`De piramide onder de top wordt smaller'

De opheffing van de vier militaire orkesten heeft grote gevolgen voor de amateurmuziek. Veel musici uit de militaire kapellen zijn dirigent, docent of solist bij amateurfanfares.

Sergeant-Majoor Arnold Span, eerste klarinettist van de Johan Willem Friso Kapel, dirigeert ook de Koninklijk Erkende Vriezenveense Harmonie, de Koninklijke Harmonie St.-Joseph uit Oldenzaal en de Koninklijke Harmonie Apollo De Wijk.

Span: ,,Een ander gaat voor de televisie zitten 's avonds, wij gaan nog op pad om les te geven of te dirigeren. In de sportwereld geldt eigenlijk hetzelfde: er zijn ook militaire sportinstructeurs die 's avonds nog een zwemclub of voetbalclub trainen. Het is vrijetijdsbesteding, Defensie is mijn broodheer. Maar door op deze manier ook in de civiele wereld werkzaam te zijn, vervullen we een pr-functie voor Defensie. Dit soort activiteiten komt door de bezuinigingen op de defensie-orkesten indirect in gevaar.''

Adjudant Henk Oenema is hoornist en bibliothecaris van de Koninklijke Militaire Kapel. Daarnaast dirigeert hij bij Concordia Oostzaan en Kunst en Vriendschap in Zoetermeer. Oenema: ,,Dirigenten die zelf in een professioneel orkest spelen, hebben veel feeling met het repertoire. De vernieuwingen in het vakgebied worden immers in de professionele ensembles geïntroduceerd. De professionele orkesten zijn sinds jaar en dag het grote voorbeeld van wat mogelijk is, en de amateur probeert dat te volgen. Ook op die manier zal het opheffen van zo'n kapel zeker invloed hebben. Wat ik hier bij de Koninklijke Militaire Kapel leer, geef ik ook door aan mijn orkesten.''

Span: ,,Als professioneel orkest speel je vaak de nieuwste muziek. De amateurgezelschappen zien dit als voorbeeld. Ze horen opnames of komen naar onze concerten om te luisteren wat er aan nieuws in de wereld is. Eigenlijk zijn wij de ambassadeurs van de blaasmuziek. Zowel landelijk als internationaal zijn de Nederlandse orkesten toonaangevend.''

De plaatselijke harmonie- en fanfareorkesten vormen de kweekvijver voor muzikaal talent. Jacob Slagter, eerste hoornist van het Koninklijk Concertgebouworkest, debuteerde ooit in de plaatselijke Friese fanfare. Slagter: ,,We zijn allemaal een keer ergens begonnen. Je start onderaan de piramide, en gaat met vallen en opstaan naar de top. Die top is natuurlijk smal, maar als je die piramide eronder niet hebt, kun je nooit aan de top komen. Het ene heeft ábsoluut met het andere te maken. De grote dirigent Daniel Barenboim zei het al eens: Waar blijven wij als professionals als er geen amateurisme meer is?''

Professionele musici kunnen en moeten een belangrijke stimulerende rol spelen in het amateurleven, meent ook Slagter: ,,Het is voor professionals ontzettend belangrijk dat ze contact met het amateurisme houden, want daar wordt de amateur weer beter van. De professional stimuleert jong talent, dat vervolgens ook weer kan opklimmen. Ik ben er heilig van overtuigd dat die twee dingen absoluut moeten samengaan, ze kunnen niet zonder elkaar opereren.''

Span: ,,De band tussen amateurs en professionals is in Nederland zeer sterk, en dat is eigenlijk uniek in de wereld. Als je die cirkel gaat doorbreken, zal dat een kaalslag opleveren.''

De regionale spreiding van de militaire musici (Amersfoort, Assen, Den Haag en Vught) wordt kleiner als straks alleen in Assen en Vught nog vervangende professionele ensembles zijn gevestigd. Oenema: ,,In de regio Den Haag ontstaat absoluut een probleem. Ik denk ook wel eens over wat ik zou doen als ik naar Assen zou moeten. Ik heb hier twee goede orkesten en daar wil ik voorlopig niet vanaf.''

Span: ,,Voor het noorden is het mooi dat er toch een gezelschap blijft dat bestaat uit professionele musici. Er zijn hier niet zoveel professionele gezelschappen. In het westen zitten meer symfonieorkesten; daar gebeurt in professioneel opzicht op cultureel gebied meer dan in de rest van het land, waar de amateuristische beoefening juist weer groter is.''

Oenema: ,,Er blijft natuurlijk militaire muziek. Maar hier in Den Haag valt gewoon een professioneel orkest weg – tenminste, als alles doorgaat. Wij hopen natuurlijk dat de minister gevoelig is voor de vragen van VVD-kamerlid Van Baalen, onze laatste strohalm. Het verdwijnen van ons orkest zou het verdwijnen van een onafgebroken lijn van 175 jaar muzikale traditie betekenen.''

Slagter: ,,De Koninklijke Militaire Kapel heeft een heel specifiek geluid, een heel specifieke benadering van muziek. Die zachte gloed in de klarinetten bijvoorbeeld, die nooit scherp wordt. Het is een klank die je in geen enkel ander harmonieorkest tegenkomt.

,,Je kunt dat goed vergelijken met het Koninklijk Concertgebouworkest. Wij hebben in honderd jaar ook onze eigen identiteit gevormd, bij de Koninklijke Militaire Kapel is dat niet anders. Het is een zeer professioneel ensemble, een harmonieorkest van de bovenste plank. Daarom heeft het een belangrijke plaats verworven als voorbeeld voor de amateuristische muziekbeoefening. Dat wordt nu gewoon wegbezuinigd. Gewoon weg, alsof het niet belangrijk is!''