Diplomatie helpt kabinet

Het besluit over de verlenging van de militaire presentie in Irak viel het kabinet gemakkelijker dan verwacht. Met dank aan VN-resolutie 1546.

Het ging er dit voorjaar steeds penibeler uitzien voor het kabinet. Zienderogen liep de toestand in Irak uit de hand. Zelfs in het tot dan rustige Al-Muthanna, de provincie waar de Nederlanders bivakkeren, werd het snel onrustiger. Bovendien riep PvdA-leider Bos, in navolging van zijn Spaanse partijgenoten, dat het tijd werd de eigen militairen uit Irak terug te trekken. Tot overmaat van ramp voor het kabinet sneuvelde er vorige maand een eerste Nederlandse militair bij een beschieting.

Kon het kabinet in die omstandigheden de ruim 1.300 militairen in Zuid-Irak wel handhaven? Was er nog wel voldoende draagvlak in de Tweede Kamer, waar ook GroenLinks en SP al categorisch tegen verlenging waren en ook de eigen coalitiepartij D66 begon te twijfelen?

In die dagen zag minister Bot (Buitenlandse Zaken) zich genoopt zijn Japanse collega gerust te stellen, die bezorgd bij hem aan de telefoon hing of de Nederlanders inderdaad zouden vertrekken uit Irak. In dat geval zouden de Japanners, die met zo'n 600 militairen assisteren bij de civiele wederopbouw van Al-Muthanna, het veld ook wel eens kunnen ruimen. En dat zou zo mogelijk nog harder aankomen bij de lokale bevolking dan een Nederlandse aftocht, want de Japanners pompen liefst anderhalf miljard dollar per jaar in projecten in Zuid-Irak.

Als bij toverslag lijkt het tij slechts enkele weken later gekeerd. Om te beginnen is het aanmerkelijk rustiger in Al-Muthanna geworden, al dan niet dankzij de sinds kort aanwezige Nederlandse Apache-gevechtshelikopters. Daarnaast, onderstreepte Bot, heeft mee gespeeld dat premier Allawi van de voorlopige Iraakse regering Nederland uitdrukkelijk heeft verzocht om langer te blijven.

Maar veel belangrijker nog is de diplomatieke omslag in New York. De maandenlange impasse tussen de Verenigde Staten en hun tegenstanders – met name Frankrijk, Duitsland en Rusland – werd eindelijk doorbroken. Zo kon de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties dinsdag unaniem een nieuwe resolutie aannemen, die precies behelsde waarom de PvdA én het kabinet hadden gevraagd. Resolutie 1546 bevestigt onder meer de overdracht van de soevereiniteit aan de voorlopige Iraakse regering en stipuleert dat er voor 31 januari 2005 verkiezingen moeten worden gehouden. Voorts kent ze een grotere rol toe aan de Verenigde Naties dan tot dusverre en verleent ze het voorlopige bewind de bevoegdheid de buitenlandse troepen desgewenst naar huis te sturen.

Met die troefkaart achter de hand, was het plotseling een stuk makkelijker voor het kabinet de verlenging goed te keuren. En zo geschiedde. Uiteraard verklaarde premier Balkenende met een ernstig gezicht dat een dergelijk besluit niet lichtvaardig door het kabinet wordt genomen. ,,Besluiten over Irak zijn altijd moeilijk'', onderstreepte hij. Maar het was duidelijk dat het kabinet, inclusief D66, er ditmaal betrekkelijk snel uit was.

En het draagvlak? Het moet gek lopen wil de PvdA zich niet alsnog achter het verlengingsbesluit scharen. Gisteravond was de partij echter nog niet zover. Het PvdA-Kamerlid Koenders kondigde aan dat zijn partij nog eens ,,zorgvuldig en kritisch'' naar het kabinetsbesluit zou kijken. Nu echter aan veel van haar eisen is tegemoet gekomen, kan ze zich moeilijk tegen het kabinet keren. Dat naast de SP en GroenLinks ook de LPF tegen een verlenging met acht maanden is – de partij acht om niet geheel duidelijke redenen slechts een verlenging van vier maanden aanvaardbaar – doet er dan niet meer zoveel toe.

Toch realiseert het kabinet zich heel goed dat de missie in Irak hachelijk blijft. Het is heel goed denkbaar dat het land in de aanloop naar de soevereiniteitsoverdracht van 30 juni opnieuw ten prooi valt aan nieuwe aanslagen. Minister Kamp (Defensie) gaf dat gisteren ook met zoveel woorden toe. Niet voor niets blijven de Nederlandse Apache-gevechtshelikopters tot nader order in Zuid-Irak. Er is immers geen enkele garantie dat de huidige relatieve rust blijft bewaard.

Om te voorkomen dat de Nederlanders voor onbepaalde tijd in een Iraaks moeras blijven steken, hebben Balkenende en de zijnen nu een betrekkelijk harde einddatum verbonden aan de nieuwe verlenging. ,,,Acht maanden is goed en dat is het dan ook'', aldus de premier gisteren ferm. Tegen die tijd zullen de Nederlandse troepen zo'n twintig maanden in Al-Muthanna hebben gezeten. Lang genoeg om in goed fatsoen het toneel weer te verlaten en hopelijk vroeg genoeg om zonder al te veel kleerscheuren thuis te komen.