Koštunica onder druk

In Servië heeft de uitslag van de eerste ronde van de presidentsverkiezingen de druk op premier Vojislav Koštunica om zijn regering te wijzigen en toenadering te zoeken tot de Democratische Partij (DP), de partij van zijn vroegere aartsrivaal Zoran Djindjic.

Bij de verkiezingen van zondag eindigde de kandidaat van de regeringspartijen op een kansloze vierde plaats, met nog geen 13,3 procent van de stemmen. De twee winnaars – de extremist Tomislav Nikolic van de Servische Radicale Partij (SRS) en Boris Tadic van de Democratische Partij – maken op 27 juni in de tweede ronde uit wie president van Servië wordt.

Na de verkiezingen is Koštunica geconfronteerd met diverse dilemma's. Zijn coalitiepartners hebben inmiddels allemaal – net als de meeste kleine democratische partijen – voor de tweede ronde hun voorkeur voor Tadic uitgesproken en willen dat Koštunica en zijn Democratische Partij van Servië (DSS) dat ook doen. Gisteren weerstond de premier die druk. De coalitiepartners willen bovendien dat de Democratische Partij van Tadic toetreedt tot de minderheidsregering van Koštunica – die in het parlement afhankelijk is van de steun van de socialisten, de partij van Slobodan Miloševic. Ook daarvan wil Koštunica vooralsnog niets weten. Sommige coalitiepartners van Koštunica hebben gepleit voor vervroegde parlementsverkiezingen in Servië, als alternatief voor de toetreding van de DS tot de regering. De DSS heeft overleg met de coalitiepartners aangekondigd. Sommige media zien daarin een aanwijzing dat Koštunica en de DSS wellicht alsnog kunnen worden overgehaald Tadic te gaan steunen in de tweede ronde van de presidentsverkiezingen.

Tomislav Nikolic, leider van de ultra-nationalistische SRS, de grootste partij van het land, zei gisteren Koštunica uit te nodigen voor overleg over vervroegde parlementsverkiezingen, die hij ,,de enige oplossing voor de politieke crisis'' noemde. De SRS zou bij vervroegde parlementsverkiezingen waarschijnlijk nog groter worden dan ze nu al in. Wijziging van de regering noemde Nikolic ,,uitgesloten''. Nikolic eiste gisteren ook een televisiedebat met Tadic. Hij zei in zo'n debat onthullingen te zullen doen over ,,de criminele organisatie die Tadic naar de tweede ronde heeft geholpen'' en over ,,de banden tussen de DS [van Tadic] en de georganiseerde misdaad''.

Nikolic, die in de eerste ronde van zondag ruim 30 procent van de stemmen kreeg (tegen Tadic ruim 27) is als tweede man van de SRS de plaatsvervanger van Vojislav Šešelj, die in Den Haag gevangen zit op verdenking van oorlogsmisdaden in Kroatië, Bosnië en Vojvodina. Nikolic heeft de voorbije campagne alles gedaan om de indruk te wekken dat zijn SRS een gematigde rechtse partij is en om af te rekenen met het imago dat de SRS dankzij Šešelj geniet: dat van een extremistische, ultra-nationalistische en ultra-rechtse partij. Hij kreeg gisteren vanuit Den Haag het lid op de neus. SRS-chef Šešelj zei tijdens een zitting van het Joegoslavië-tribunaal dat de SRS en hijzelf altijd zullen blijven streven naar een Groot-Servië. ,,De SRS en ik zullen nooit ophouden met de pogingen een Groot-Servië te scheppen'', aldus Šešelj, die de Kroatische steden opnoemde die volgens hem bij Servië horen. Groot-Servië, zo voegde hij daaraan toe, ,,is de zin van mijn leven''.