`Wie kan werken kan ook inburgeren'

Hoe moeten oude migranten inburgeren? Waar? En hoe duur wordt het? Minister Verdonk weet het nog niet. De Kamer is kritisch.

Inburgering, niet langer alleen voor nieuwkomers maar ook voor migranten die hier al langer wonen (oudkomers), moet verplicht worden. Daar was iedereen het gisteren in de Tweede Kamer roerend over eens met uitzondering van de LPF, die niet aanwezig was bij het debat over de contouren van het nieuwe inburgeringstelsel.

Maar de regeringsplannen daartoe zijn veel te vaag en worden te traag uitgevoerd, meende de Kamer. Het ergerde de Kamer dat minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie, VVD) pas in juli 2005, een half jaar later dan was beloofd, met het wetsvoorstel komt voor de verplichte inburgering van oudkomers. ,,Het lijkt erop dat de maatregelen als een hete aardappel vooruit worden geschoven'', aldus het Kamerlid Sterk (CDA). Ze riep Verdonk op om snel duidelijkheid te verschaffen.

Volgens het Kamerlid Dijsselbloem (PvdA) is er bovendien ,, nog geen begin van een financiële onderbouwing van het nieuwe stelsel''. Hij wilde, net als GroenLinks, SP, D66, ChristenUnie en SGP, van Verdonk weten hoeveel het cursusgeld straks gaat bedragen, hoeveel de migrant zelf moet betalen, hoe hoog de sancties worden als deze binnen vijf jaar het inburgeringsexamen niet haalt en hoeveel en bij welke instelling een armlastige migrant straks geld kan lenen om de cursus te financieren. Verdonk moest op al deze vragen het antwoord schuldig blijven. Ze weet het simpelweg nog niet.

Dat is de reden dat het nog een jaar duurt voordat ze het wetsvoorstel voor de inburgering van oudkomers bij de Tweede Kamer kan indienen. Over de uitvoering van vrijwel alles wat ze voorstelt moet ze nog overleg voeren met een leger aan betrokkenen in het land én met juristen.

Zo betoogde Verdonk gisteren dat internationale wet- en regelgeving haar niet belemmert om bijvoorbeeld ook genaturaliseerde Nederlanders, tenminste als deze buiten de EU zijn geboren, te verplichten in te burgeren als ze onvoldoende Nederlands spreken. De Kamer betwijfelde het en vond het bovendien naar discriminatie rieken. ,,Een autochtone analfabeet kan zonder kosten gebruik maken van een analfabetiseringscursus'', aldus Dijsselbloem, ,,terwijl een allochtone Nederlander het cursusgeld zelf moet opbrengen.''

Wat Verdonk wel weet is dat ze vrijwel zeker alle oudkomers tot 65 jaar gaat verplichten om alsnog een inburgeringsgsexamen te halen. ,,Je bent pas oud als je 75 of 85 jaar bent'', sprak de minister. Ze legt daarmee het advies van de commissie-Franssen naast zich neer, die vrijdag pleitte voor vrijstelling van de verplichte inburgering voor oudkomers vanaf vijftig jaar die niet meer sollicitatieplichtig zijn.

Volgens Verdonk is haar plan in overeenstemming met dat van het kabinet om iedere werkloze in Nederland te verplichten om tot zijn 65ste te solliciteren. Wel neemt ze het voorstel van Franssen over om voor het inburgerinsgexamen het niveau vreemde talen van het mbo als uitgangpunt te nemen. Dat omvat een woordenschat van zo'n 2.000 woorden en enige vaardigheid in schrijven en lezen.

Ook hoe ze de naar schatting 460.000 oudkomers kan bereiken die al langer in Nederland wonen en nog steeds nauwelijks tot geen Nederlands spreken, bleef Verdonk vaag. Filtert ze die uit de gemeentelijke bestanden? En hoe weet ze wie in de achterliggende jaren wel of niet Nederlands heeft geleerd? Het bleef onduidelijk. Wel wil ze dat werkloze oudkomers en allochtone vrouwen met voorrang door de gemeente een cursus wordt aangeboden. Volgens het Kamerlid Lambrechts (D66) verliest Verdonk zich ,,in het principe van deze regering dat migranten zelf verantwoordelijk zijn voor hun inburgering en maakt ze zich te weinig druk om de effectiviteit van de voorgestelde maatregelen''.

Verdonk wil bovendien het cursusaanbod nu 38.000 plaatsen, straks 60.000 overlaten aan de vrije markt. Voor nieuwkomers zijn gemeenten nog gedwongen om de cursus in te kopen bij een Regionaal Opleidingscentrum (ROC). Voor oudkomers wordt deels al met commerciële bureaus samengewerkt. De ROC's stellen dat er zevenduizend banen verdwijnen en dat er 800 miljoen euro aan wachtgeld voor onderwijzend personeel zal moeten worden opgebracht als de gedwongen winkelnering wordt losgelaten. Verdonk trok dat gisteren in twijfel.

Ook liet ze, tot verrassing van de Kamer, haar aanvankelijke idee los dat er alleen door de overheid gecertificeerde aanbieders van inburgeringscursussen komen. ,,Al die bureaucratie belemmert nieuwe innovatieve projecten'', filosifeerde de minister. ,,Eigenlijk is het enige belangrijke dat het inburgeringsexamen wordt gehaald, niet hóé. Desnoods met hulp van de buurvrouw op de hoek.''