Raad: miljoenen extra nodig voor cultuur

In de cultuursector is 18 tot 20 miljoen euro extra subsidie nodig om de aanwezige kwaliteit te honoreren. Dat schrijft de Raad voor Cultuur in zijn aanvullend advies aan staatssecretaris Medy van der Laan (Cultuur).

De Raad voor Cultuur bracht op 19 april j.l. zijn advies voor de Cultuurnota-periode 2005-2008 uit, waarin 834 subsidie-aanvragen van culturele instellingen werden verwerkt. In mei vroeg staatssecretaris Van der Laan de Raad voor Cultuur om een aanvullend advies, onder meer omdat er volgens haar 870.000 euro minder geld beschikbaar was dan de Raad wilde verstrekken.

In het aanvullend advies van vandaag, dat 850 pagina's telt, vraagt de Raad om nog eens 0,9 miljoen extra. Bij alle 453 instellingen die per brief reageerden op het eerdere advies, heeft de Raad zijn oordeel heroverwogen. In zes gevallen had dit financiële gevolgen: de Nationale Stichting De Nieuwe Kerk, het Ives Ensemble, theatergroep Carver en de Nationale Stichting ter Bevordering van de Vrolijkheid krijgen alsnog een positief advies. Ook voor filmeducatiebemiddeling en de distributieregeling van kinderfilms moet geld gereserveerd worden, aldus de Raad.

In totaal gaat het om circa 0,9 miljoen euro op een totaalbedrag van 394,3 miljoen – bijna twee miljoen meer dan het cultuurbudget van 392,5 miljoen euro. ,,Het is niet meer dan een splintertje van het budget'', aldus een woordvoerster van de Raad. ,,In de ogen van de Raad is deze verhoging noodzakelijk. Maar als je werkelijk alle kwaliteit die er in de Nederlandse cultuursector is zou willen honoreren, zou er jaarlijks 18 tot 20 miljoen euro bij moeten.''

De Raad schrijft in het aanvullend advies het extra geld niet bij eerder gehonoreerde instellingen te willen weghalen, maar te rekenen op ,,de mogelijkheid van een financiële bijstelling'' bij het ministerie van OCW. Van der Laan liet vorige maand weten dat er buiten het cultuurnotabudget geen geld beschikbaar was.

De Raad beklaagt zich verder over een dreigende ,,stapeling van bezuinigingen'' in de cultuursector. Op het cultuurnotabudget wordt vanaf 2005 14 miljoen euro (3,5 procent) gekort, maar ook gemeenten bezuinigen op cultuur. Bovendien werd de Raad opgedragen zijn bedragen te baseren op het prijspeil van 2002, terwijl onlangs bleek dat het Rijk over 2004 geen inflatiecorrectie toepast. Tegelijkertijd stijgen in de cultuursector de kosten. Instellingen die vroeger elders financiële steun kregen worden nu vaak doorverwezen naar de Cultuurnota, maar dat ,,is niet het geschikte middel om al deze klappen op te vangen'', aldus de Raad, die de staatssecretaris om een oplossing vraagt.

De Raad dringt ook aan op een discussie over het museumbestel en het muziekbestel (met name de rol van orkesten en operavoorzieningen), en op ,,een samenhangende visie op cultuureducatie''.

Het advies van de Raad voor Cultuur aan de staatssecretaris is niet bindend. Van der Laan gaf eerder nadrukkelijk aan dat ze ,,op haar eigen verantwoordelijkheid tot andere conclusies kan komen''. Bij het schrijven van de Cultuurnota zal ze zich ook deels baseren op het rapport Berenschot, waarin geadviseerd wordt het aantal ondersteunende culturele instellingen te reduceren. Op Prinsjesdag (dinsdag 21 september 2004) presenteert Van der Laan de definitieve Cultuurnota 2005-2008.