Midden-Europa kiest `nationaal'

Binnenland en economie bepalen het beeld bij de Europese verkiezingen van morgen in de nieuwe EU-landen.

De stapel foldertjes wordt niet kleiner. Studenten Dominik en Agnieszka vragen vanonder een parasolletje op een druk kruispunt in Warschau aandacht voor de Europese verkiezingen van morgen. Dominik: ,,Ik heb al gesproken met een gek en een man die zich verveelde.'' Agnieszka: ,,De mensen die gaan stemmen zijn niet echt in Europa geïnteresseerd. Ze willen hun ergernis over de nationale politiek uiten.''

In Polen, maar ook in Tsjechië (waar gisteren de stembussen open gingen), Slowakije, Hongarije en Slovenië worden de verkiezingen voor het Europees Parlement aangegrepen om te klagen over de eigen leiders. Alle peilingen wijzen erop dat de regeringen in deze landen zullen worden afgestraft door de kiezers, die liever rechtse, extremistische, communistische of anti-Europese partijen naar Straatsburg sturen.

De Poolse politiek verkeert sinds maart in een impasse. De regering weet haar noodlijdende bestaan tot nu toe steeds te rekken, maar onder druk van de oppositie komen vervroegde verkiezingen dichterbij. ,,De Europese verkiezingen zijn een opwarmertje voor de nationale verkiezingen'', zegt politiek analist Michal Czaplicki. Volgens peilingen zal het oppositionele Burgerplatform (PO) eenderde van de 54 Poolse zetels in Straatsburg bemachtigen. De regerende socialisten (ex-communisten) krijgen mogelijk geen enkele zetel.

In Tsjechië werpt de aanhoudende kritiek van president Václav Klaus op de Europese Unie vruchten af. Zijn partij, de centrumrechtse Democratische Burgerpartij (ODS), krijgt naar verwachting tien van de 24 Tsjechische zetels in het Europarlement. Op de verkiezingsposter van ODS is een omgekeerde (socialistische) roos afgebeeld die wordt afgeknipt.

[vervolg MIDDEN-EUROPA: pagina 5]

MIDDEN-EUROPA

Regeringen in nieuwe EU-landen afgestraft

[vervolg van pagina 1]

De in Praag regerende socialisten eindigen als derde en moeten de tweede plaats afstaan aan de communisten, die veel gedesillusioneerde Tsjechen weten aan te spreken. De verkiezingen kunnen leiden tot een regeringscrisis. Petr Mareš, leider van de Vrijheidsunie, de kleinste coalitiepartner in Tsjechië, treedt af als het zijn partij niet lukt om ten minste één zetel te bemachtigen, zo heeft hij gezegd.

In Slowakije hebben de vakbonden zich volledig tegen de centrum-rechtse regeringscoalitie van premier Dzurinda gekant, die zij beschuldigen van een a-sociaal economisch beleid. De bonden roepen op om massaal op de oppositie te stemmen, ofwel op de populisten van Smer, een partij zonder echt programma, die volgens peilingen wel op eenderde van de veertien Slowaakse zetels in het Europarlement kan rekenen.

In Hongarije lijken de regerende socialisten iets meer succes te gaan boeken, met naar verwachting tien van de 24 Hongaarse zetels. Maar ook zij worden voorbijgestreefd door de rechtse oppositiepartij, Fidesz, die van de Europese verkiezingen een referendum over de regering heeft gemaakt.

De Slovenen, het meest `euro-enthousiast' onder de toetreders tot de Europese Unie vorige maand, zijn volgens de peilingen de enige kiezers in Midden-Europa die hun centrum-linkse regering (van de liberaal-democratische LDS en de ouderenpartij DeSUS) onder leiding van premier Rop niet zullen afstraffen.

De eurosceptische partijen gaan het meeste profiteren van de verwachte lage opkomsten, tussen de 30 en 45 procent. Een peiling van het Poolse dagblad Rzeczpospolita voorspelt in Polen zelfs een opkomst van 25 à 30 procent. Afgelopen donderdag (10 juni) was een katholieke feestdag en veel Polen hebben een korte vakantie gepland. Dit werkt vooral in het voordeel van boerenpartij Samoobrona (Zelfverdediging), waarvan de aanhang op het platteland woont, doorgaans arm is en niet op vakantie gaat.

Niet alle rechtse partijen zijn gebaat bij een lage opkomst. In Slowakije werkt dit naar verwachting vooral in het voordeel van de gedisciplineerde partij van etnische Hongaren, de SMK, die in de regering zit. Robert Fico, de leider van oppositiepartij Smer, heeft de Slowaken daarom opgeroepen te gaan stemmen ,,opdat er Slowaken naar het Europees Parlement gaan''. Echte Slowaken, geen Slowaken van Hongaarse afkomst.

Europa speelt in de meeste campagnes een ondergeschikte rol. De Tsjechische ODS en de Hongaarse Fidesz-partij beloven een einde te zullen maken aan de beperkingen die West-Europese landen hebben opgelegd aan werknemers uit het oosten. Het probleem is dat Straatsburg daarover niets heeft te zeggen, merkte het Tsjechische dagblad Hospodáˇrské noviny vorige week op. De restricties zijn immers op nationaal niveau ingevoerd.

In Polen wordt de kiezers vooral nieuwe infrastructuur beloofd, zoals de uibreiding van de metro van Warschau, autowegen of sociale woningbouw. ,,De meeste kwesties die in de campagnes worden aangesneden zijn Pools'', zegt analist Czaplicki. ,,Polen is nog maar net EU-lid en veel Polen, ook politici, weten nog niet zo goed wat het Europees Parlement is.''

Soms wordt niets beloofd, maar moeten persoonlijkheid en karakter de doorslag geven. Studenten Dominik en Agnieszka delen folders uit van Michal Kaminski, van de rechtse partij Recht en Rechtvaardigheid (PIS). Kaminski spreekt volgens de folder drie talen. En zijn opa, die in 1939 nog Warschau verdedigde, vertelt dat hij zijn kleinzoon als goede Pool heeft opgevoed.

,,Er staat niets in die folder'', klaagt Agnieszka. Ze gaat op PIS stemmen – ,,de ex-communisten moeten weg'' – maar op een andere kandidaat dan Kaminski. Het bekertje cola waaruit ze net heeft gedronken waait om, over de folders. De stapel wordt eindelijk kleiner.