Het beeld

De enige keer dat multi-instrumentalist John Coltrane (1926-1967) zijn compositie A Love Supreme zelf voor een publiek speelde was in 1965 op het jazzfestival van Antibes. Een groot deel van de toehoorders liep voor het einde weg, want wat nu als Coltrane's meesterwerk wordt beschouwd, was voor zijn tijdgenoten wel erg experimenteel.

Niet zo lang geleden doken er tot nu toe onbekende, schokkerige filmbeelden op van dat concert. Ze waren te zien in de aflevering Saint John Coltrane van de uitnemende BBC-kunstrubriek Imagine, waar eerder de schilders Lucian Freud en Edward Hopper werden ontleed. Presentator Alan Yentob concentreert zich bij Coltrane op de (letterlijk) religieuze cultus die rond hem is ontstaan. Een aartsbisschop van de Church of St. John Coltrane in San Francisco speelt daar zelf in vol ornaat saxofoon, maar ook elders wordt de spirituele zelfbevrijding van heroïne- en alcoholjunk Coltrane als inspirerend voorbeeld gezien. We volgen Coltrane's Japanse discograaf bij diens eerste bezoek aan het huis in Long Island, net op tijd gered van de sloop, waar Coltrane A Love Supreme schreef. Zelfs regisseur Lol Lovett durft met de camera bebop-patronen te weven van de ornamenten boven de veranda.

Componisten zijn lastige mensen, en zelfs hun familieleden schamen zich soms voor hen, zo luidt ook de conclusie van het derde deel van de NPS Klassiek-serie Het meesterwerk, gewijd aan de Mondscheinsonate (opus 27.2) van Ludwig van Beethoven (1770-1827). Op zijn oude dag werd de allengs in zichzelf gekeerde Beethoven gearresteerd wegens landloperij. Zelfs zijn beroemdste evergreen blijkt weerbarstige trekjes te vertonen, zo toont presentator Renee Jonker aan in gesprekken met pianiste Ellen Corver en Beethovens bewonderaar, de moderne componist György Kurtág.

In een televisietalkshow over kunst zou Beethoven noch Coltrane snel uitgenodigd worden. Gustav Mahler (1860-1911) trouwens ook niet. Frank Scheffers zondag door de AVRO uitgezonden afscheidsdocumentaire voor Riccardo Chailly, Ich bin der Welt abhanden gekommen (Ik ben de wereld kwijtgeraakt), bestreed weliswaar de opvatting dat Mahlers Negende symfonie zijn naderende dood aankondigde, maar ik zie een nieuwe Mahler niet bij Hadassah de Boer of Matthijs van Nieuwkerk in TV3 om commentaar gevraagd worden op het EK Voetbal, zoals choreograaf Hans van Manen overkwam. Ook Chailly en Scheffer is dat bespaard gebleven.

Op tijdstippen dat er geen voetbal is (zondagmiddag, 's nachts na enen) zijn er nog boeiende kunstprogramma's te zien op de Nederlandse publieke netten, gemaakt door mensen die veel van hun onderwerp afweten. Het zijn programma's waar je wat van kunt leren, en die ook hartstochtelijke affiniteit met rebellie verraden. Ze zullen het niet lang uithouden, wanneer de regering deskundigen op het terrein van media en marketing gaat aanstellen. Ik zie daar geen Nederlandse Alan Yentob uit voortkomen, maar wel een heleboel Hadassah's en Matthijsen. Het wordt bijna tijd de stokoude zuilen te gaan verdedigen.