Eliteclubs staan toptennis in Engeland in de weg

De vroege aftocht van tientallen Britse tennissers behoort tot de tradities van Wimbledon. ,,Hard werken en geduld hebben'', is volgens coach Martin Bohm de enige manier om een kampioen te kweken.

Van de 256 deelnemers aan het mannen- en vrouwentoernooi van Wimbledon is Tim Henman de enige Brit die zich op eigen kracht wist te plaatsen. Veertien andere Britten hadden een uitnodiging van The All England Lawn Tennis Club nodig om mee te doen aan het Londense grandslamtoernooi. Jaarlijks stopt de Lawn Tennis Association (LTA) miljoenen van de revenuen in de opleiding van nieuwe talenten, maar vooralsnog zijn Fred Perry (1936) en Virginia Wade (1977) de laatste Britse kampioenen. De hoop dat de 29-jarige Henman de eindzege zal behalen wordt met het jaar minder.

Achter de schermen werken internationale toptrainers aan de toekomst van het Britse tennis. Eén van hen is de in Nederland woonachtige Zweed Martin Bohm. De voormalige coach van Nicolas Kulti, Thomas Enqvist, Magnus Norman, Thomas Johansson en John van Lottum trad in oktober in dienst bij de LTA.

De 49-jarige Bohm reist met een aantal Britse profs de wereld over en hij is coach van het Davis-Cupteam. ,,Het is zaak dat de tennissers zoveel mogelijk de wereld over trekken om te spelen'', stelt de echtgenoot van de Nederlandse oud-prof Marcella Mesker. ,,Daar moeten ze ervaring opdoen. We proberen ze zoveel mogelijk daarbij te helpen. De jaarlijkse deelname aan Wimbledon moeten ze zien als een prachtige bonus. Daar moeten ze van genieten.''

Op Wimbledon houdt Bohm zich vooral bezig met de verrichtingen van de tennissers Arvind Parmar en Lee Childs. Parmar werd in de eerste ronde uitgeschakeld en door de aanhoudende regen kon Childs gisteren zijn partij tegen de Nederlander Sjeng Schalken opnieuw niet afwerken. De donkere wolken boven het tennispark aan Church Road stuurden ook de dag van Bohm in de war. Van trainen op het gras kwam niets. Door de regen haalde de 22-jarige Childs wel de vierde dag van het toernooi.

Ondanks het gebrek aan topspelers heeft Bohm vertrouwen in het Britse tennis. De laatste jaren is onder leiding van directeur David Felgate, de oud-coach van Henman, een nieuw beleid ingezet. De jeugdige Britse talenten worden op een zo professioneel mogelijk manier begeleid. In de Londense wijk Roehampton wordt gewerkt aan een modern tenniscomplex. Over twee jaar moet daar naast de indoor-, gravel-, hardcourt- en grasbanen ook huisvesting voor de tennissers gereed zijn.

Tot die tijd verblijft Bohm vaak met de Britse profs op de Londense Queen's Club. Zo nu en dan wordt de hulp ingeroepen van de Amerikaanse oud-prof John McEnroe en Henman. Zowel de technische, tactische, medische als mentale ondersteuning is volgens Bohm ,,absoluut top''. Maar de tennissers moeten wel constant aantonen dat ze de investeringen van de bond waard zijn. Zo niet, dan gaat de geldkraan van de LTA onherroepelijk dicht. Dat merkte de 20-jarige Alex Bogdanovic vorige maand toen hij weigerde met Bohm mee te gaan naar een challenger in Griekenland.

Het grootste talent van Groot-Brittannië stelde dat hij tijdens een trip naar Sarajevo voedselvergiftiging had opgelopen. ,,Dat verhaal van Bogdanovic klopte wel, maar hij vertelde niet de hele waarheid'', zegt Bohm. ,,Nadat hij zijn partij had opgegeven, at hij nog twee kommen soep en een groot bord met spaghetti op. Dus met die voedselvergiftiging viel het wel mee. We moeten ergens een grens trekken. Anders is het beleid ongeloofwaardig.'' Bogdanovic, die op de eerste dag van Wimbledon kansloos verloor van titelverdediger Roger Federer, kan de ondersteuning van circa 120.000 euro per jaar voorlopig vergeten. De nummer 295 van de wereld mag wel gebruik blijven maken van de faciliteiten op Queen's.

Nog niet zo lang geleden moesten de Britse talenten op clubs als Queen's onmiddellijk wijken als een van de leden van de club een balletje wilde slaan. De LTA heeft inmiddels de strijd aangebonden met de clubs die tennis als een sport voor de elite zien. Clubs die weigeren iets voor de jeugd te doen, vasthouden aan kledingcodes en niet openstaan voor nieuwe leden krijgen geen ondersteuning meer van de bond. Bohm noemt de eliteclubs ,,een tegenstander'' van het beleid zoveel mogelijk talenten op te leiden. Op de vraag wanneer de Britse talenten door zullen breken, wil Bohm geen antwoord geven. ,,Hard werken en geduld hebben. Dan komt het resultaat vanzelf'', zegt Bohm.

Volgens Sven Groeneveld, voormalig coach van Greg Rusedski, is tennis in Groot-Brittannië nog steeds grotendeels een elitesport. ,,Als Wimbledon wordt gespeeld, is hier enorm veel aandacht, maar de rest van het jaar is dat anders. Het ontbreekt hier aan de echte passie voor de sport die je in andere landen wel ziet'', stelt Groeneveld. ,,In Groot-Brittannië is bovendien een groot gebrek aan accommodatie. Wat ze wel hebben is geld. Maar het is lastig om een cultuur te doorbreken.''

Tegen beter weten in rekenen de Britten ook dit jaar toch weer op een succes van hun enige topper. Henman houdt al meer dan een decennium lang de hoop op een Wimbledontitel levend. Eind september kunnen de Britten zien hoe het voelt om een kampioen uit hun eigen land te hebben. Dan gaat `Wimbledon' in première, een film met een Brit als winnaar.