Enschede wil ramp niet zien

In de Enschedese wijk Roombeek blijven weinig tastbare herinneringen over aan de vuurwerkramp.

Het college van B en W van Enschede heeft gekozen voor een bescheiden, niet in het oog springend monument op de plek van het voormalige vuurwerkbedrijf S.E. Fireworks. Alleen enkele funderingsplaten en de krater blijven zichtbaar.

Volgens wethouder R. Bleker is er sprake van ,,een dilemma''. Tegenover de Enschedeërs die behoefte hebben aan een blijvende herinnering, zijn er mensen die niet met de ramp geconfronteerd willen worden.

Het uitverkoren monument, `Het verdwenen huis tussen hemel en aarde', houdt volgens de gemeente rekening met beide groeperingen. Het monument bestaat uit een reeks zwarte stenen in een grasveld, waar in het voorjaar witte krokussen bloeien.

In de stenen, die de contouren van een huis weergeven, worden de namen van de dodelijke slachtoffers gegraveerd. Volgens de gemeente is het ontwerp van het bureau Balta uit Amsterdam niet bombastisch of opdringerig en kunnen mensen er ook achteloos aan voorbijgaan.

Enschede had voor de keuze van het monument een prijsvraag uitgeschreven. Uit 302 inzendingen bleven er vijf over. ,,Het verdwenen huis'' kreeg ook de voorkeur van de wijkraad en nabestaanden. Andere Enschedeërs, die ook hun stem mochten uitbrengen, kozen een ander, meer in het oog springend monument.

Slechts 484 `gewone' Enschedeërs hebben gestemd. Voor de gemeente Enschede weegt de stem van de nabestaanden zwaarder dan die van andere inwoners. Een van de nabestaanden heeft aangegeven geen prijs te stellen op vermelding van de naam in de zwarte stenen. De gemeenteraad moet nog instemmen met de keuze van het college. Bij de vuurwerkramp (13 mei 2000) kwamen 22 mensen om en raakten honderden mensen gewond.