vermoedt daarom `misbruik van gemeenschapsgelden'.

In de loop van 2002 werd Messier herhaaldelijk door de eveneens onder verdenking staande nummer twee van VU, die hem in interne memo's voorspiegelde dat hij straks `gebruind en wel' een miljardenverlies bekend zou moeten maken. Messier vond de waarschuwing `beledigend'. Maar precies dat gebeurde.

    • Pieter Kottman