Nijs exit

Het besluit van staatssecretaris Nijs (Onderwijs, VVD) om af te treden kwam twaalf uur te laat. Niet in het debat met de Tweede Kamer dinsdagavond, maar zoals Kamerlid Slob (ChristenUnie) gisteren terecht vaststelde, in een `derde termijn' achter gesloten deuren met de VVD-partijtop brak het inzicht door bij de bewindsvrouw. Wat iedereen al wist: zij had geen positie meer om goed te kunnen functioneren. Deze gang van zaken valt te betreuren. Politieke helderheid dient geschapen te worden in het publieke debat in het parlement, niet in het achterkamertje van de macht.

Het standpunt van fractievoorzitter Van Aartsen dat ,,zaken nu eenmaal gaan zoals ze gaan'' moet camoufleren wat dinsdagavond fout ging. Hij koos op dat moment voor een campagnebijeenkomst in Amsterdam in plaats van in de Kamer leiding te geven aan een debat waar het politieke voortbestaan van een liberale staatssecretaris op het spel stond. Nu hield de fractie zich kennelijk knarsetandend aan de marsorder om de `eigen' staatssecretaris tegen beter weten in te steunen. Partijleider Zalm heeft te lang willen vasthouden aan zijn protégé en was dinsdag evenmin op de plaats des onheils. Nu moesten Van Aartsen en Zalm gisterochtend met een esprit d'escalier tot de ontdekking komen hoe fataal het debat was verlopen. De staatssecretaris werd het kabinet uitgerommeld.

De motivering voor het aftreden die de staatssecretaris gaf, werpt een schril licht op de verhoudingen tussen de coalitiepartners CDA en VVD. Zij moest niet weg omdat het vertrouwen van de minister ontbrak of omdat de Kamer het vertrouwen had opgezegd – daar heerste slechts `treurnis'. Nijs moest weg omdat zij, zoals ze het noemde, een hindernis was geworden in de uitruil van belangen tussen beide partijen. Daarmee kwam het wantrouwen bij de liberalen jegens de grotere coalitiepartners scherp in beeld. Voor het debat dinsdagavond voorspelde een minister wat er voortaan zou gebeuren: Van der Hoeven zou Nijs een touw om de nek leggen en haar als een paardje rondjes laten lopen. Die deerniswekkende vertoning werd door de partijtop gisteren voorkomen.

Voor een afgerond oordeel over het functioneren van Nijs als staatssecretaris voor het hoger onderwijs heeft zij te kort haar functie bekleed. Soms getuigde zij van een visie, zoals met haar plannen om weer selectie aan de poort van de univerisiteiten in te voeren. Dat die visie totaal afweek van ideeën in christen-democratische kring, vormt onderdeel van het probleem dat tot haar terugtreden leidde. Nijs verspreidde daarnaast op het departement het imago van turnaround-manager. De weerstand die dit opriep bij haar ambtenaren leidde er eveneens toe dat zij intern als handelingsonbekwaam werd gezien en, erger, ook zo werd behandeld. Dit valt de departementale leiding aan te rekenen.

Het kabinet-Balkenende II begint na een jaar haarscheuren, butsen en deuken te vertonen. Minister-president Balkenende kon gisteren zijn irritatie over de onverhoedse manoeuvre van de VVD-top niet verbergen. In de Kamer leverde hem dat terecht de vraag op van de oppositie wie eigenlijk de regie heeft in het kabinet. Zo heeft de minicrisis rond Nijs alleen maar verliezers opgeleverd.