Jachtbouw kan op meer werk rekenen

De Nederlandse jachtenbouw heeft een stevige impuls gekregen. Tijdens een perspresentatie van de Hiswa te Water, die van 31 augustus tot en met 5 september in Seaport Marina in IJmuiden wordt gehouden, maakte Hiswa-directeur A. Vink bekend dat voor de jachtenbouw na drie jaar intensief overleg met de Nederlandse overheid per 1 mei de fiscale regels zijn aangepast. Daardoor kan Nederland beter de concurrentie aan met het buitenland. Vooral met EU-landen als Italië, Frankrijk en Spanje.

Het grote voordeel is volgens Vink dat jachtenbouwers onder de nieuwe belastingregels hun klanten voortaan een totaalpakket kunnen aanbieden. ,,Nu worden luxe jachten hier wel al veel gebouwd, maar vervolgens varen de schepen onder een andere vlag. Vooral om fiscale redenen. Daardoor wordt het onderhoud ook vaak in het buitenland gedaan.''

In de grote jachtenbouw zijn ongeveer vijftien Nederlandse werven actief. Zij bouwen jaarlijks voor 500 tot 600 miljoen euro aan schepen en tellen ruim 3.800 arbeidsplaatsen. Bijna alle jachten worden geëxporteerd en hun marktaandeel bedraagt circa 16 procent. Na de Verenigde Staten en Italië is Nederland de grootste producent van jachten langer dan 24 meter.

In de Nederlandse watersportindustrie, inclusief recreatie- en toeristische bedrijven en zonder de export van jachten, gaat jaarlijks ongeveer 4,2 miljard euro om en werken 30.000 mensen.