Kermis in een soldatenziel

Ze zitten met z'n allen in een petieterig decor: de acteurs en de dansers, de musici en de dirigent. Histoire du soldat, een samenwerking van toneelgroep Oostpool, dansgroep Introdans en het Gelders Orkest, is muziektheater in miniatuurformaat. De voorstelling is de opening van het Arnhemse Stravinsky Festival dat tot 27 juni duurt. Vanavond en morgen zijn Stravinsky's Mavra en een enscenering van Le sacre du printemps te zien.

De kleine schaal maakt deze Histoire du soldat niet alleen intiem, maar ook historisch verantwoord. Componist Igor Stravinsky schreef het in 1918, als banneling in Zwitserland. Geld voor een groots decor had hij niet. Voor een compleet orkest evenmin. Hij zat aan de grond. Zou hij in Zwitserland blijven, ver van zijn vaderland, of verder trekken door Europa? Sinds de bolsjewieken de macht hadden overgenomen leek een terugkeer naar Rusland hem onmogelijk. Terwijl hij dat zo graag wou.

Geld en het verlangen om naar huis terug te keren: het zijn de twee grote thema's in de biografie van Stravinsky en in het verhaal van de soldaat. Die laatste is op weg naar zijn geboortedorp en verheugt zich op het weerzien met zijn dierbaren. Maar hij heeft geen cent te makken. Dan slaat de Duivel toe, uiteraard in vermomming. Hij haalt de soldaat over zijn viool te ruilen voor een boek waarvan je rijk wordt. De soldaat wordt inderdaad rijk – maar de weg terug naar huis is afgeneden, er is alleen nog een weg vooruit.

Voor regisseur Jos van Kan is het geen vanzelfsprekendheid dat je terug wilt naar vroeger. Want wat voorbij is, is voorbij en de kunst is om in het heden te leven. De trieste afloop van het verhaal wijt hij helemaal aan de soldaat zelf, die zich te zeer door weemoed laat leiden. Hij zou het zo goed kunnen hebben, nu hij na veel omzwervingen een lieve prinses heeft gevonden. Maar hij moet zo nodig op zoek naar zijn oude dorp – en wordt getroffen door een banvloek van de Duivel.

De soldaat is hier een rusteloze moderne mens en de Duivel komt uit hemzelf voort: niet voor niets hebben Has Drijver (de soldaat) en Olaf Malmberg (de Duivel) dezelfde zwarte pakken en hetzelfde lange blonde haar. Ze zijn twee kanten van hetzelfde personage, en ook de drie dansers van Introdans beelden de worsteling van die ene man uit; ook hún pakken zijn zwart en ook hún gebaren gejaagd, vertwijfeld, staccato.

En tegelijk heel geestig: choreograaf Ben Holter laat hen rollebollen in een tempo dat even hoog ligt als het capriolencircus van de lenige Duivel. Men maakt daarbij dankbaar gebruik van dat kleine maar fijne decor. Om aan te geven dat de hele kermis zich in de ziel van het soldaatje afspeelt, ontwierp beeldend kunstenaar Michiel Voet een ruimte van hetzelfde warme hout als de viool. In de goudbruine wanden zijn nissen uitgespaard die voor verrassingen zorgen. Soms geven ze licht. Een andere keer ligt er een danser in, of we zien in een flits een voet van de Duivel, die het toneel dikwijls van bovenaf bekijkt.

En zo komt alles samen: de grillige muziek, met de Petersburgse Nikolai Alexejev als furieuze dirigent van een fractie van het Gelders Orkest; de gloednieuwe en sobere vertaling van Peer Wittenbols; het scherpe spel en de puntige, watervlugge dans. Een smaakmakende opening van het Stravinsky Festival.

Stravinsky Festival: Histoire du Soldat. Tekst: Ramuz en Stravinsky. Vertaling en bewerking: Peer Wittenbols. Regie: Jos van Kan. Gezien: 17/6 Huis Oostpool, Arnhem. Aldaar t/m 27/6. Inl: 026-4437343 of www.stravinskyfestival.nl.

    • Anneriek de Jong