Duitsers

De voorpost van het Oranjelegioen heeft zich al flink laten horen in Albufeira. Voor elke training van het Nederlands elftal komen ze aandruppelen in het lokale stadion. In een outfit au grand complet: oranje van lijf en leden, oranje beneusd en betoeterd, oranje beschminkt tot diep onder de navel, oranje in de genen. En een lawaai dat ze maken. ,,Hé Dick, hoor je ons?''

Charter op Schiphol een vliegtuig vol Nederlanders, laat ze uit in de Algarve en je hebt Duitsers. Dat wil het enthousiaste volksdeel van de natie niet horen, maar zelfkennis is nooit de sterkste kant van voetbalsupporters geweest. Nederland-Duitsland is Nederland-Nederland.

Er is nog meer inwisselbaarheid. In Duitsland hakt Franz Beckenbauer, zowat dagelijks, met de zeis op Die Mannschaft in. Niemand deugt, leve het volk, is de teneur van zijn column in Bild. Op de televisie doet hij daar nog een schepje bovenop: Rudi Völler kan beter opstappen, de hele selectie zou beter opstappen, de bond is al helemaal ten dode opgeschreven. Klasse en succes zijn exclusief voorbehouden aan de éénpersoonsstaat Beckenbauer.

Het Big Bang-model.

Wij hebben daar Co Adriaanse voor. Co is al even orgastisch in de destructie als der Franz. Ook hij hanteert de zeis, zij het op zijn Hollands: vanuit een vakantie-adres in de Alpen. De vluchtroute is nauwgezet in zijn zakjapanner ingetikt. Vrouw en familie leven al een tijdje ondergedoken. En als het er echt toe doet, is er nog altijd Jack van Gelder voor de nodige schimmigheid. Het provinciale succesje met AZ is Co zo naar het hoofd gestegen dat hij zelfs Johan Cruijff meent te mogen overvleugelen als orakel des vaderlands.

Franz en Co: Duitsers onder elkaar.

De media wentelen zich in de brandstichting van Oranje. Karaktermoord, ophef over de marmeren vloer in de kamers van de spelers, vragen over het verdachte silhouet van een vrouw achter het doel van Van der Sar, suggestief rumoer rond de vermeende huwelijkscrisis van Eef Brouwers, berichten over de maagzweer van Dick Advocaat, en dit alles namens de natie met één doel voor ogen: Europees kampioen worden.

Stel dat het gebeurt. Dan moeten de spelers op het bordes bij Jan Peter Balkenende. In 24 uur is de glans van de titel weg, rukt de schaamte uit, leven we niet meer in Duitsland, maar in de vroegere DDR. Want zo mag je dat toch zeggen, de geraamtes van Honecker en Balkenende: Duitsers onder elkaar.

Ik beween nu Ray Charles. Jaap Stam: ,,Ray wie?'' Frank de Boer: ,,Doe mij maar Zwarte Lola.'' Johnny Heitinga: ,,Wij hebben geen Ray in onze familie.'' Edwin van der Sar: ,,Wat zeg je me nou, is Barney dood?'' De enige die nog weet wie Ray Charles is, is Dick Advocaat. Blinden onder elkaar. Maar wel met de blues in hart en nieren, in hoofd en ogen, in de onzegbaarheid van een kleine komaf.

Mijn vriend Dickie.

Ik zie hoe hij in de bus stapt. Ik zie die ogen vol onrust. Ik zie hoe hij lijdt aan zijn onvoltooide zwijgzaamheid. Ik zie het spasme in het verlangen naar omhelzing. Hij staat er wel. Kort aangebonden van heup en verbeelding, maar in brons gegoten met de fanatieke oprechtheid van het poldermodel. Dick is, tegen zijn gebeente in, rond van mening, rond van liefde, rond van hulpeloosheid. De Nederlander die niet van Advocaat houdt, heeft een probleem van zelfhaat.

Ik hou van hem.

Hij weet het niet, zijn junta-voorlichter Pedro Salazar weet het niet, Eef Brouwers houdt zich überhaupt niet met liefde bezig en Henk Kesler is nog aan het uitvinden wat liefde is. Dan sta je wel alleen, in Oranje. Ja, er is nog Willem van Hanegem, maar deze huurling heeft nog nooit iets anders gedaan dan ham, kaas, boter en dollars hamsteren. Willem is de ultieme croque monsieur, niet eens gegrild in liefde.

Een croque met humor, dat wel. Tegen Rafael van der Vaart zei hij dat hij bij de slager naar de kapper was geweest. ,,Dat is goedkoper.” Vervolgens lachte hij zich een ongeluk.

Dick Advocaat lacht nooit, zal altijd Ronald Reagan op een sterfbed zijn. Of Marcello Mastroianni. Hij heeft er zeker het kapsel voor. En de aura: gebeiteld als hij is in een beate grimas, zonder weerwoord, tegen de verdoemenis in. Coach voor regen en onweer. In Albufeira was het gisteren 35 graden.

    • Hugo Camps