Islamdebat Rotterdam `dialoog tussen doven'

Uitspraken van wethouder Pastors (Leefbaar Rotterdam) over domme moslims vielen slecht bij de gemeenteraad. De wethouder vindt dat het bij zijn rol past.

Zijn moslims dom en arm? Volgens de Rotterdamse wethouder Marco Pastors (Leefbaar Rotterdam) wel. ,,De imam en de oude politiek spreken af: hou jij ze dom, dan hou ik ze arm'', zei Pastors 19 mei in het televisieprogramma 2 Vandaag.

Of bestaan er over moslims beelden die geen feiten hoeven te zijn? Dat denkt het college van burgemeester en wethouders. ,,Verschillen in opvattingen en beelden tussen bevolkingsgroepen kunnen een belangrijke belemmering vormen voor integratie'', staat onder het kopje Islam in de Voorjaarsnota die de Rotterdamse gemeenteraad gisteren behandelde. Omdat B en W van Rotterdam ,,ervan overtuigd zijn dat een open debat het wederzijdse begrip kan bevorderen'', organiseert het college dit najaar ,,publieke debatten over de islam'', waaronder ,,een internationale conferentie die ook de media in de thuislanden bereikt''.

Dus boog de gemeenteraad zich gisteren over de vraag: zijn deze stadsdebatten bedoeld als dialoog of ,,maakt de wethouder van een dialoog een debat tussen doven'' (PvdA-fractieleider Bert Cremers), waarbij ,,de ondertoon van het hunne en het onze steeds meer mensen uit elkaar drijft'' (Manuel Kneepkens, Stadspartij).

Wethouder Pastors legde uit dat het één het ander niet uitsluit. Volgens hem wil het college als geheel ,,een mooi debat organiseren'', maar kijken tegelijk de verschillende wethouders ,,allemaal anders tegen de wereld aan''. Pastors: ,,Als college denken wij: een debat over de islam is een kwestie die wij aankunnen. Maar het is een moeilijk en gevoelig thema. Dus dan ga je met z'n allen op zoek naar manieren om dingen te zeggen. En dat doen wij dan zonder van tevoren tegen elkaar te zeggen wat wel mag worden gezegd en wat niet. We spelen gewoon allemaal onze eigen rol.''

Dat beaamde CDA-wethouder Sjaak van der Tak, die zei dat híj op televisie ,,zulke woorden niet zou hebben gebruikt''. Van der Tak: ,,Maar ik begrijp dat Marco Pastors ze wel gebruikt''. Ook Van der Tak maakte onderscheid tussen uitspraken namens het college (,,en dat waren deze uitspraken niet'') en uitspraken van de verschillende wethouders afzonderlijk. Hij ziet de debatten over de islam als ,,een dialoog uit respect voor het geloof dat mensen hebben''. Van der Tak: ,,De norm die ík hanteer is: alle burgers zijn mij even lief.''

Maar moet de stadsbevolking dan niet weten dat wethouders niet namens het college praten als zij op televisie verschijnen, wilde de oppositie nog weten. Volgens Van der Tak ,,zou u daar een punt kunnen hebben'', maar had aan de andere kant het college ,,nu alles uitgelegd aan de gemeenteraad''. Pastors van zijn kant keek daar een slag anders tegenaan. Hij sprak van ,,sluitend beleid''. Pastors: ,,De preek, de wortel en de stok, die heb je als college allemaal nodig.''