Politici nu met grondwet de boer op

Na hun akkoord over de Europese grondwet gaan de politieke leiders nu steun zoeken in de nationale parlementen en onder de bevolking.

Voor de Europese leiders gaat na het bereiken van het akkoord over de Europese grondwet, afgelopen vrijdagavond, nu fase twee in: het verkopen van dat akkoord. Want hoe ,,historisch'' het moeizaam bevochten resultaat ook alom genoemd mag worden, er zal pas werkelijk wat zijn bereikt als alle 25 nationale parlementen hebben ingestemd met de Europese grondwet, strikt genomen een grondwettelijk verdrag.

En die parlementen hebben het niet alleen voor het zeggen. In tal van landen zal het Europese grondwettelijk verdrag worden onderworpen aan een referendum. Hoe riskant die volksraadplegingen voor het nu bereikte akkoord kunnen zijn hebben de verkiezingen voor het Europees Parlement van vorige week bewezen, waarbij euroscepsis als de dominante factor naar voren kwam.

Daar komt nog bij dat er maar één land hoeft te zijn dat tegenstemt en voor heel Europa is de grondwet van de baan. Deze politieke variant van het sudden death systeem is een direct uitvloeisel van de huidige Europese regelgeving, die voorschrijft dat EU-verdragen alleen in unanimiteit kunnen worden veranderd.

Deze rigide besluitvormingsprocedure was nu juist een van de redenen achter het grondwetproject dat in 2002 begon met de zeer breed samengestelde Europese Conventie, maar dat zijn echte oorsprong vond in de zogeheten verklaring van Laken van december 2001. Daarin spraken de regeringsleiders van de toen nog vijftien lidstaten van de Europese Unie zich uit voor een fundamentele wijziging van de besluitvormingsstructuur. Zoals in de vaak in verheven bewoordingen gestelde verklaring stond: ,,Binnen de Unie moeten de Europese instellingen nader tot de burger komen. De burgers scharen zich ongetwijfeld achter de grote doelstellingen van de Unie, maar ze zien niet altijd een verband tussen deze doelstellingen en het dagelijks optreden van de Unie. Ze vragen de Europese instellingen minder logheid en starheid en vooral meer efficiëntie en transparantie.'' En zoals de inleiding eindigde: ,,Maar misschien nog belangrijker: de burgers vinden dat alles veel te veel boven hun hoofd bedisseld wordt en willen een betere democratische controle.''

Dit laatste sentiment heeft in het publieke debat over Europa de overhand gekregen. Niet voor niets is de roep om een referendum over de grondwet zo groot. De vrees dat er `iets' besloten wordt over de hoofden van de gewone mensen heen, is in alle landen de voornaamste drijfveer achter de referendumbeweging.

De moeizame discussie van de afgelopen maanden over de grondwet heeft die argwaan niet kleiner gemaakt. Integendeel: voor de sceptici was dit het bewijs dat er ingrijpende wijzigingen op stapel stonden. In de termen van de Britse tabloids: de nationale soevereiniteit staat op het spel.

De Britse premier Blair, die van alle regeringsleiders – wellicht de Poolse premier Belka uitgezonderd – ongetwijfeld de meest harde strijd moet voeren om een meerderheid van de bevolking achter de EU-grondwet te krijgen, had het na afloop van de top in Brussel al over een strijd tussen realiteit en mythe. Probleem is wel dat de verdediging van Blair tegenover zijn critici (,,We houden het als land volledig voor het zeggen'') voor de kleinere Europese landen reden is om juist kritisch te zijn. Want was nu niet net ook een van de doelen van de grondwet dat afzonderlijke lidstaten het minder voor het zeggen zouden krijgen? Daardoor zou, zeker in de almaar groeiende EU, de verlammende besluitvorming kunnen worden tegengegaan.

Aan de andere kant: de stemming waaronder drie jaar geleden de Europese leiders hun verklaring in Laken konden opstellen, is al lang niet meer de overheersende. De herwaardering van de nationale staat is niet een louter Britse aangelegenheid, maar overal aan de orde, ook in Nederland.

De EU-leiders hebben hun grondwet. Nu nog de zegen van hun parlementen en bevolkingen. Het wordt een hard gevecht, waarbij de taaie grondwettekst nauwelijks een rol speelt. De leiders zullen er een strijd met een hogere inzet van maken: niet voor of tegen de grondwet, maar in de Europese Unie blijven of er uit stappen.

HOOFDARTIKEL: pagina 9

WWW.NRC.NL: dossier Uitbreiding EU