`Veel mensen zijn blij met me'

Sommige beroepen hebben hun imago niet mee. Een kijkje in de wereld van de paardenslager. ,,Een paard krijgt tijd om te leven, een koe of varken niet.''

Paardenslager is een uitstervend beroep in Nederland. Luc van der Maaten (61) is een van de vier nog overgebleven paardenslagers. ,,Dertig jaar geleden kon je in Rotterdam nog op 41 plaatsen vers paardenvlees kopen, nu nergens meer. Mensen uit die regio kunnen alleen nog bij mijn winkel in Schiedam terecht.'' Zijn klanten komen ook uit verder gelegen regio's als Brabant en Gelderland. ,,Zij zeggen weleens tegen mij: je gaat er toch niet mee stoppen, hè?''

Toch kan niet iedereen het werk van Van der Maaten waarderen. ,,In de meeste gevallen reageren mensen raar als ik hun vertel dat ik paardenslager ben'', vertelt Van der Maaten. ,,Vaak trekken mensen even hun wenkbrauwen op, maar ik maak ook gekkere dingen mee.'' Zo was er een meisje van een jaar of 12 dat erachter kwam dat haar favoriete pony van de manege door Van der Maaten geslacht werd. ,,Ze belde elke dag wel twintig keer naar de winkel. Als je dan opnam, legde ze de hoorn neer. Gek werden we ervan.'' Of die keer dat hij op een manege werd uitgescholden door volwassen vrouwen, omdat hij een kreupel paard kwam halen. ,,Het paard kon niet meer lopen. Maar de vrouwen die erbij waren zagen mij als de beul. Ze wilden niet accepteren dat het voor het paard afgelopen was. Als ze mij dood hadden kunnen schieten, hadden ze dat gedaan.''

Van der Maaten trekt zich weinig van deze reacties aan, zegt hij. En hij heeft er ook wel begrip voor. ,,Voor sommigen is een paard net als een huisdier. Ze verzorgen het dier dagelijks.'' Soms heeft Van der Maaten er zelf moeite mee om een paard te slachten. Een eigenaar van een zevenjarig paard kwam zijn dier brengen. Hij mocht van de dokter niet meer paardrijden en daarom wilde hij dat het paard doodging. ,,Ik heb nog geprobeerd het leven van het paard te rekken, want het was gezond en mooi. Het hielp niet.'' Spijtig vond hij het wel. ,,Ik ben een paardenliefhebber. Ik fok ze ook. Maar als ik het niet had gedaan, dan had iemand anders het geslacht.''

Nadat Van der Maaten heeft uitgelegd wat zijn werk inhoudt, zijn mensen beter te spreken over zijn beroep, zegt hij. ,,Een paard krijgt namelijk de tijd om te leven, een koe of varken niet. Pas als het paard iets mankeert, gaat het naar een slager.'' En omdat paarden niet voor de slacht gefokt worden, is het vlees gezond, zegt hij. ,,In het vlees zitten geen residuen van het een of het ander. Ik krijg regelmatig mensen in mijn winkel die bijvoorbeeld een zwakke lever hebben en door de dokter naar mij gestuurd zijn.''

Bij toeval werd Luc van der Maaten paardenslager. Niemand in zijn familie was slager. Een vriend van zijn vader had een slachthuis in Zwolle. Hij ging er werken, mede omdat hij een aardig loon kreeg. Daarna werkte hij nog bij een slagerij in Kampen, op een slachtplaats in Rotterdam en hij werkte als slager bij warenhuisketen Vroom & Dreesmann. Hij wilde altijd al voor zichzelf beginnen en in 1968 nam hij die stap. Voor relatief weinig geld kocht hij een paardenslagerij in Rotterdam. De eigenaar had de pensioensgerechtigde leeftijd en moest ermee stoppen. Begin jaren tachtig verhuisde hij door het aanleggen van de metro in Rotterdam, naar de Groenelaan in Schiedam. ,,De stad lag open en mensen konden mij nauwelijks bereiken. De omzet halveerde in een maand.''

Het werk als paardenslager bevalt Luc van der Maaten nog altijd. ,,Het is een heel mooi beroep. Je bent met iets bezig dat altijd anders is. Geen enkel paard is hetzelfde. En ik heb er altijd mijn boterham mee kunnen verdienen.'' Hoewel de vraag naar paardenvlees is afgenomen, kon Van der Maaten blijven bestaan. ,,Ik bewerk het vlees op een manier die de mensen aanspreekt, heel ambachtelijk.'' Van der Maaten verwerkt het hele dier. Alleen het slachten laat hij elders doen. ,,De meeste slagers van nu zijn enkel vleesverkopers.''

Maar het wordt slagers niet makkelijk gemaakt het hoofd boven water te houden, zegt hij. ,,De richtlijnen van de Europese Unie zijn erg aangescherpt. Een slachter waar ik wel eens mijn paarden laat slachten, heeft na de varkenspest een spuitplaats moeten bouwen om risico's op ziektes te voorkomen. Dat kostte hem 80.000 gulden, terwijl hij nooit varkens slacht.''

Inmiddels loopt Luc van der Maaten zelf tegen de pensioengerechtigde leeftijd aan. Wanneer hij precies stopt, weet hij nog niet. ,,Misschien over drie jaar, dan werk ik vijftig jaar.'' Potentiële opvolgers zijn er niet. Zijn enige dochter werkt bij de Kinderbescherming. ,,Als ik ermee stop, zal de winkel dichtgaan, denk ik.'' Wat hij het meest zal missen? ,,De omgang met de klanten. Ik heb veel trouwe klanten die blij met me zijn.''

Dit is een rubriek over beroepen met een negatief imago.

Volgende week: de rattenvanger