Oude dodo

De dodo is al drie eeuwen uitgestorven, maar de wetenschappelijke discussie over de precieze datum van zijn verdwijning is nog springlevend. Vorig jaar berekenden Andrew Solow en David Roberts dat de vogel met een zekerheid van 95 procent moet zijn uitgestorven tussen 1669 en 1797 (Nature, 20 november 2003). Kort daarna bracht de Nederlandse historicus Perry Moree in deze krant daar tegenin dat Solow c.s. twee late waarnemingen van dodo's niet in hun berekeningen hadden meegenomen. De waarnemingen kwamen van Isaac Joan Lamotius, de Nederlandse gouverneur van Mauritius, die in zijn dagboek twee vangsten van dodo's meldde, in 1687 en 1688. Solow gaf de omissie toe, maar riposteerde dat het hem alleen om de rekenmethode ging.

Deze week komt Nature op de kwestie terug, met een herberekening door drie Britse biologen onder leiding van Julian Pender Hume (Nature, 10 juni). Behalve Lamotius' meldingen nemen de Britten nog twee late waarnemingen mee. Zo komen zij nu uit op een uitsterfdatum van 1693, met een 95% betrouwbaarheidsinterval van 1688 tot 1715. Het scheelt slechts drie jaar met de Solows berekening (1690) maar het betrouwbaarheidsinterval is nu fors verkleind: 27 jaar in plaats van 128 jaar.

    • Sander Voormolen