Sterke stijging ongewone geldtransacties Nederland

Het aantal ongebruikelijke financiële transacties is het afgelopen jaar in Nederland sterk gestegen. Het afgelopen jaar zijn bij het meldpunt 177.000 meldingen binnengekomen, een stijging van 29 procent ten opzichte van een jaar eerder. Het aantal meldingen heeft daarmee opnieuw een recordhoogte bereikt.

Dit blijkt uit het jaaroverzicht van het meldpunt dat minister Donner van Justitie naar de Tweede Kamer heeft verzonden.

De stijging is vooral veroorzaakt door een sterke toename van het aantal money transfers. Dit zijn transacties waarbij geld wordt overgemaakt naar en van het buitenland. Het aantal money transfers lag vorig jaar op 123.000. Hiervan zijn er ruim 27.000 bestempeld als verdacht.

Transacties zijn verdacht als bijvoorbeeld het vermoeden bestaat dat er geld wordt witgewassen. De verdachte geldtransacties komen vooral voor tussen Nederland en de Nederlandse Antillen, Turkije en Colombia. Volgens de Wet Ongebruikelijke Transacties (MOT) moeten contante stortingen van meer dan tienduizend euro worden aangemeld bij justitie. Soms is een melding het begin van een strafrechtelijk onderzoek.

Verder heeft het meldpunt ruim 33.000 meldingen ontvangen van ongebruikelijke transacties bij banken, wisselkantoren, casino's en creditcardmaatschappijen. De banken leverden daarvan het leeuwendeel met 24.000 meldingen.

De MOT-regeling is de afgelopen jaren uitgebreid. Behalve financiële instellingen moeten sinds 2001 ook makelaars, juweliers en kunsthandelaren ongebruikelijke transacties aanmelden. Zij meldden vorig jaar ruim 20.000 transacties aan. Circa 700 van deze meldingen zijn aangemerkt als verdacht.

Het kabinet heeft vorige maand in een brief aan de Tweede Kamer aangegeven dat er verhoogde aandacht nodig is voor opsporing en vervolging van witwassen. Het openbaar ministerie werkt aan een `aanwijzing witwassen'. Daarnaast werkt de overheid aan integratie van het meldpunt en het bureau van de landelijk officier inzake de wet ongebruikelijke transacties. Tot dusver zijn er 275 `MOT-dossiers' waaraan opsporingsambtenaren werken.