Alcoholvrij feestje kan weer in het kamp

De Nederlandse militairen in Zuid-Irak hebben niet veel te beleven. Ze grijpen elke gelegenheid aan voor een alcoholvrij feestje. Over gevaar willen ze niet nadenken. ,,Je doet er toch niets aan.''

,,Niet scheren'', staat er boven de wasbakken in het wc-hok. ,,Ook hoofden niet scheren hier.'' Welkom op Moegahjem al Salaam – `het tentenkamp van de vrede' – thuisbasis van het B-team van het 42ste bataljon Limburgse Jagers in Zuid-Irak. Het kamp is 250 bij 250 meter. Er omheen een aarden wal, wachttorens, prikkeldraad en een droge gracht waar volgens de mannen ,,nog geen tank'' doorheen komt.

Buiten de omheining ligt de stoffige delta van de rivier de Eufraat, met palmbomen, lemen huizen tussen plukjes groen dat vervaagt in de richting van het plaatsje Ar Rumaytah.

Binnen de omheining, in strenge rijen: de boogtenten, de containers en de witte prefab-huisjes en de slaapverblijven van de Nederlandse militairen. Allemaal met airconditioning, want met 48 graden in de schaduw verandert elke ruimte zónder airco binnen de kortste keren in een sauna.

Tot de aflossing in juli is dit de dagelijkse leefomgeving van de 212 mannen van het B-team - alleen mannen, want vrouwelijke militairen zijn er niet op kamp Ar Rumaytah. Veel te beleven is er niet. Er is `club relax', het manschappenverblijf met fleurige Iraakse bankstellen, alcoholvrij bier en de satelliet-tv die het Journaal met een half etmaal vertraging uitzendt. Er is de klaverjascompetitie op vrijdagavond. Er is het internetcafé. En er is het krachthonk, waar zolang de airco werkt het stikt van de militairen die werken aan hun meestal toch al indrukwekkende torso.

De lichaamscultuur onder de jonge beroepsmilitairen bepaalde tijd (BBT'ers) is opvallend: zelf op het heetst van de dag liggen er getatoeëerde jonge kerels op het zonneterras. Om goed bruin te zijn voor hun vriendin als ze terugkeren, zegt een oudere onderofficier.

Elke gelegenheid tot een (alcoholvrij) feestje wordt aangegrepen. ,,Er wordt hier veel georganiseerd'', zegt sergeant Rob – achternamen van sommige militairen zijn op verzoek van het ministerie van Defensie weggelaten. Er zijn filmavonden. Koninginnedag zou worden gevierd, de verjaardag van prinses Máxima op 17 mei ook, net als de `mid-term dag' op de helft van de `tour' van vier maanden. Maar door de oplopende spanning in april en mei gingen de meeste activiteiten niet door. ,,Tijdens de verjaardag van Máxima stonden we op een reactietijd van nul minuten'', vertelt Rob. Ook Koninginnedag viel in het water. In de nacht van 29 op 30 april kwam het `kamp van de vrede' onder vuur te liggen. Twee mortiergranaten kwamen buiten de omheining terecht. De derde viel midden in het kamp. De auto van de dokter werd doorzeefd met granaatscherven. In de weken erna ging het alarm nog twee keer, en moesten de mannen opnieuw sprinten naar de bunker. Beide keren bleek het loos alarm.

,,Hij werkt nog hoor'', zegt commandant Ton Witkamp. In de hoek van zijn het kantoortje staat een heuse mortier. ,,82 millimeter'', zegt Witkamp. Een Nederlandse patrouille vond het ding een paar kilometer van de basis opgesteld. Twee dagen nadat de Limburgse Jagers in Ar Rumaytah het Korps Mariniers hadden afgelost moesten ze al in actie komen, bij een plundering van een vrachtwagen op de weg naar Bagdad. ,,Toen zaten we meteen in het plaatje'', zegt Witkamp. Vooral in de maanden april en mei hebben de mannen van het B-team het vervolgens zwaar gehad. Patrouilles werden beschoten met kalasjnikovs en met rpg's – rocket-propelled grenades – en antitankgranaten waarvan je de baan kunt volgen door hun oranjekleurige staartvlam. ,,Vuurpijlen'', noemt Witkamp ze, ,,die langs onze auto's flitsten.''

Op 17 april ontsnapten de mannen aan een hinderlaag, maar wisselden wel schoten uit met Irakezen. En op 10 mei, de avond dat sergeant Steensma in As Samawah door een aanslag om het leven kwam, kwam ook een patrouille in Ar Rumaytah onder vuur. Tijdens het korte maar hevige vuurgevecht vielen er geen gewonden. ,,Ik ben blij dat we in de aanloop van de missie zo intensief hebben geoefend'', zegt Witkamp.

,,Niet zo hard'', waarschuwt luitenant Dirk Morskink als we in `club relax' over Steensma komen te spreken. De 36-jarige sergeant van de Luchtmobiele Brigade was gelegerd in het plaatsje Al Khidr, enkele tientallen kilometers verderop, maar het defensiewereldje is klein. ,,Er zijn hier mensen die hem hebben gekend'', zegt Morsink ernstig. De incidenten van de afgelopen weken hebben hun weerslag gehad op de mannen van het B-team. Erover praten doen ze liever niet. Je kunt maar beter niet al te veel nadenken over het gevaar, zeggen de mannen. ,,Anders heb je hier een kuttijd'', zegt soldaat Toon. ,,We merken wel wat er gebeurt'', zegt soldaat Rick. ,,Je doet er toch niets aan.''

Ook humanistisch raadsman Jan Smit – pakje Marlboro naast de zware shag voor hem op tafel – formuleert behoedzaam. ,,De mannen zijn op hun qui-vive'', zegt hij tenslotte. Hij inhaleert diep. ,,Na de beschieting overheerste vooral een gevoel van opluchting: `wat hebben we een geluk gehad'. Sommige jongens schrokken daarna van harde geluiden. Anderen hadden slaapproblemen. Mensen maken bruggetjes. Zo van: `vanavond is het hetzelfde weer als die avond'. Of: `nu kunnen we rustig slapen, want op dit tijdstip gebeurt er toch niets meer'.''

Na ieder schietincident worden de mannen gedebrieft, vertelt kapitein Guy van Bohemen, na Witkamp de hoogste commandant in Ar Rumaytah. Daarna gaan ze zo snel mogelijk weer op patrouille. ,,De beste remedie is: het gewoon weer zo snel mogelijk doen.''

,,Best indrukwekkend'', vindt de kapitein het hoe ,,die jonge gasten'' de gebeurtenissen verwerken. Toch heeft geestelijk verzorger Smit het er naar eigen zeggen ,,behoorlijk druk'' mee gehad. ,,Wat er gebeurde riep veel vragen op. We kwamen hier om góed te doen, dacht men. En dan gebeurt er dit.''

Het loopt naar het middaguur. De mannen van luitenant Dirk Morskink zijn terug van patrouille, en ploffen lui in de banken van `club relax'. Op tv gaat het over de Europese verkiezingen. ,,Dáár gaat ons geld heen'', zegt een van de soldaten. ,,Ondertussen wordt onze brigade in Seedorf opgeheven.'' De patrouille is ontspannen verlopen: lachende Irakezen, enthousiaste kinderen. De laatste weken, zegt sergeant David, is het weer rustig geworden in Zuid-Irak. ,,Daarvoor was de sfeer gespannen. Nu merk je dat de mensen vriendelijker zijn. Maar je weet het nooit. Het kan van de ene op de andere dag omslaan.''