Ontspannen doopdienst van prinses Amalia

Amalia gaapt alleen maar als er drie teugen water over haar hoofdje worden gegoten. Haar grootvader, Jorge Zorreguieta, huilt.

Nout Wellink, president-directeur van De Nederlandse Bank praat geanimeerd met Ernst Hirsch Ballin, lid van de Raad van State. Job Cohen, burgemeester van Amsterdam, rijdt vol toewijding zijn vrouw in haar rolstoel binnen. Drie rijen achter Jozias van Aartsen, fractievoorzitter van de VVD, zit oud-lijsttrekker Hans Dijkstal van de liberalen. Van Aartsen lacht met CDA-fractievoorzitter Maxime Verhagen langs de hoed van mevrouw Verhagen. Dijkstal kijkt stil voor zich uit. Vorige week hekelde hij de VVD voor de felle toon van het integratiedebat. Oud-premier Wim Kok – die twee jaar geleden met zijn vrouw Rita door de kamer danste toen bekend werd dat de Jorge Zorreguieta niet op het huwelijk van zijn dochter aanwezig zou zijn – zit nu acht rijen achter Zorreguieta.

Toch hangt er geen spanning in de lucht. Carmen Zorreguieta lacht, de koningin lacht terug. Af en toe schijnt de zon door de hoge kale ramen van de Grote of St. Jacobskerk in Den Haag waar 1.200 genodigden aanwezig zijn. Aan de pilaren zijn kransen van Festiva Máxima-pioenrozen bevestigd. Aan het plafond hangen kroonluchters gemaakt van kindertekeningen – de duizend inzendingen voor een tekenwedstrijd. Meer dan tweehonderd kinderen van 12 en 13 jaar, afgevaardigden uit de provincies en de grote steden, huppelen naar hun plaats. Ze hebben roze petten en hoedjes op en dragen lichte zomerkleren. De dames dragen de voorgeschreven middagjapon met hoed, de heren een donker pak.

De zoons van prinses Margriet, Prins Floris en Pieter-Christiaan, verschijnen voor het eerst met hun respectievelijke vriendinnen Aimée Söhnge en Anita van Eijk. Prinses Mabel, in het wit, loopt zwaaiend met haar tas de kerk in. Als prinses Amalia in haar doopjurk van Brussels kant met haar ouders de kerk betreedt, zeggen de genodigden ,,Ahhh''. Zelfs om de kleine afwijkingen van het protocol – zoals dat scherp is vastgelegd in een gedrukt draaiboekje – wordt gelachen. Als ceremoniemeester Monod de Froideville de ouders, Willem-Alexander en Máxima, om vijf voor twaalf een knikje geeft ten teken dat zij de kerk in kunnen lopen, gaat een deel van de aanwezigen staan, weer zitten en toch staan. Iedereen lacht.

Pas als dominee Carel ter Linden aan zijn preek begint, verliest de ceremonie even haar lichte toets. Hij vertelt over de reus Christophorus, een beeld van deze reisheilige is voor de gelegenheid in de doopkerk geplaatst. Christophorus was eenzaam, want hij was het sterkst. Hij won altijd. Christophorus diende de koning die dankzij hem – hij doodde tienduizend man – de oorlog won.

Ter Linden haalde – een dag na het regeringsbesluit tot verlenging van de Nederlandse missie in Irak – een enquête aan waaruit blijkt dat jongeren zich zorgen maken over de wereldvrede. ,,Is dat niet omdat zij voelen dat aanwending van brute macht (...) waarvan wij de gruwelijke beelden kennen, uiteindelijk `zum Teufel führt'?''

Christophorus wilde de machtigste man ter wereld dienen. Dat was aanvankelijk de duivel en uiteindelijk Jezus Christus. Hij deed dat als veerman: hij droeg voorbijgangers op zijn brede schouders over de rivier. Op een dag droeg de reus een zwaar klein kind naar de overkant. Het bleek Christus te zijn.

Ter Linden vergelijkt het doopwater – dat voor deze gelegenheid door drie vrienden van Willem-Alexander uit de rivier de Jordaan naar Nederland was gebracht – met het krachtige rivierwater waar Christophorus door waadde. ,,Zal de mens erdoorheen komen, zal hij zijn heilige roeping veilig naar de overkant dragen?'' Hij spreekt zijn zorg uit over Amalia. ,,Want als het eenmaal tot haar doordringt voor welke toekomst zij in de wieg is gelegd, is de kans groot dat zij denkt: maar wil ik dit wel? Moet ik dit ook? Wie vraagt dat van mij? (...) En als naast de schoonheid van haar roeping, ook de zwaarte daarvan tot haar doordringt, zal zij ook denken: kán ik dat wel?'' Een antwoord heeft Ter Linden ook voor haar: ,,Ieder mens die het op zich neemt om Christus hoog te houden in zijn leven, ook Amalia, zal merken dat hij daarbij ook zélf door Christus, door Gods géést gedragen wordt.''

Het koningskind Amalia wordt stil binnengedragen – door haar tante Laurentien. Máxima en de koningin kijken elkaar aan. Dan klinkt er gehuil. Het blijkt de tweejarige Isabella – dochter van Bernhard jr. te zijn. Amalia gaapt alleen maar als er drie teugen water over haar hoofdje worden gegoten. Haar grootvader, Jorge Zorreguieta, huilt. ,,Neem de wereld mee op je reis'', wenst peetoom Constantijn Amalia toe. ,,Open je ogen voor wat anders is en laat je daardoor inspireren.'' En peetoom Herman Tjeenk Willink, voorzitter van de Raad van State, wenst haar ,,de ruimte om jezelf te blijven''. De koningin knikt goedkeurend. Tijdens het slotlied, een vertaling van `O God, our help in ages past' zingt Máxima haar kindje toe.