Monopolie NS beangstigt provincies

De provincies vrezen dat de Nederlandse Spoorwegen zich als een monopolist gaan gedragen in de onderhandelingen over de toekomst van veertien onrendabele spoorlijnen.

De 19 provinciale overheden (provincies en samenwerkende kaderwetgebieden) hebben in een brief aan staatssecretaris Schultz van Haegen (Verkeer en Waterstaat) hun zorg hierover geuit. Zij denken dat door het monopolie van de NS deze lijnen ernstig gevaar lopen.

De veertien spoorlijnen bevinden zich door het hele land. Ze worden nog wel bediend door NS, maar behoren niet meer tot het kernnet, ze vallen onder het ministerie van Verkeer en Waterstaat. De provincies bekijken op verzoek van de staatssecretaris of zij de verantwoordelijkheid voor de onrendabele lijnen willen overnemen (decentralisatie). De provincies kunnen de lijnen `verkopen' aan de hoogste bieder of op de trajecten bussen inzetten. Willen de provincies de trajecten niet, dan beslist het ministerie wat ermee gebeurt.

Volgens de Zuid-Hollandse gedeputeerde M. Norder, woordvoerder namens de provincies, is nu al sprake van moeizame besprekingen met NS. ,,Alle provincies geven aan dat de onderhandelingen met NS een uiterst moeizaam proces is'', zegt Norder. ,,In feite hebben we met een monopolist te maken en NS speelt die kaart ook. Wij zien het niet zitten met een private monopolist te onderhandelen.''

De onrendabele lijnen delen stations en stukken spoor met het kernnet van NS. Norder: ,,Willen we straks over de lijnen gaan rijden, zijn we afhankelijk van NS. En die kan momenteel alle voorwaarden stellen die ze wil. NS kan bijvoorbeeld zeggen: jullie mogen niet ons station binnenrijden. Wij vinden dat onaanvaardbaar.''

Momenteel bereidt het ministerie met NS een contract voor dat NS het alleenrecht over het kernnet geeft tot 2015, de zogeheten vervoerconcessie. Als in dit contract niet komt te staan dat NS met de provincies op gelijke voet moet onderhandelen, ,,schatten wij in dat de decentralisatie van het spoor niet zal lukken'', zo schrijven de provincies.

NS zegt in een reactie dat ,,NS uiteraard alle wensen van regionale overheden zo goed mogelijk wil honoreren, maar dat voor een optimale dienstregeling voor de meeste reizigers het niet in alle gevallen voor 100 procent zal lukken om ook alle lokale verbindingen optimaal af te stemmen op de landelijke dienstregeling''. Overigens vindt NS dat de komende vervoerconcessie voorziet in ,,structureel overleg'' met overheden.

    • Japke-d. Bouma