Overleven dankzij de incontinentieluier

SCA Hygiene Products in Hoogezand, producent van luiers en maandverband, verplaatst een deel van de productie naar Slowakije. Maar er komt een nieuwe productielijn voor incontinentieluiers voor terug.

Het productieproces van maandverband en luiers ontloopt elkaar niet zo veel. Papiervezels worden, volautomatisch, uit elkaar getrokken tot een soort watten en door zeefjes in de gewenste vorm geperst. Daarna wordt er een laagje absorberende korrels aan toegevoegd en worden ze verpakt in dun textiel, dat is voorzien van elastiek en een plakstrip. En dat zo'n duizend keer per minuut.

Toch zijn luiers in de fabriek van SCA Hygiene Products in het Groningse Hoogezand wel rendabel te produceren en maandverband niet. ,,Of beter gezegd niet meer'', zegt directeur Bert-Jan Bruning, die verantwoordelijk is voor de productie van onder meer Libero Up & Go broekluiers, Libresse maandverband en Tena Lady incontinentieproducten. ,,Maandverband is een product dat aan het einde van zijn levenscyclus zit. Er zit geen groei meer in.''

Dat komt doordat de doelgroep van de damesproducten van SCA Hoogezand, menstruerende vrouwen in West-Europa, door demografische ontwikkelingen kleiner van omvang wordt. De vraag naar maandverband krimpt daardoor met een paar procent per jaar, waardoor de producenten met overcapaciteit komen te zitten. ,,Dat heeft een prijsdrukkend effect. Om toch winst te kunnen maken, moeten de productiekosten zo laag mogelijk zijn.''

SCA, het Zweedse moederbedrijf van de fabriek in Hoogezand, heeft daarom besloten de productie van maandverband voor de Europese markt te concentreren op één plek, in Slowakije. ,,Dat was de productielocatie met de laagste kosten, daar konden wij met onze hoge lonen niet tegenop.''

Het verschil in loonkosten was niet het enige argument. ,,In Oost-Europa groeit de markt voor maandverband nog wel. Voor een fabriek in een sector die standaardproducten maakt, zoals de onze, is het belangrijk om producten te maken waar groei in zit'', zegt Bruning. ,,Onze producten hebben een klassieke levenscyclus. In het begin zijn de volumes klein en de marges hoog. Daarna worden de volumes groter en de marges kleiner, tot je op het punt komt dat de markt krimpt en je beter productiecapaciteit kunt afstoten.'' Voor maandverband, waar wereldwijd voor 8,3 miljard euro van verkocht wordt, is dat punt in Hoogezand bereikt, maar in Slowakije nog lang niet.

Het is overigens niet de eerste keer dat SCA Hoogezand productie afstoot. ,,Een productielijn draait bij ons gemiddeld een jaar of tien en verdwijnt dan weer.'' Zo werd in het verleden de productie van medisch verband en tampons gestaakt. In de jaren negentig vervingen broekluiers (Libero Up & Go) de productie van traditionele `open' babyluiers. En het gebreide maandverband waar de fabriek in Hoogezand in 1963 mee begon, evolueerde in veertig jaar tot een kleiner, dunner, beter absorberend product met vleugels.

,,Tegenover het sluiten van oude productielijnen stond gelukkig ook steeds het openen van nieuwe'', zegt Bruning. Zo produceert SCA Hoogezand sinds 1995 incontinentieluiers, waar SCA inmiddels wereldmarktleider in is. De 4,6 miljard euro grote wereldmarkt voor incontinentieproducten groeit dankzij de vergrijzing met 5 tot 7 procent per jaar. ,,Incontinentieproducten zitten wel nog aan het begin van hun levenscyclus'', zegt Bruning. ,,Dus nu loont het nog om die hier te maken.''

De fabriek in Hoogezand produceert lichte incontinentieproducten voor vrouwen (Tena Lady) en luierbroeken voor ernstiger incontinentieproblemen. Op 23 juni opent staatssecretaris Van Gennip (Economische Zaken) een tweede productielijn van incontinentiebroeken, een investering van 60 miljoen euro. Door deze uitbreiding hoeft SCA Hoogezand ondanks de sluiting van de twee lijnen voor maandverband geen van zijn 800 werknemers te ontslaan.

Dat SCA Hoogezand de interne concurrentiestrijd om investeringen in nieuwe productielijnen al vaker heeft weten te doorstaan, blijkt uit de snelle uitbreiding in de afgelopen jaren: in vier jaar werd het personeelsbestand met 300 man uitgebreid. ,,De fabriek in Hoogezand heeft altijd kunnen overleven door op tijd uitontwikkelde bulkproducten af te stoten en over te schakelen op nieuwe producten in nichemarkten, die in korte tijd een snelle groei doormaken'', aldus Bruning. ,,Wij zijn vooral goed in producten aan het begin van hun levenscyclus, als we nog waarde kunnen toevoegen door de machines te verbeteren en het productieproces te versnellen.''

    • Jochen van Barschot