Gooien met ketchup

Tomatenketchup maakt gemene vlekken, maar is geen wapen. Volgens de huidige wetgeving zijn verdachten niet verplicht hun naam op te geven. Vandaar dat de rechter-commissaris de vrouwen die minister Verdonk (VVD, Vreemdelingenzaken) hadden besmeurd met ketchup uiteindelijk wel moest vrijlaten met geanonimiseerde dagvaardingen. Gezien de lichtheid van het delict kon onmogelijk een lang voorarrest worden opgelegd. Het incident kan wel een voorbode zijn van ernstiger incidenten zoals bijvoorbeeld de moord op Fortuyn liet zien. Maar dat maakt degenen die met etenswaren hebben gegooid nog niet medeplichtig. Tenzij medeplichtigheid aan terreurdaden is bewezen, moet het gooien van taarten of ketchup als afzonderlijk incident worden gezien.

Tot de moord op Pim Fortuyn in 2002 werd weinig aandacht gegeven aan het gooien van etenswaren naar hoogwaardigheidsbekleders. In langvervlogen tijden werden daar rotte tomaten en eieren voor gebruikt (theaterartiesten waren ook doelwit). Nu zijn de tomaten verwerkt in ketchup en worden ook verse actietaarten gebakken. Bekende persoonlijkheden met een scherp publiek profiel zijn er meestal slachtoffer van. Het doel van taartacties is hoogwaardigheidsbekleders belachelijk te maken. Geen tv-zender zal de druipende gezichten versmaden. De econoom Milton Friedman, Microsoft-baas Bill Gates, de Britse minister van Landbouw Nick Brown en minister Zalm kregen taarten over zich heen. Eurocommissaris Bolkestein deed niet eens aangifte.

Pas toen Pim Fortuyn werd vermoord, twee maanden nadat hij een taart van actievoerders over zich heen had gekregen, kwam in Nederland een einde aan de lacherigheid over dit soort incidenten. Vlak na de moord werden de verdachten van het taartincident alsnog opgepakt en later beboet met 500 euro. Dat was rijkelijk laat en had eerder moeten gebeuren. Maar ook dan was de moord niet voorkomen. Een betere beveiliging was effectiever geweest.

Wie nu met ketchup of taarten gooit moet weten dat hij daarmee een groter schrikeffect teweegbrengt dan voor de moord op Fortuyn het geval was. Daders moeten beseffen dat niemand hun actie meer zal relativeren en dat er dus waarschijnlijk straf volgt. Justitie zal ook goed moeten uitzoeken of in de kringen van ketchup- of taartgooiers mensen zijn met gevaarlijke plannen. Voor Verdonk was het incident terecht aanleiding voor een betere beveiliging. Zij heeft als minister van Vreemdelingenzaken een gevoelige functie die tot verontwaardigde reacties aanleiding geeft. Van Verdonks voorganger, staatssecretaris Kosto, werd in 1991 het woonhuis opgeblazen. Goede beveiliging kan veel voorkomen, maar ook daders van dergelijke terreur moeten worden opgespoord. Dat is belangrijker dan de symbolische verontwaardiging over een paar ketchupgooiers.