Mode voelen en passen in het museum

Er wordt druk geknipt, gestikt en gestreken in het Museum voor Moderne Kunst Arnhem. De modeafdeling van de Academie Arnhem viert daar het 50-jarig bestaan met een expositie met de onuitspreekbare naam MODE 50DE.

,,Is dit echt of een performance?'' vragen bezoekers aan modeontwerpster Jasmijn Schutten die al schetsend en speldend een modecollectie ontwikkelt. Schutten vindt het een rare vraag, natuurlijk is het echt, er wordt serieus gewerkt in het museum. Oud-academiestudent en mode-illustrator Pieter 't Hoen (alias Piet Paris) is de curator van MODE 5ODE. Hij koos voor een levendig concept. Zo gaat het er immers ook in het echt aan toe op de Arnhemse Academie.

't Hoen bouwde de museumzalen om tot sobere klaslokalen waaronder een styling- en patroonkamer waar wordt gewerkt temidden van patronen, rollen stof, strijkplanken en een batterij naaimachines die in slagorde op tafeltjes langs de muur staan opgesteld. Het herinnert aan de talloze uren die de studenten tijdens hun opleiding zwoegend achter de apparaten doorbrachten.

In de patroonkamer speldt Ferdinand Schmeits behendig zijn patronen op de stof. Half september moet zijn collectie af zijn. Schmeits kan dan zijn ontwerpen een paar meter verderop in de rekken van de tot `boetiek' getransformeerde koepelzaal van het museum hangen. In dit unieke miniwarenhuis van de Nederlandse mode kunnen bezoekers de kleding bekijken, voelen en passen.

Van de circa tien Nederlandse mode-opleidingen heeft Academie Arnhem gedurende de afgelopen vijftig jaar de sterkste reputatie opgebouwd. Meer dan zeshonderd ontwerpers studeerden er af. Ruim vijftig minicollecties geven in de boetiek een afwisselend beeld van de in Arnhem afgestudeerde ontwerpers. De vrolijke couture van Jan Taminau hangt naast de avant-gardistische mannencollectie Wolf van Francisco van Benthum en de flirterige zijden jurkjes van Spijkers & Spijkers. Merkwaardig is dat van Arnhems trots Viktor & Rolf slechts twee, ook nog heftig bij elkaar vloekende, outfits te zien zijn. School en museum beschikken niet over een eigen collectie en waren dus afhankelijk van de generositeit van oud-studenten. Volgens de curator haakten Viktor Horsting en Rolf Snoeren op het laatste moment af.

Het internationaal succesvolle label The People of the Labyrinths is uitbundig aanwezig met zijn kleding voor rijke hippies, evenals het bij jongeren populaire streetwear label GSUS. Het Italiaanse merk Diesel is er omdat het geleid wordt door Arnhemmer Wilbert Das. Niet tastbaar aanwezig zijn ontwerpen van Arnhemmers die achter de schermen op belangrijke posities werken bij giganten als Nike, H&M en Tommy Hilfiger.

De nadruk op het ontwerpproces en de kleding die nu te koop is gaat ten koste van de aandacht voor de vijftigjarige geschiedenis van de academie. Alleen op een tijdbalk met fotootjes krijg je te zien dat er ook vroeger bijzondere dingen gebeurden die nieuwsgierig maken. Oud-studenten zoals Maarten van Dreven maakten in 1966 waanzinnige zilveren minirokjes. Uit de feestelijke charlestonjurk van Jan Aarntzen (bekend van de theatrale jurken van Karin Bloemen) blijkt dat hij in 1974 al niet vies was van spektakel. Van de eerste veertig academiejaren is er helaas niets in het echt te zien. Onvergeeflijk is dat ook oprichtster en hoofddocente Elly Lamaker van de modeafdeling wordt genegeerd. Ze is gepensioneerd, maar alle studenten zullen zich haar inspirerende, gedisciplineerde aanpak herinneren. Lamakers kreet: ,,Ik heb de hele nacht wakker gelegen, en nu weet ik het, we gaan het helemaal anders doen'' werd legendarisch. Zonder dat verleden is MODE 50DE vooral een evenement voor de academie. Al is een winkel met vijftig Nederlandse ontwerpers iets waar je elke week wel naar toe zou willen. Want kwaliteit komt er genoeg uit Arnhem.

Tentoonstelling: MODE 5ODE, 50 jaar mode-onderwijs Arnhem. Museum voor Moderne Kunst, Arnhem. T/m 19/9, di-vr 10-17 en za-zo 11-17 uur. Boek: Academie Arnhem - 50 jaar in mode. Kledingverkoop in de boetiek 17-19/9. Workshops. Inl. 026-3512 431; www.mmkarnhem.nl