Het gras telt steeds minder geheimen

Een verrassende winnaar (Michael Llodra) en een al even verrassende verliezer (Guillermo Coría) besloten gisteren het grastoernooi van Rosmalen.

Wat doet een tennisser die de Engelse taal niet machtig is na afloop van een verloren finale? Die prijst zich gelukkig dat er geen tolk voorhanden is, doet de immer hulpvaardige persofficier van de spelersvakbond ATP enkele plichtmatige citaten aan de hand, en maakt zich vervolgens razendsnel uit de voeten. Op naar Wimbledon. In een door de organisatie gecharterd privé-vliegtuig.

Guillermo Coría had gisteren, na afloop van zijn nederlaag tegen Michael Llodra (6-4 en 6-3), een interessant verhaal te vertellen. Hoe was het immers mogelijk dat hij, een gravelspecialist bij uitstek die tot voor kort nog nooit een partij op groene zoden had gewonnen, was doorgedrongen tot de finale van een ATP-toernooi op gras? Had hij plotseling het licht gezien? En: hoe had de nummer drie van de wereld, net als zijn Franse bedwinger met een wildcard toegelaten in Rosmalen, zijn dramatische nederlaag in de finale van Roland Garros verwerkt?

Maar Guillermo Coría spreekt slechts Spaans, en mocht gistermiddag bij gebrek aan een vertaler als een dief in de nacht vertrekken uit Brabant. Maar niet nadat de 22-jarige driftkikker uit Argentinië de overijverige ATP-perschef had ingefluisterd wat iedereen reeds met eigen ogen had kunnen zien: ,,Ik voel me steeds beter thuis op gras.'' En: ,,Ik had nooit kunnen dromen dat ik hier zover zou komen.''

Wie wel? Noodgedwongen maakte Coría zaterdag nog overuren op het Autotron, nadat zijn kwartfinalepartij tegen Arnaud Clément een dag eerder wegens de aanhoudende miezerregen geen doorgang had kunnen vinden. En dus stond hij 's ochtends eerst tegenover de Fransman met de onafscheidelijke zonnebril, om het kort na zijn derde opeenvolgende graszege (6-2 en 7-5) op te nemen tegen een van de rijzende sterren van het internationale tennis, Mario Ancic. Ook de twintigjarige Kroaat, bedwinger van zowel titelverdediger Sjeng Schalken als local hero Martin Verkerk, wist geen bressen te slaan in Coría's defensieve schaakspel.

Dat deed Llodra wel, met overtuiging zelfs. Maar de linkshandige Fransman bewees de afgelopen week dan ook meer te zijn dan de fletse secondant van de Franse routinier Fabrice Santoro, met wie hij al twee grandslamtitels won in het dubbelspel. Dat ondervond Raemon Sluiter vrijdag al tot zijn ergernis in zijn kwartfinalepartij tegen de Parijzenaar. ,,Ik kan ook singelen'', stelde Llodra (24) gisteren verheugd vast, en daarmee was niets te veel gezegd. Door koel en stug vast te houden aan zijn klassieke en bij vlagen geraffineerde service-volleyspel dreef de bescheiden nummer 65 van de wereld zijn tegenstander langzaam maar zeker tot wanhoop.

Met alle gevolgen van dien. Want veertien dagen na zijn heldendood op het gravel van Parijs kwamen de spoken in Coría's hoofd weer bovendrijven, en smeet hij weer als vanouds met rackets en krachttermen, net als twee weken geleden in de zenuwslopende slijtageslag tegen landgenoot Gastón Gaudio. Zo groot is de geldingsdrang van de Argentijnse heethoofd dat hij zichzelf regelmatig in de weg zit.

Tennissen kan hij, als de beste zelfs, maar het mentale spel beheerst het temperamentvolle baasje nog allerminst. In plaats van zich te ontdoen van zijn coach, zoals hij kort na `Parijs' deed, zou hij er verstandiger aan doen de hulp in te roepen van een sportpsycholoog. Wellicht dat die hem kan verlossen van de neurotische reflexen, die bij het minste of geringste bezit van hem nemen. Die personele ingreep zou zijn droom nummer één van de wereld worden dichterbij brengen.

Maar El Mago (De Magiër) troostte zich gisteren met de gedachte dat hij sowieso al een mentale horde heeft genomen. Op de ondergrond immers die hij nog niet zo lang geleden verfoeide, bleek hij de afgelopen week wel degelijk uit de voeten te kunnen. De snelle baansoort, waar de bal amper van de grond komt, vereist aanpassing en begrip. Wie met lichte tegenzin of erger nog angst de baan opstapt, is bij voorbaat kansloos. Berusting en acceptatie zijn de sleutelwoorden, weet Coría inmiddels. Het kostte oud-proftennisser Richard Krajicek enkele jaren voordat hij zich had verzoend met de snelle en vaak gladde ondergrond. Prompt won hij, de serve-volleyer met de verwoestende opslag, het toernooi der toernooien: Wimbledon.

Zo'n vaart zal het met Verkerk vermoedelijk niet lopen. Ook al beschikt het 25-jarige servicekanon uit Alpen aan den Rijn over nagenoeg dezelfde wapens als Krajicek, en kwam hij in Rosmalen tot dezelfde verheugende constatering als Coría: hij kan op gras wel degelijk uit de voeten. Goed, een grasspecialist zal hij naar eigen zeggen wel nooit worden, maar: ,,Ik zit goed in mijn vel.''

Reken maar dat Verkerk morgen, wanneer hij het in Londen in de eerste ronde opneemt tegen de Rus Nikolai Davidenko, beter voor de dag komt dan vorig jaar, toen hij nog bedwelmd was door zijn onverwachte succes op Roland Garros en tegenstander Robin Soderling slechts de bal in het spel hoefde te houden om de `kroonprins van Parijs' te vloeren. ,,Toen ging ik slechts om het prijzengeld van de eerste ronde op te halen'', grimaste Verkerk zaterdag in Rosmalen.

Die kwajongensstreek laat de Nederlander nu achterwege, beloofde hij. Guillermo Coría ook.