De nettobegrenzer

De Europese Unie heeft vele gedaantes, en is onder meer een verzameling van schuivende nationale belangen. In de slotfase van de onderhandelingen over het nieuwe grondwettelijke verdrag, waarover de Europese regeringsleiders afgelopen weekeinde een akkoord bereikten in Brussel, heeft Nederland het nationale belang kundig uitgespeeld. De overige landen zijn er mee akkoord gegaan dat de lidstaten een vetorecht behouden bij de vaststelling van de zogenoemde financiële perspectieven, waarmee voor een periode van zeven jaar wordt bepaald wat de begrotingsruimte van de EU is. Hiervan afgeleid zijn de afdrachten van de lidstaten aan Brussel. Aangezien Nederland met circa drie miljard euro per jaar de grootste `netto-betaler' is van de EU – per hoofd van de bevolking betalen Nederlanders vijf keer meer dan Denen – is met het behoud van het vetorecht een evident nationaal belang gemoeid.

Komend jaar moeten de onderhandelingen worden afgerond over een nieuwe periode van de meerjarenbegroting. Hierbij wil Nederland vastleggen dat de afdrachten van de lidstaten aan een maximum zijn gebonden. Dat moet niet alleen fungeren als rem op de Europese uitgaven, maar ook op de inkomsten. Deze zogenoemde `nettobegrenzer' moet voorkomen dat er grote onderlinge veschillen bestaan tussen de lidstaten wat betreft betalingen aan Brussel en ontvangsten in de vorm van subsidies. Indertijd heeft de Britse premier Thatcher onder het motto `I want my money back' een speciale regeling voor Groot-Brittannië afgedwongen. Deze Britse afspraak is aan herziening toe en moet vervangen worden door een algemene beperking van nettobetalingen.

Voor de Nederlandse EU-diplomaten was het lastig dat de onderhandelingen over het vetorecht in de grondwet en de nettobegrenzer voor de meerjarenbegroting niet synchroon liepen. Het een kon niet tegen het ander uitgeruild worden, zoals gebruikelijk is in complexe onderhandelingen. Op een vernuftige manier heeft Nederland toch een koppeling tot stand gebracht. Het vetorecht dat Nederland heeft bedongen voor de meerjarenbegroting, blijft van kracht totdat er een bevredigende regeling is getroffen over de afdrachten aan Brussel. Zodra er volgend jaar een nettobegrenzer voor de betalingen is overeengekomen, kan Nederland het veto voor de begroting laten vallen. De opheffing van het vetorecht heeft Nederland in eigen hand, want dit kan alleen maar met unanimiteit gebeuren. Elementair, mijn beste Watson, zou Sherlock Holmes zeggen.