Vlaams Blok groeit door

,,U mag het succes van mijn regering afmeten aan de neergang van het Vlaams Blok.'' Dat had de Belgische premier Guy Verhofstadt beter niet kunnen zeggen, bij zijn aantreden in 1999. Sindsdien is het Blok – toen rond de 15 procent in Vlaanderen – namelijk fors gegroeid. Volgens de laatste peiling gaat de partij bij de regionale verkiezingen zondag méér stemmen halen dan Verhofstadts VLD: 22,6 procent.

Eén op de vijf Vlamingen stemt dus Vlaams Blok. Er zitten hard-core racisten tussen. Maar de meesten zijn `bange luyden': nationalisten die niet in één land verder willen met de `corrupte' Franstaligen, arbeiders die boos zijn dat ze geen werk en gunsten meer krijgen van de socialistische partij.

Het Blok is vooral de partij van de misnoegden. Hoe groter de partij, hoe meer ze haar taal matigt. Het Blok wil kiezers in het politieke centrum trekken en salonfähig worden om op den duur coalities met andere partijen mogelijk te maken. Heeft u de pest aan flitspalen? Dan gaat het Blok er ook tegen tekeer. Scheuren de bio-vuilniszakken die uw gemeente voorschrijft, ook snel? Het Blok maakt er een issue van. Ook in rijke dorpen scoort het soms hoog, bij wijze van `verzekering' tegen engs dat er nog niet is, maar wel kan komen.

Het politieke establishment heeft het Blok lang genegeerd. Dat zorgde voor taboes. Omdat het Blok `zeurde' over migranten, durfden andere partijen niet óók te zeggen dat migranten Vlaams moeten leren. Nu er geen ontkomen meer aan is, juicht het Blok: ,,Wij hebben dit altijd gezegd!''

Het Blok is net een clickfonds: het rendement stijgt alleen maar. Toen de partij laatst werd veroordeeld voor racistische geschriften, schoot ze in de peilingen omhoog. Andere partijen juichten niet over het vonnis uit angst de niet-racistische Blok-kiezer van zich te vervreemden.

Wie de opmars nog kan stoppen, weet niemand. Het enige waar andere partijen nog op hopen, is dat het Blok zijn twee achterbannen – de oude extremisten en de nieuwe, gematigder aanwas – niet meer tegelijk kan plezieren. De enige die het Blok nog de das om kan doen, lijkt het Blok zelf.

    • Caroline de Gruyter